Theodor Holman. Beeld Artur Krynicki

Dan pas wordt u echt geconfronteerd met nepnieuws

Plus Theodor Holman

Om de zoveel jaar wordt er wel een journalist in gijzeling gehouden omdat hij zijn bronnen beschermt.

Er bestaan meters literatuur over het hoe en waarom de rechtsstaat journalisten aan bronbescherming moet laten doen. Maar altijd is er wel weer een rechter-commissaris te vinden die meent dat er een belang is boven het belang van bronbescherming.

Dat belang is nooit aan de rechter ter beoordeling, maar aan de betreffende journalist. Als een journalist in vertrouwen ‘van een bron’ heeft gehoord wie een moord heeft gepleegd en hij zet dat in de krant, dan past het de rechter niet om zo’n journalist te gijzelen. (Naargeestig begrip, overigens.)

Toegegeven: persvrijheid is een merkwaardige vrijheid, maar daarom geldt hij ook niet voor iedereen, maar alleen voor journalisten. Wanneer zij hun bronnen niet beschermen, kunnen journalisten minder onthullen en dan pas wordt u echt geconfronteerd met nepnieuws.

Even een opa-vertelt-verhaaltje.

Lang, lang geleden, toen ik nog een lekker roddelkontje had, ontmoette ik in Keyzer mijn toenmalige hoofdredacteur Wouter Gortzak en de journalist Ischa Meijer. We hadden een zeer aangename middag en Wouter vertelde een kostelijke anekdote over Lubbers die betrapt zou zijn toen hij met een bekende – nog levende – journaliste seksuele gymnastiek in het Torentje aan het bedrijven was. Wouter vertrok en Ischa zei: “Schrijf deze anekdote in je column!”

Zo gezegd, zo gedaan, want ofschoon Ischa een meter kleiner was dan ik, kreeg ik altijd een stijve nek van het opkijken tegen hem. Ik leverde ’s anderendaags mijn column in, en nog geen twee minuten later rende, met oudtestamentische toorn, Gortzak de redactie op en in kapitalen schreeuwde hij: “Ben je nu helemaal gek geworden!”

“Wat is er?” vroeg ik.

“Je schrijft: ‘bronnen rond Den Haag vertellen…’ Die bron was ik… Verder noem je de naam van die vrouw, dat kan helemaal niet!”

Ik zei: “Maar ik verraad je heus niet!”

Die lieve Wouter Gortzak trok me – in mijn verbeelding aan mijn oorlel – vervolgens mee naar zijn kamer en onderhield me een uur over het beschermen van bronnen. “Dit is geen studentenblaadje, Holman!”

Het stuk ging niet mee, maar ik mocht snel iets anders tikken. Nadat hij dat hoogst­persoonlijk had goedgekeurd, zei hij grinnikend: “Ja, dit is wel minder dan je beschrijving van die opengeknoopte gulp van Lubbers, maar het is in elk geval journalistiek ­fatsoenlijk.”

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden