Opinie

De jonge vrouw pakt haar ruimte in Amsterdam

Wat maakt blij of irriteert in Amsterdam? Een zomerserie over de (on)genoegens van de stad. Woensdag Xandra Schutte over een inhaalslag.

'In de figuurlijke ruimte hebben vrouwen de inhaalslag nog niet gemaakt; als het om de fysieke ruimte gaat des te meer' Beeld Mike Ottink

In mijn buurt in het centrum is het schering en inslag: jonge vrouwen die mij fietsend op de stoep nog net niet van de sokken rijden, die hun scooters zo op het trottoir parkeren dat niemand zich er nog langs kan wurmen of die dwars door de verkeersregelaar proberen heen te fietsen terwijl hij kleine schoolkinderen helpt oversteken - niet zelden hebben ze in dat laatste geval zelf een (leeg) kinderzitje op de fiets.

Korte metten
Het was in mijn herinnering Renate Dorrestein die er een flink punt van maakte in haar columns in Opzij die ze onder de ferme noemer Korte metten in de jaren tachtig publiceerde. Hoewel een column, hoe vilein en vrolijk ook, niet de invloed heeft irritante gewoonten onmiddellijk te laten verdwijnen, is er in dit geval wel degelijk een en ander veranderd.

Waar Renate Dorrestein zich toentertijd druk om maakte, was grof gezegd het thema man en ruimte. Mannen vinden het, aldus Dorrestein, volstrekt vanzelfsprekend om letterlijk en figuurlijk de ruimte te annexeren.

Vraag als vrouw op een feestje beleefd wat hij zoal doet voor de kost, en je krijgt een urenlang exposé over hoe hij als vertegenwoordiger van suikerzakjes of plakband het land doorkruist - met een ernstig gezicht alsof hij hoogleraar in de kwantummechanica of macro-economie is.

En als er al de wedervraag komt wat jij doet, en je mompelt iets over jouw beroep, volgt een spontaan college daarover.

Het is een gewoonte die nog steeds bestaat, getuige het nieuwe begrip mansplaining, dat sinds een paar jaar opgeld doet in de VS: uitgebreid oreren over een onderwerp zonder er rekening mee te houden dat je gehoor er minstens evenveel zo niet veel meer van afweet, iets wat mannen vaak bij vrouwen doen.

De Amerikaanse schrijfster Rebecca Solnit verklaart het in haar essay Men explain things to me (2014) uit een combinatie van een 'overdosis aan zelfvertrouwen en onbenulligheid'.

Verrevelders
In de figuurlijke ruimte hebben vrouwen de inhaalslag nog niet gemaakt; als het om de fysieke ruimte gaat des te meer. Dorrestein beschreef beeldend hoe ze in het openbaar vervoer die ene zitplaats naast een man probeerde in te nemen en hij zo wijdbeens zat dat zij slechts bescheiden op een halve bil het overgebleven stukje bank kon gebruiken.

Het is ogenschijnlijk een onbenullig voorbeeld - waar maak je je druk om? - maar het gaat over iets groters: van wie is de publieke ruimte? Hoe deel je die? In hoeverre heb je oog voor de andere gebruikers ervan?

Die man in de column van Dorrestein zág niet eens dat zij een zitplaats naast hem zocht. Het is niet zomaar een kwestie van onbeleefdheid, van gebrek aan opvoeding en ontwikkeling.

Jaloezie
Het zijn juist studentes en jonge hoogopgeleide vrouwen die het vanzelfsprekend vinden dat de ruimte van hen is. Ze praten, zoals een vriendin het ooit noemde, als 'verrevelders': met een volume alsof ze altijd aan de andere kan van het hockeyveld verstaan moeten worden.

Ze kijken dwars door je heen terwijl ze je van de sokken rijden. En zeg je er iets van, dan halen ze nuffig hun schouders op.

Gelijkheid tussen man en vrouw, ik ben er altijd helemaal voor geweest. Misschien is het de jaloezie van iemand die decennialang niet al te moeilijk deed over het zitten op een halve bil dat ik me nu groen en geel erger aan de jonge Amsterdamse vrouwen die zich hooghartig de publieke ruimte toe-eigenen. Ze hebben allicht een staat van emancipatie bereikt die mij nog niet deelachtig is geworden. Sterker: ze hebben een grote inhaalslag gemaakt.

Xandra Schutte, Hoofdredacteur Groene Amsterdammer Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.