Lale Gül. Beeld Artur Krynicki
Lale Gül.Beeld Artur Krynicki

Alle vrouwen moeten de straat op om met hun hoofddoek te zwaaien

PlusLale Gül

Lale Gül

Ik voelde me de afgelopen tijd onstuimig, bedroefd, terneergeslagen en vol onbegrip voor mijn diersoort. De dood van de 22-jarige Mahsa Amini kwam hard binnen. Zij werd op 16 september door de religieuze politie in Iran gearresteerd en vermoord vanwege het weigeren van het dragen van de verplichte hoofddoek. Na haar dood braken protesten uit in het hele land; vrouwen eisten dat ayatollah Khamenei aftrad, staken hun hoofddoek in de fik en knipten zelfs op straat hun haren af. Veel moedige betogers betalen daarvoor de hoogste prijs: ze worden gearresteerd, gemarteld en gedood.

De strijd en dood van deze martelaar laat goed zien wat de consequenties kunnen zijn als je als enkeling de moed toont om tegen het gevestigde systeem en de dogmatische devote meerderheid te vechten die elke vorm van tegenstand willen neerslaan. En waarbij geen haar op het collectieve hoofd ervoor openstaat om kritisch naar zichzelf te willen kijken of openstaat voor de meest onschuldige en kleine veranderingen. Een dynamiek die ik maar al te goed herken, weliswaar met het grote geluk dat mijn wieg in Amsterdam stond.

Er ging veel door me heen, maar eigenlijk was het vreemd dat het me verbaasde, bedacht ik me. Ik ben immers niet wereldvreemd: bekende Iraanse voorvechters en intellectuele vrouwen strijden al veertig jaar tegen onderdrukking en de verplichte bedekking, die symbool staat voor het controleren van de seksualiteit van de vrouw, aangezien de regel is dat je op die manier mannen niet verleidt.

Ik heb de pijnlijke realiteit van veel Midden-Oosterse landen met betrekking tot vrouwenonderdrukking en ongelijkheid, ook middels de verplichte lichaamsbedekking, inmiddels allang ingezien. Er zijn geen islamitische landen waar vrije vrouwen, journalisten, homo’s, cartoonisten, cabaretiers, filmmakers, schrijvers, kunstenaars en religiecritici het fijn zouden vinden om te wonen.

En het lijkt alleen maar te verergeren. Een paar jaren geleden juichten we omdat vrouwen in Saoedi-Arabië eindelijk auto mochten rijden, nu lezen we artikelen over kindbruiden van de taliban, worden protesterende moedige vrouwen in Iran afgeslacht, heeft volgens Human Rights Watch een vijfde van Indonesië inmiddels de sharia ingevoerd en worden homo’s in Atjeh publiekelijk met de zweep afgeranseld. En in Turkije, dat het meest verlichte land uit het Midden-Oosten moet zijn, trok de regering zich vorig jaar terug uit een verdrag dat vrouwen tegen huiselijk geweld beschermt. Eén babystap vooruit, vier stappen achteruit. Het zijn geen hoopvolle tijden.

Toch gebeurde er iets dat me enigszins hoopvol stemde: het bericht dat CNN-journalist Christiane Amanpour weigerde een hoofddoek om te doen voor een interview met de Iraanse president. Normaliter is het zo dat buitenlandse journalisten en diplomaten altijd een hoofddoek omdoen voor een ontmoeting met de president aldaar, net zoals Sigrid Kaag dat deed, destijds als minister van Buitenlandse Zaken. Maar het zou toch wat zijn als je dat nu nog zou doen, wetende dat een martelaar is gestorven om dat juist níet te doen.

In een ideale wereld zouden alle vrouwen nu solidair zijn door ook op straat met hun hoofddoek te zwaaien, maar dat is deze wereld niet. En ik zal hem daarom helaas nooit begrijpen, vrees ik.

Lale Gül schrijft elke week een column voor Het Parool. Lees al haar columns hier terug.

Reageren? l.gul@parool.nl

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden