Johan Fretz. Beeld Artur Krynicki
Johan Fretz.Beeld Artur Krynicki

Als het aan het CDA ligt, staan alle kinderen elke dag in de klas, voor de Nederlandse vlag, het Wilhelmus te zingen

PlusJohan Fretz

De kritiek op de deze week uitgebrachte film De Oost van Jim Taihuttu begon al veel eerder. In januari onthulde het Twitteraccount WikiEdits overheid dat de Wiki-pagina van de film was bewerkt vanuit het ministerie van Defensie. De term Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog was meermaals veranderd in Nationalistische Opstand. Schokkend.

Het was dus geen verrassing dat defensie­minister Ank Bijleveld deze week twitterde: ‘Jammer dat de film De Oost leidt tot onrust onder Indiëveteranen. Zij zijn naar Indië gestuurd in opdracht van de politiek en met gevaar voor eigen leven…’ Ze benadrukte dat de meerderheid van hen geen extreem geweld heeft gebruikt.

De kritiek was peak Bijleveld: ‘Jammer dat de film voor onrust zorgt.’ Je kunt niet zeggen dat ze de film expliciet bekritiseert, maar haar tweet impliceert wel degelijk dat arme veteranen de dupe zijn van een fictiefilm, puur omdat die een onbelichte geschiedenis van door Nederland aangericht leed verbeeldt. Heel geniepig, maar niet verrassend uit de mond van een klassieke plucheplakker, die al onderdeel was van de oude bestuurscultuur van achterkamertjes en uitruilidealisme toen ik nog een melkgebit had.

Ank Bijleveld onderhandelde namens het CDA met de PVV over Rutte I en faciliteerde daarmee het rampzalige gedoogkabinet met een openlijk racistische, extreem-rechtse partij. Het valt te verwachten dat het bij zo iemand gevoelig ligt wanneer een filmmaker zijn kritische licht laat schijnen op de koloniale geschiedenis.

Als het aan het CDA ligt, staan alle kinderen elke dag in de klas, voor de Nederlandse vlag, het Wilhelmus te zingen. Daarbij past kritiek op onze vroegere wandaden iets minder. Gênanter is dat Bijleveld de film duidelijk niet eens heeft gezien. De ironie van haar tweet is dat Taihuttu De Oost juist nadrukkelijk vertelt vanuit het perspectief van enkele Hollandse soldaten. Jonge jongens, die zonder goed en wel te weten waaraan ze beginnen in Indonesië aankomen en daar op een wrede missie gaandeweg hun onschuld verliezen en tot gruweldaden overgaan. Daarmee blijft de film ver weg van een­dimensionaal moralisme dat ons moet tonen hoe slecht Nederland was, maar laat hij zien hoezeer elke oorlog zich afspeelt in een grillig, grimmig schemergebied, waarin menselijkheid en overlevingsdrift om voorrang vechten. En waarin de Nederlandse soldaten evenzeer de dupe waren van politieke keuzes van hogerhand, als de slachtoffers die ze maakten. Dat is de kracht van film, van fictie, van verbeelding.

Maar ook het concept der verbeelding zal Ank Bijleveld vermoedelijk onbekend zijn. Als onderhandelaar van Rutte I was ze medeverantwoordelijk voor het ergste sloopbeleid in de geschiedenis van de Nederlandse kunsten. En haar partijgenoot Hugo de Jonge zei onlangs nog dat een dagje zonder theater best kan, want: ‘Je kunt ook een mooie dvd opzetten.’

Misschien kan Bijleveld zijn advies opvolgen en op Amazon Prime De Oost eerst eens bekijken. In haar functie als regeringsfunctionaris in een open, vrije samenleving raad ik haar verder aan voortaan haar mond te houden over kunstuitingen. Dit is Nederland, 2021, niet Oost-Berlijn, 1979. Kunstenaars hebben aan Bijleveld geen enkele verantwoording af te leggen.

Johan Fretz is schrijver en theatermaker. Hij schrijft op woensdag en zaterdag een column voor Het Parool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden