Babs Gons Beeld Artur Krynicki

De ‘freaky people’ geven de stad kleur. Ik mis ze

Plus Babs Gons

Ik liep zojuist de supermarkt binnen en dacht haar daar even te zien zitten. Op weg naar huis zag ik haar op elk bankje uitpuffen, met haar frêle gestalte, haar bleke gezicht met die vrolijke, troebele ogen. Bij thuiskomst dacht ik even haar stem te horen door het raam, maar toen ik naar beneden keek, was het bankje voor de deur leeg. Natuurlijk. Nooit zal ik haar meer zien lopen door de straat. Nooit zal ik haar nog tegen de poes horen praten. Ze is er niet meer.

Het voelt alsof ik niet alleen mijn buurvrouw kwijt ben, het voelt groter, alsof de straat iets kwijt is. De buurt, misschien zelfs de stad. Ze was een mens die net wat unieker was dan de rest van ons. Net wat meer in de rafelrandjes van de wereld leefde, op een ander ritme danste. Aan haar ­leven was niets gewoons. Ze leidde een ­leven waar mensen graag documentaires over maken, omdat het zo afwijkt.

Ik mis haar, ik mis mensen zoals zij. Onbewust zoeken mijn ogen de stad af, naar oudere vrouwtjes die als feeën tegen ­dieren praten, skaters die met blote billen door de stad sjezen, naar mensen die van zichzelf een kunstwerk maken. Naar mensen die zich niet zo druk maken over wat anderen van hen denken, die niet bezig zijn met hoe het hoort, die van hun tuin een bos maken tussen de aangeharkte perkjes, die zingen op straat. Die iedereen begroeten, of zoveel van dieren houden dat ze zelfs ­tegen de tijgerkop op je trui nog even ­gedag zeggen.

Zanger Michael Franti zong ooit: ‘All the freaky people make the beauty of the world.’ Ik houd van die zin. Hij heeft gelijk: ze geven het leven meer kleur, meer sjeu. Ze zorgen voor wat stilte in het rumoer van het alledaagse.

En terwijl ik de stad rondga, houd ik mijn hart vast, want de stad lijkt steeds meer de plooien eruit te strijken. Maar juist in de plooien is het warm. Hartelijk. Eigenzinnig. Daar in die plooien word je nog eens verrast. Ik moet er toch niet aan denken dat deze stad straks geen ruimte meer biedt aan de schoonheid van het afwijkende, het excentrieke.

Voor mijn straat lijkt het te laat, hier heeft sociale huur plaatsgemaakt voor de vrije sector. Dat verandert zienderogen de samenstelling. Geen eigenaardige, eigenzinnige mensen meer, die bijdragen aan het kleurrijke straatleven, maar vooral mensen die tijdelijk neerstrijken, wachtend op de koopwoning die bijna klaar is, en die je verder nooit ziet. En terwijl ik mijn straat bekijk vanuit het raam, betrap ik mezelf erop dat mijn ogen afglijden naar het bankje voor het huis. Leeg. 

Vanwege het zomerreces van de gemeenteraad verschijnt Republiek Amsterdam niet. Spokenwordartiest, schrijver en ­docent Babs Gons maakt ons deze weken deelgenoot van haar belevenissen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden