Opinie

‘De bom voor Joods restaurant HaCarmel was nep, het antisemitisme blijft’

Waarom zien bepaalde mensen een nepbom voor een koosjere shoarmazaak aan de Amstelveenseweg als een legitiem politiek statement tegen Israël, vraagt directeur van het CIDI Hanna Luden zich af in dit opiniestuk. 

Beeld ANP

Een doos met uitstekende draadjes en het opschrift ‘Heineken bierglazen’ wordt achtergelaten voor de deur van koosjer restaurant HaCarmel op de Amstelveenseweg. Kort na de vondst wordt de weg afgezet. Een agent loopt rond met een megafoon en zegt daarin: “Hier de politie, verlaat uw woning, meld u bij de politie.”

Volgens de al jaren ongewijzigde menukaart van het restaurant zijn geen van de leverschotels aan te bevelen. De bepantserde deskundige van de explosieven opruimingsdienst EOD en zijn robot hebben zo te zien geen kalfslever besteld. Gelukkig blijkt het om een nepbom te gaan.

Vanaf het eerste nieuwsbericht volgt het maatschappelijke raaskaldebat over antizionisme en antisemitisme op sociale media een herkenbaar, en deprimerend voorspelbaar patroon. AT5 kan de lawine van antisemitische reacties niet snel genoeg verwijderen en moet de discussie snel sluiten.

‘Wil je zeggen dat dit Joodse restaurant geen Israëlische vlag heeft binnen wapperen? Een Duits restaurant met een Duitse vlag tijdens de holocaust zou je toch ook niet cool vinden.’ ‘Je doet alsof Israël zo onschuldig is ofzo. Wees gewoon realistisch.’ Om nog maar te zwijgen van de bijdrages van ene Willem de Jood.

Het vergelijken van Israël met nazi-Duitsland maakt deel uit van de algemeen aanvaarde definitie van antisemitisme, net als het verband dat gelegd wordt tussen een anti-Joodse terreurdaad in Nederland met het beleid van Israël.

Storm van reacties

Twee jaar geleden werd de ruit van het restaurant ingeslagen door Saleh A, een Syrische Palestijn. Later heeft hij de zaak ook nog eens bespuugd.

Het zal geen Jood verbazen hoe het nieuwsbericht over het verdachte pakketje onmiddellijk leidt tot een storm van racistische reacties. Ook niet dat Israël er met de haren bij wordt gesleurd om een terroristische aanslag op een restaurant in Nederland goed te praten.

Dit gebeurt elke Nationale Dodenherdenking namelijk ook. Er kan blijkbaar niet worden stilgestaan bij grote of kleine antisemitische gebeurtenissen in Nederland zonder dat de Joden, pardon de zionisten, pardon Israël, door Willem de Jood en consorten daar zelf de schuld van in de schoenen geschoven krijgen.

Daarom krijgt Israël het op 4 mei steeds weer te verduren en wordt de Nederlandse Joodse gemeenschap steevast aangesproken op het beleid van Netanyahu. Want waarom zouden 100.000 Nederlandse Joden zijn vermoord als Israël niet zo slecht was?

Waarom zien bepaalde mensen een nepbom voor een koosjere shoarmazaak aan de Amstelveenseweg als een legitiem politiek statement tegen Israël? Waarom is anti-Joods terrorisme iets waar links en rechts de voors en tegens van kunnen afwegen?

Antisemitisme wordt bestempeld als de schuld van Israël; Israël is een stok om Joden mee te slaan. Het is onacceptabel en zeker niet vanzelfsprekend dat de Joodse gemeenschap in Nederland de schuld krijgt van gebeurtenissen in het Midden-Oosten en deze met antisemitisme moet bekopen.

Hanna Luden, directeur Centrum Informatie en Documentatie Israël

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden