Theodor Holman.Beeld Artur Krynicki

Als ik de regels volg, ben ik meteen hoofdcommissaris Holman

PlusTheodor Holman

‘Weet je waarom jij zo angstig bent,” zei mijn vrouw, “omdat je eigenlijk jezelf niet vertrouwt en je bent slordig, opstandig en eigenwijs.”

“Niet!” zei ik. En omdat ik voelde dat dat antwoord in alle categorieën viel, voegde ik eraan toe: “Ik ben ook gezagsgetrouw.”

“Gezagsgetrouw,” proefde ze, “ach…”

Haar ‘ach’ klinkt onder alle omstandig­heden alsof er een klein hondje is aan­gereden.

We gingen er niet op door.

Voor dit virus heb je een vorm van netheid nodig; niet alleen een bijna overdreven persoonlijke hygiëne (ik heb voortdurend het gevoel dat ik mijn handen moet wassen omdat ik net mijn handen heb gewassen), maar zowel in relationeel als huishoudelijk opzicht (kleren niet op de grond laten slingeren, douche meteen schoonmaken, et cetera) moet er sprake zijn van een stevige discipline om geen al te grote ruzies te krijgen over niets. Mijn obsessieve neiging om iets wat ik moet doen te weigeren en iets expres te doen wat ik beslist moet laten, helpt me daarbij niet, zoals ook al was gebleken uit mijn echtscheidingen.

Door deze onvolkomenheden, mevrouw de psychiater, heb ik zo’n minderwaardigheidscomplex dat ik iedereen die ‘dr.’ of ‘prof.’ voor zijn of haar naam heeft staan, met kruiperig respect behandel. (“Zij is een professor hè, ze zal heus wel weten wat ze zegt,” of: “Hij heeft een proefschrift geschreven over immunologie, dat is geen column hoor.”) Maar zodra de hooggeleerde dames en heren mij iets voorschrijven te doen, kan ik het domweg niet.

“U moet in huis blijven…”

Ik niet! denk ik meteen.

“U moet dat doen om ons medisch personeel te ontlasten.”

Ik kijk heus wel uit! is meteen mijn eerste gedachte, maar als ik vervolgens de regels volg, ben ik meteen hoofdcommissaris Holman die iedereen die zich niet precies aan de regels houdt, eng arrogant aanspreekt. “Volgens mij is dat geen anderhalve meter, mevrouwtje. Iets naar achteren, alstublieft!”

Het is de nazi in mij; macht uitoefenen om te overschreeuwen dat ikzelf gebukt ga onder gevoelens van minderwaardigheid en angst.

Al mijn hele leven meen ik dat ik het recht moet hebben mezelf te wantrouwen en slordig te leven en me mijn onzekerheid te laten botvieren. Dat mag best consequenties hebben, maar niet de dood.

En dat is nu precies wat er gebeurt: ik moet leven als een circusleeuw. De dompteur leeft niet eens, maar is een stukje plasma.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden