Gijs Groenteman Beeld Artur Krynicki

Blijkbaar moet je eerst even worden gemarteld

Plus Gijs Groenteman

Wie naar de middelbare school gaat, wordt ontgroend. Daar zijn geen statuten of regels voor, maar blijkbaar moet je, als je tot een nieuwe groep toe wilt treden, eerst even worden gemarteld.

In mijn middelbare schooltijd, op het Barlaeus Gymnasium, betekende het dat je veelvuldig voor ‘brugsmurf’ of ‘brugpieper’ werd uitgemaakt, en dat er reusachtige wezens waren die je zo nu en dan met je hoofd onder de kraan hielden. Dan werd je ‘gedoopt’.

De meest intimiderende van die reusachtige wezens was een dunne jongen met bruine ogen die de hele school met zijn persoonlijkheid vulde. Hij zat twee klassen hoger dan ik: altijd luidruchtige grapjes, overal opduikend, in elk gezelschap aanwezig. Hij hield zich intensief bezig met mijn ontgroening, met als diepte-/hoogtepunt het moment dat hij achter school, toen ik wegfietste, vlug mijn snelbinder onder mijn spatbord haakte, waarna het elastiek zich vastdraaide in mijn wiel zodat ik ten overstaan van iedereen stilstond en het elastiek moest gaan los­peuteren.

Na de eerste klas was de ontgroening voorbij. In de derde klas knoopte hij zelfs een praatje met mij aan – een ongelofelijk moment, volgens mij ging het over een speldje dat ik droeg van Jopo de Pojo, stripfiguur van Joost Swarte.

Het praatje vlotte zo goed dat ik hem op een zeker moment vertelde dat ik dreigde te blijven zitten vanwege een proefwerk Duits, een taal waarin ik geheel was verdwaald.

‘Kom maar langs,’ zei hij.

Dezelfde avond ging ik naar hem toe. Hij woonde in een ­mysterieus, spelonkig huis op het Prinseneiland, waar verder niemand aanwezig leek te zijn. Hij zat in zijn raam een bidi te roken – een Indiaas sigaretje dat bij sigarenwinkels te koop was en naar wiet rook – en had net een cd-box met alle symfonieën van Beethoven gekocht. Alras begon hij me de Duitse grammatica uit te leggen, en hij heeft dat de weken erna zo consciëntieus gedaan dat ik een voldoende haalde voor het proefwerk.

Maar, nog belangrijker, we raakten niet meer uitgepraat.

In de vijfde klas heeft hij me wéér gered van het zittenblijven, en was de vriendschap definitief. Na school werden we nog buren, zijn we oeverloos samen door het land getrokken om radioprogramma’s te maken, spraken we elkaar soms dagelijks en soms ook maanden niet – en nog steeds hebben we, als we elkaar zien, nooit niets te bespreken. En moet ik altijd om hem lachen.

Hij is trouwens nog precies dezelfde als op school: dun, druk, in elk gezelschap onmiskenbaar aanwezig. Ik ken zijn gebruiksaanwijzing inmiddels door en door, en hij de mijne. Een comfortabel gevoel.

Ik weet eigenlijk niet of het gebruikelijk is om het lustrum van een vriendschap te vieren, maar als u dit leest zijn wij dat aan het doen. Loveweekend in Gent, vanwege dertig jaar Teun en Gijs.

Gijs Groenteman (1974) is schrijver, presentator en journalist. Wekelijks schrijft hij voor Het Parool een column. Lees al zijn bijdragen in het archief.

Reageren? gijs@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden