Column

Badinerend doen over de prestaties van Kukenheim is te makkelijk

Roelf Jan DuinBeeld Wolff

Hoe zal over, pak 'm beet, tien jaar teruggekeken worden op het wethouderschap van Simone Kukenheim? Voorspellen is moeilijk, en al helemaal als het om de toekomst gaat, maar laten we eens een ­poging wagen.

Zal het over tien jaar nog gaan over Kukenheim haar onhandige opereren in de gemeenteraad? Over haar schichtige ­mediaoptredens? Over haar breed uitgemeten politieke flater rond een of ander onderwijsrapport, of dat gedoe met een al dan niet bestaande lijst van ­Gülenkinderen?

Misschien wel, maar dan ben je waarschijnlijk verzeild geraakt op de nieuwjaarsreceptie van de PvdA, als die partij tegen die tijd tenminste nog bestaat.

Maar hoe zal in 2027 over de D66-wethouder gesproken worden door schoolbestuurders, door leraren, door ouders van kinderen in achterstandsbuurten? Dikke kans dat die een stuk positiever zijn over de periode dat Kukenheim verantwoordelijk was voor het onderwijs­beleid in Amsterdam.

Kukenheim kreeg bij het aantreden van dit college in 2014 de opdracht om de kwaliteit van het onderwijs in Amsterdam te verbeteren. Daarvoor moest radicaal worden gebroken met het beleid van haar sociaaldemocratische voorgangers, die uiteraard ook voor beter onderwijs waren, maar volgens D66 veel te ver waren doorgeschoten in hun bedilzucht. Niet de ambtenaren op het stadhuis, maar de scholen en de docenten moesten het weer voor het zeggen krijgen.

Slaagt Kukenheim als wethouder? Haar tussenrapport is lang niet slecht. Kukenheim schreef een prijsvraag uit voor het oprichten van nieuwe scholen. Een ambitieus en gewaagd ­experiment dat eerst met scepsis werd bekeken, maar inmiddels vooral lof krijgt uit het ­onderwijsveld.

De eindeloze discussie over het plaatsingsbeleid van kinderen op middelbare scholen ­verliep op z'n zachtst gezegd ­chaotisch en de regie van ­Kukenheim liet te wensen over, maar inmiddels wordt het nieuwe matchingsysteem zelfs door de grootste criticasters min of meer omarmd.

De beurzen waarmee docenten zichzelf kunnen bijscholen, bleken een groot succes. Dat is ook weer niet zo heel verwonderlijk: geef mensen tweeduizend euro om een leuke cursus uit te zoeken en slechts weinigen zullen dit gegeven paard in de bek kijken.

En toch is het te makkelijk om badinerend te doen over de prestaties van Kukenheim, ­enkel vanwege het feit ze ogenschijnlijk ongelimiteerde fi­nanciële middelen tot haar ­beschikking heeft.

Je kunt de collegepartijen toch moeilijk kwalijk nemen dat ze geld vrij maken voor onderwerpen die ze belangrijk vinden. Bovendien hadden de interventies van ­Kukenheim ook minder goed uit kunnen pakken, en dan waren de rapen pas echt gaar geweest.

Kukenheim zal de geschiedenis niet ingaan als de meest ­charismatische wethouder die Amsterdam ooit gekend heeft, en waarschijnlijk zullen een hoop ambtenaren in 2018 een zucht van verlichting slaken dat ze verlost zijn van haar onzekere bestuursstijl en neurotische ­neiging tot micromanagement. Maar aan het einde van de rit wordt een wethouder afgerekend op wat hij of zij voor elkaar heeft gekregen voor de stad. Dat is het enige dat telt.

Politiek verslaggevers Roelf Jan Duin en Michiel Couzy belichten beurtelings op zaterdag in 'Republiek Amsterdam' een politiek onderwerp uit de stad. Reageren? r.duin@parool.nl

Beeld Steen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden