Opinie

‘Dat de sluiting van de Bos en Lommermarkt juist nú doorgaat is bizar’

Het is per 1 januari gedaan met de Bos en Lommermarkt. Stadsonderzoeker Tijs van den Boomen schrijft in dit opiniestuk over de teloorgang én de hoop voor de toekomst.

De eigenaar van het plein, LoneStar, wil het verkopen. En dat gaat gemakkelijker als de markt weg is.Beeld Jakob Van Vliet

De Bos en Lommermarkt loopt ten einde, vrijdag valt het doek voor een bijna zeventig jaar oude traditie. Eigenlijk mochten de kooplui tot 1 september volgend jaar blijven staan, maar toen Lone Star, de Amerikaanse eigenaar van het plein, met geld begon te zwaaien, ging de ene na de andere koopman door de knieën. Een leeg plein is makkelijker te verpatsen en dus is het op het Bos en Lommerplein vanaf 1 januari altijd maandag, de enige dag in de week dat er nooit markt was.

Omdat non-food vanwege de lockdown niet meer mag staan, is het een sterk uitgedunde bezetting die de markt ten grave draagt: alleen visboer Claus, de groenteboeren Mustapha, Dinesh en Leo, loempiabakster Ly, aardappelen- en uienboer Yen en fritesbakker annex koffiezetter Yama staan er nog. Maar zelfs in deze uitgeklede staat is het nog steeds een oase, als je het vergelijkt met Tuindorp Oostzaan, Buitenveldert, de Spaarndammerbuurt en al die andere buurten die het zonder markt moeten stellen. Laat staan met de marktwoestenij buiten de stad.

Als de coronacrisis één ding heeft geleerd, dan is het wel hoe belangrijk markten zijn voor de stad. In de eerste plaats omdat ze zorgen voor goedkoop voedsel – ik was van de week vier euro kwijt voor een kilo prei, twee ananassen, een kilo tomaten, een granaatappel en drie avocado’s. Projectleider schuldhulpverlening Erik Uijting waarschuwde bij de opheffing van de Bos en Lommermarkt: “Een op de vijf huishoudens zit op of onder de armoedegrens, voor hen is de markt essentieel. Mensen met geld hebben een alternatief, die kunnen naar Albert Heijn.”

Sociale honger

Minstens zo belangrijk is de sociale honger die markten stillen: juist tijdens een lockdown is de markt een van de zeldzame plekken om, veilig in de open lucht, allerlei mensen tegen te komen. Waar in de supermarkt en in de shopping mall iedereen schrikachtig en stil is, hoor je op de markt mensen praten: ze bemoeien zich met elkaar, maken een compliment of een geintje, ruziën en roddelen, becommentariëren het weer, de vis, de crisis. “Boodschappen doen op de markt is feitelijk een huiselijke activiteit in een publieke ruimte,” zegt de Franse antropoloog Michèle de la Pradelle. Het is dan ook bizar dat juist in dit coronajaar de sluiting van de Bos en Lommermarkt gewoon is doorgezet.

Ook aan de andere kant van de stad ligt een markt onder vuur: Reuring, de markt op IJburg, wordt in haar voortbestaan bedreigd doordat het aantal kramen moet inkrimpen. Niet omdat het slecht gaat, maar juist omdat de markt floreert: een klein groepje winkeliers wil die concurrentie aan banden leggen. Begin 2021 neemt stadsdeel Oost hierover een besluit.

Terug naar Bos en Lommer. De kooplui hebben hard gevochten om de opheffing van hun markt af te wenden: een petitie die ruim drieduizend keer is ondertekend, een lobby samen met buurtorganisaties, een succesvolle actiemarkt op het Gulden Winckelplantsoen waarover buurtbewoners zeiden: “Wow, het lijkt wel Parijs.” De strijd leidde, ondanks corona, tot bescheiden successen: het stadsdeel heeft toegezegd dat er in de lente van 2021 elders in de buurt een kleinere markt terugkomt, voor minimaal één dag per week.

Bewoners van elke pluimage

Laten we hopen dat Bos en Lommer zijn markt weer snel terugkrijgt, en dan niet zo minimalistisch, maar gewoon drie dagen per week, zoals de kooplui en buurtbewoners graag willen. En moge dat meteen het startsein zijn voor een hele reeks nieuwe markten, zodat elke buurt een plek krijgt waar je zowel je verdorrende geest als je knorrende maag kunt laven, en waar buurtbewoners van elke pluimage elkaar tegenkomen.

Een inclusieve stad heeft niet minder markten nodig, maar meer. Ik kijk nu al uit naar de Zonnepleinmarkt, de Gelderlandpleinmarkt, de Houthavenmarkt en, als die wijk klaar is, de Sluisbuurtmarkt. Ja, ook in de Sluisbuurt, want ook daar komen ook niet alleen rijken te wonen: vier op de tien woningen worden sociale huur. Maar vooral omdat elke Amsterdamse buurt een Amsterdams hart verdient: de markt.

Tijs van den Boomen is schrijver en stadsonderzoeker.Beeld Jan Banning
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden