Art Rooijakkers en zijn twee dochtertjes.Beeld Artur Krynicki

De Hollandse horizon is nog niet verloren

PlusArt Rooijakkers

De tweeling Puk en Keesje, geboren in 2017, zijn kinderen van de 21ste eeuw. Wat houdt dat in en hoe ziet hun leven straks eruit? Vader Art Rooijakkers gaat op onderzoek uit. Vandaag: de verdozing van het landschap.

Rijdend over ’s Heeren wegen is het een doorn in mijn oog. De horizonvervuiling en verrommeling van ons landschap. De Hollandse vergezichten van zeven­tiende-eeuwse meesterschilders als Jacob van Ruysdael zijn ingeruild voor een eindeloos lint van distributiecentra, geluidswallen en reclame­masten waar zelfs een 21ste-eeuwse Jan van Goyen niets meer van kan bakken. Zien mijn dochters straks nog een weiland wanneer ze het land doorkruisen?

“Het tempo van het verval van ons landschap is ongekend hoog en extremer dan in alle andere landen van Europa. In één generatie zul je ons landschap vanaf de snelweg of vanuit de trein niet meer herkennen. Hallen, geluids­wallen, bedrijvenparken, kassen, zonneparken, windmolens, billboards, het sublieme perspectief van onze horizon met lage luchten verdwijnt,” stelt landschapsarchitect Adriaan Geuze, die het over ‘miezerland’ heeft wanneer hij dit soort non-descripte gebieden beschrijft.

En hij heeft gelijk. In totaal staan in ons land 2215 distributiecentra. Hallen met een gezamenlijk vloeroppervlak van 37 miljoen vierkante meter. De laatste jaren wordt in recordtempo het ene na het andere distributiecentrum XXL geopend, vorig jaar alleen al kwam er zo’n 2 miljoen vierkante meter bij. Een absoluut record.

In een recent rapport van het College van Rijksadviseurs staat flinke kritiek op deze ‘verdozing’ van Nederland. Architect Christopher de Vries schreef mee aan het rapport, dat op­roept grenzen te stellen aan de snelle opmars van enorme, raamloze distributiecentra. “We zijn aan het verlinten. Al lijkt het wel erger dan het is; je ziet het vooral vanaf de snelweg omdat de dozen juist daaraan worden neergezet. Daardoor krijg je het gevoel dat je van Amsterdam naar Stuttgart door een stad met middelmatige pragmatiek rijdt die ervoor zorgt dat je voor 1,50 euro alles op Bol.com kunt bestellen.”

We leven in een maakbaar landschap. Willen we meer ruimte voor woningen? Spuiten we toch een extra eiland op en noemen we het IJburg. Dus wat is er eigenlijk precies erg aan meebewegen met de eisen van de economie?

“Het belangrijkste is het culturele verlies, het verlies van onze identiteit,” vindt Adriaan Geuze, ook werkzaam als buitengewoon hoogleraar landschapsarchitectuur aan de Universiteit Wageningen. “Als je de grachtengordel afbreekt, zijn Amsterdammers heel ongelukkig, als je het Nederlandse landschap laat opslokken, zijn Nederlanders hun identiteit kwijt. Even een denkoefening: als je de Alpen weg zou nemen, zijn er dan nog Zwitsers...? Vraag aan buitenlanders wat Nederland is en ze noemen sloten, dijken en het zelfgemaakte polderland. Als we dat niet meer kunnen beleven, is dat vrij ernstig.”

Een leven waarin mijn dochters binnen 24 uur hun bestelde boek met landschapsfoto’s thuis kunnen laten bezorgen, maar waarin het landschap zelf is weggegeven aan de commercie die dat mogelijk maakt: het is een toekomstscenario dat me somber stemt. Totdat Christopher de Vries me met een cruijffiaanse wijsheid verrast: “We hebben een goede positie –een sterke planologische traditie en geen corruptie – om dit aan te pakken. Daarom zou ik geen doemscenario willen schetsen. Het enige dat mis kan gaan is dat we niets doen, dus laten we het doen.” Da’s logisch. Vaak moet er iets gebeuren voordat er iets gebeurt.

Voor deze rubriek werkt Art Rooijakkers ­samen met studenten (Condor) van de Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden