Jessica KuitenbrouwerBeeld Artur Krynicki

Blij verrast: er lopen weer ouderwetse junkies door de buurt

PlusJessica Kuitenbrouwer

Eén uur ’s ochtends en de bel gaat. “Die Airbnb is een straat verderop!” bijt ik bij ontwaken. Dan realiseer ik me dat het nu waarschijnlijk geen toeristen zijn die onderdak zoeken.

Het kussen naast me is leeg. Ruuf zit in de woonkamer bij een kleine lamp te werken. Hij trekt zijn schouders op. Verbaasd neem ik de haak van de intercom.

“Hallo?”

“Hallo? Ja, hallo – hallo! Haha! Ja! Hallo! Je bent nog wakker! Dat dacht ik wel… je licht is nog aan!”

De man beneden praat buitengewoon snel.

“Kijk, ik eh… kijk, ik sta te klussen – ja, klussen! In dat leegstaande huis hier tegenover – weet je – en ik heb eh…. mezelf buitengesloten – ja! En ik belde de sleutelboer, maar die kan pas tegen de ochtend. Dus belde ik mijn zus, want eh…. die gaat daar wonen – ja! En die zei ‘misschien kun je even kijken waar nog licht brandt en even aanbellen om te vragen of ze je een eh… buskaart kunnen lenen, dan kun je terug naar je eigen huis in eh…. Broek in Waterland!’ Ja! Kijk, ik woon zelf dus in Broek in Waterland, maar mijn eh… autosleutel ligt dus nog binnen, waar ik mezelf heb buitengesloten – dat lege huis hier zeg maar naast ongeveer.”

“Ik kan je niet hiernaast binnenlaten,” weet ik ertussen te werpen.

“Nee? Oh? Kun je dat niet? Oh… maar! Mijn zus had dat gezegd over die buskaart en kijk! Bij jullie brandde nog licht! Mijn zus zegt: vraag even aan de buurvrouw of je een buskaart kunt lenen. Dan kun je naar je eigen huis in Broek in Waterland.”

“Ik heb ook geen buskaart. En het is één uur geweest. Sorry man, als je echt omhoogzit, moet je maar even naar Bureau Rapenburg lopen.”

Met een ‘oké, fijne avond nog dan’ druipt hij af.

Nog geen vijf minuten later hoor ik hetzelfde driftige gebrul aan de andere kant van de flat. Dit keer is het zijn neef die gaat verhuizen en moet hij met de bus naar Ouderkerk.

Ik was blij verrast toen ik ontdekte dat er weer ouderwetse junkies door de buurt ­liepen. Heimwee nam me in de houdgreep en eventjes waande ik me een kind voorop mijn vaders fiets bij het zien van die magere bleekscheten op de lege grachten.

Ik was alleen vergeten dat dit nachtelijke gedonder erbij hoorde. Ook nu het geschreeuw van de menigte is weggeëbd, blijft het onrustig op straat. Nu zijn het de noodkreten van de buitenbeentjes die me uit mijn slaap houden.

Jessica Kuitenbrouwer (1993) is schrijver, ­columnist en audioproducer. Ze schrijft deze zomer over haar leven in de binnenstad. Lees al haar columns hier terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden