Nico Dijkshoorn.Beeld Artur Krynicki

Dat verhaal over André Hazes en de Jordaan is verzonnen

PlusNico Dijkshoorn

Wat niet veel mensen weten is dat André Hazes werd geboren op Vlieland. Naast een vuur­toren. Hij heeft daar op school gezeten. André was een vlotte leerling. Hij stond vaak op het strand en tuurde naar de horizon. Hij viel al snel op door een bijzonder talent: André kon voorspellen of een meeuw naar links of naar rechts zou vliegen. “Links.” En verdomd.

Dat hele verhaal over de Jordaan, zijn lastige vader en zingen op het biljart is later allemaal door Jan Akkerman verzonnen. Die gaf hem ook de bekende zwarte hoed, die eerst door Thijs van Leer werd gedragen. André is gelukkig nooit gaan jodelen.

Hazes hield van schilderen. In van die vakjes. Niemand maakte mooier alle vakjes met het nummer 76 lichtbruin, wat toen een kleur was die je nog gewoon mocht gebruiken zonder dat je daarna je Twitteraccount moest verwijderen. Twitter heette toen nog ‘ingezonden brief naar de krant’.

Ongeveer dit verhaal vertelde ik donderdagmiddag, tijdens een inzamelingsactie voor het Koningin Wilhelmina Fonds, op Radio 2. Ik weet waar het vandaan kwam: de opeenvolging van wurgend persoonlijk verdriet.

Daar zaten we, in een fel verlichte studio, en we luisterden naar de verhalen van mensen die een dierbare hadden verloren aan kanker. Of die een dierbare dagelijks zagen vechten tegen kanker. Daarna werd er een plaat gedraaid waar kanker zich niets van aantrok, maar het troostte toch een beetje. “Tijdens deze plaat bakte Wim altijd rijst.”

Er gebeurde wat er ook gebeurde toen de vader van mijn ex-vrouw overleed. Hij heette Bas. Iedere dag na zijn gruwelijke dood werd de rouw dieper. Als wij een kwartier televisie probeerden te kijken telden we het aantal keren dat het woord ‘dood’ viel of we zagen allemaal lachende mensen die later doodgingen. Ze wisten het nog niet.

Na vier dagen rouw en na vier dagen zwijgend aan een tafel zitten liet de vrouw van Bas ons een bloemkool zien. Of we die nog konden eten. Op de bloemkool zat een uitstulping die precies op een neus leek, waardoor het groen van de bloemkool opeens een raar pruikje werd.

We hebben met zijn drieën bijna een half uur lang gelachen tot we niet meer konden. Die bloemkool redde ons. Meer verdriet konden we niet verdragen.

Dat is wat er donderdag gebeurde. Ik wilde de bloemkool zijn. Ik was de dansende gek bij de kist. Nu, op dit moment, schaam ik mij een beetje voor die vlucht. Ik moet dat leren: van André Hazes een Vlielandse boer maken verzacht geen pijn.

Nico Dijkshoorn schrijft twee keer per week een column voor Het Parool, en spreekt zijn bijdragen ook in. 

Reageren? n.dijkshoorn@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden