Massih Hutak Beeld Artur Krynicki

Bij het g-woord wist iedereen meteen waar ik het over had

Plus Massih Hutak

Deze week nam ik in Paradiso deel aan het nieuwe praatprogramma Science & Fictie, waar we spraken over de toekomst van Amsterdam. In de kleine zaal van deze legendarische poptempel was ik te gast bij bedenker en presentator Teddy Tops. 

Naast mij zaten econoom en stadsmaker Najah Aouaki en stadsgeograaf Cody Hochstenbach. Mijn taak was – als degene die via de kunsten actievoert tegen gentrificatie – om te reflecteren op de rol van kunst en kunstenaars.

De zaal liep al snel vol, want ja, het was uitverkocht. Ik moest denken aan hoe ik een paar jaar geleden, toen ik even opgewonden schreef over gentrificatie als nu, standaard twee reacties kreeg: “Gentri-wat?!” of “Je ziet spoken.” Nu is de kleine zaal van Paradiso op een dinsdagavond uitverkocht, terwijl het Nederlands elftal speelt.

Het stelt me gerust dat hier zoveel belangstelling voor is. Toen ik voor mijn onderzoek onder andere in Brooklyn en San Francisco was, sprak ik met tieners over het g-woord en iedereen wist meteen waar ik het over had en trommelde onmiddellijk allemaal persoonlijke anekdotes op over hoe ook zij en hun families gedupeerd zijn. Terug in Nederland moest ik zelfs politici uitleggen hoe dit fenomeen precies in elkaar stak.

Bijna altijd strandden die gesprekken bij de uitspraak en spelling van het ingewikkelde woord, waarna ik werd getroost met: “Die dingen horen er nou eenmaal bij, man.” Nu heeft elke wethouder het over hoezeer dat niét waar is. Het is ze vergeven.

Tegelijk zit er ook een nare bijsmaak aan deze almaar toenemende belangstelling. Nu gentrification ook de middenklasse raakt, beginnen grote groepen zich erin te verdiepen en zich erover uit te spreken. Toen het nog een slagveld was met vooral de sociale onderklasse als slachtoffer, was er niet veel aan de hand. Want ‘dit is nou eenmaal hoe de markt werkt’. Inmiddels wordt het onderwerp gentrification op zich ook weer gegentrificeerd door de middenklasse. Het is ze vergeven.

Des te verfrissender is het om intellectuelen als Najah en Cody te horen praten, omdat ze in­gelezen zijn in het thema en met goede, concrete voorbeelden komen, parate kennis combineren met cijfers en prachtige volzinnen uitspreken die de ene na de andere rake, scherpe analyse bevatten over deze ‘ruimtelijke uiting van klassenongelijkheid’.

Hun conclusie: dit is geen natuurlijk proces, dit kan zo niet verder, we moeten wat doen! Het valt te prijzen dat de organisator niet in de illusie is getrapt van de twee kanten van één verhaal laten zien en geforceerd ook ambtenaren of ongesubsidieerde, kapitaalkrachtige kunstcollectieven heeft uitgenodigd die even een ‘ja-maarverhaal’ mogen houden.

Een vriend van me zei: “Het is een denkfout om de agressor hetzelfde platform te geven als de benadeelde. Dan krijg je geen evenwichtig gesprek. Het rechtvaardigt en normaliseert partijen die onderdeel zijn van of bijdragen aan een uitsluitend en segregerend systeem.”

Daar sluit ik me volledig bij aan.

Rapper en schrijver Massih Hutak (26) schrijft columns voor Het Parool.

Reageren? m.hutak@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden