Opinie

‘Bij afschermen kwetsbare groepen hoort ook extra aandacht geven’

Kwetsbare mensen weer afschermen? Dat doen ze al uit zichzelf, weten drie onderzoekers. Als we ze willen helpen bij angst en isolatie moeten we uit saam­horigheid han­delen en sociale activiteit op afstand bieden.

Beeld Getty Images

Toen de versoepeling begon, eind mei, en de samenleving weer beetje bij beetje open ging, stapte niet iedereen naar buiten. Veel van de mensen met wie onze onderzoekers hebben gesproken in een onderzoek onder sociaal kwetsbare personen durfden nog niet. Met name kwetsbare ouderen en mensen met een psychiatrische of verstandelijke beperking ervaren angst voor een ongrijpbaar virus. Ze ervaren ook een verergering van psychische klachten en spanningen wanneer ze dicht op elkaar leven.

Een van de gedachten die hen in het begin hielp, was dat iedereen in dezelfde situatie zat en de last dus ook gezamenlijk gedragen werd in de samenleving. Het gevoel voor een keer in hetzelfde schuitje te zitten als anderen – thuis, en met beperkte contacten, onzeker over de buitenwereld – was een prettige ervaring voor mensen die weinig buiten de deur komen, geen werk hebben of angstig zijn: ze hadden de onverwachte sensatie ‘normaal’ te zijn.

Zoals een ggz-cliënt ons vertelde: “Dat er nu onderling begrip komt, onder de mensen, hoop ik. We zitten allemaal maar in hetzelfde schuitje. Dat is best wel positief. Een rare verbondenheid, op anderhalve meter afstand, maar toch een soort verbinding.”

Naar het terras

Inmiddels is dat totaal veranderd. Een aantal OMT-leden riep deze week op om ‘ouderen en kwetsbaren af te schermen, zodat jongeren meer bewegingsruimte houden,’ aldus diverse media.

Veel kwetsbare mensen zitten echter nog steeds thuis. Het idee van saamhorigheid en een gedeeld lot en de steun die deze mensen hieruit haalden, is al weggevallen. Dat de terrassen weer open zijn, bijvoorbeeld, is niet alleen van weinig nut voor kwetsbare ouderen omdat zij deze zelf nog niet kunnen of mogen bezoeken, het onderstreept ook de ongelijkheid tussen mensen die het ‘normale’ leven weer kunnen oppakken en zij die dat niet kunnen.

Terwijl jongere mensen steeds meer hun gang gaan, staat voor deze groepen het dagelijks leven nog grotendeels in het teken van beperkingen en voorzichtigheid. Veel kwetsbare mensen ervaren – nu ze weer meer buiten komen – dat de oplettendheid van anderen sterk aan het afnemen is. Sommige mensen trekken zich daarom juist weer meer terug naarmate de maatregelen verder worden versoepeld. Of ze blijven langer buiten het sociale verkeer dan op grond van richtlijnen nodig is.

Sociale afstand

Dit geldt voor mensen met angstklachten, ook buiten coronatijd, en nog sterker voor mensen met een kwetsbare gezondheid. Zij willen nog niet met het openbaar vervoer uit angst voor besmetting, wat hun mobiliteit minimaliseert. Een oudere vrouw vertelde: “Het meeste staat stil, ik kan niks meer, en bij een ander gaat het allemaal door, dat gevoel heb ik.”

Een beetje extra aandacht voor de buurman of buurvrouw is dus nog steeds nodig. Met name voor de mensen die we in beginsel collectief wilden beschermen door sociale afstand te houden, is het gevecht nog lang niet voorbij. Dit zijn niet alleen ouderen en mensen met chronische gezondheidsproblemen, maar ook mensen die sociaal kwetsbaar zijn, geïsoleerd, alleen. Voor mensen met taalbarrières, leerproblemen, dak- of thuislozen.

Het zou goed zijn om nu te zorgen dat deze mensen, juist nu het weer wat kan, het gevoel krijgen niet vergeten te zijn. We hebben allemaal meegemaakt hoe het voelt om met onzekerheid naar buiten te gaan en sociaal geïsoleerd te zijn. Laten we deze mensen helpen door buurtinitiatieven en dagprogramma’s niet te staken, en te zorgen dat ook zij digitale vaardigheden kunnen verwerven waarmee ze deels hun isolatie kunnen doorbreken.

Eigenlijk door verder te bouwen op de solidariteit die we eerder lieten zien tijdens onze ‘intelligente’ lockdown: “Een jonge buurvrouw, met een kindje, ik kan er goed mee. Die vroeg of ik het leuk vind om af en toe een praatje te maken. En dat doet ze elke week, eindje weg op de stoep. Heel leuk, doet ze uit zichzelf.”

Naast de nu al bekende sociale bubbels, kan deze nieuwe saamhorigheid structureel worden aangespoord door zingevende en verbindende activiteiten te ontwikkelen ‘op afstand’. Bijvoorbeeld via gerichte samenwerking tussen de zorg en culturele sectoren. Subsidies kunnen vrijgemaakt worden om de samenwerking tussen kwetsbare burgers, hun familieleden en professionals of mensen uit de creatieve sector en de entertainmentbranche nader uit te werken. Omdat zorg in de wijk vaak geleverd wordt vanuit kleine behuizing, is afstand houden lastig: een ‘uitleenbeleid’ van leegstaande gebouwen zou hier een verdere oplossing zijn.

Netwerken

Het accent voor kwetsbare mensen ligt vaak niet, of niet hoofdzakelijk, op medische zorg, maar op het uitbreiden van sociale netwerken en iets kunnen betekenen voor de samenleving. Op deze terreinen is de zorg weggevallen tijdens de pandemie, of hebben de thuisisolatie en andere overheidsmaatregelen problemen verergerd. Door nu extra in te zetten op woonbegeleiding, werk en dagbesteding, zingeving en andere vormen van sociale veiligheid, helpen we hen die het nodig hebben in de nog steeds onzekere tijden.

Danny de Vries (universitair docent antropologie), Jeannette Pols (Socrates hoogleraar filosofie en sociale wetenschappen) en Julia van Weert (hoogleraar gezondheidscommunicatie) zijn allen verbonden aan de Universiteit van Amsterdam en doen onderzoek naar de effecten van de coronamaatregelen op sociaal kwetsbare mensen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden