Teaser Wit Beeld Agata Nowicka

Alle mannen zijn een beetje narcistisch, zegt ze

Plus Femke van der Laan

Het is dat ik de vrouw die het dichtst bij me zit ‘mam’ heb horen zeggen. “Wil je ook wat eten, mam?” Daardoor weet ik dat de vrouwen die naast me zitten een dochter en haar moeder zijn. We zitten op een rij, op het terras. Tegen het raam van het café aan. Alle hoofden naar de zon gedraaid, als zonnebloemen.

Ik had naar ze gekeken toen ze aan kwamen lopen over het pleintje. De ene ergens begin zeventig, de ander zo’n beetje eind veertig. Door hun leeftijden dacht ik het eventjes: moeder en dochter. Maar hun uiterlijk was zo verschillend dat ik het idee weer liet varen. De dochter was lang en blond, terwijl de moeder klein en donker was. Vast geen familie.

De moeder had het eten afgeslagen. Koffie was genoeg.

“Toch vind ik het jammer. Het was een aardige man.”

“Het was een narcist.”

“Ja, dat zei je ja.” De moeder zegt het zachtjes. Peinzend. Alsof ze er nog steeds haar hoofd over breekt.

“Je vader kon ook best egoïstisch zijn.”

De dochter zucht. Daarna is het een tijdje stil naast me. De twee vrouwen peuteren tegelijkertijd hun koekjes open. De papiertjes worden onder de schoteltjes ­geschoven. Het waait een beetje.

“Soms dacht je vader echt alleen aan zichzelf. Weet je nog op zondagavond? Altijd maar dat bord op schoot. Voetbal kijken. El-ke zondag. Terwijl hij wist hoe vervelend ik het vond. Ik deed toch altijd een beetje extra mijn best op zondag. Gebakken aardappelen. Lekker vlees. Tafel mooi gedekt. Maar het hielp geen zier. ­Opscheppen, stoel naar achteren en gaan. Zat ik dan.”

Ik hoor de dochter hummen. Ze moet erbij zijn geweest, als kind. Haar vader op de bank, zijn achteruitgeschoven stoel naast haar. Een balende moeder aan de overkant van de tafel. In haar oren alleen het geluid van

Studio Sport. Later in haar leven zou ze op narcistische mannen vallen.

“Dan bracht ik hem maar weer de keukenrol.”

Het is weer even stil.

“Snap je?”

“Omdat ie niet op de bank mocht morsen?”

“Nee, ik bedoel dat ik toch wel van hem hield. Daarom bracht ik hem die keukenrol. Daarmee zag ik het door de vingers, zeg maar.” De moeder schuift haar kop en schotel naar voren. Het papiertje schuift niet mee. De dochter legt hem onder haar schoteltje.

“Weet je, lieverd, alle mannen zijn een beetje narcistisch.”

De dochter humt weer. Ik laat het erbij, zegt de hum. Het is een bakzeilhum.

Dan giechelt de moeder zachtjes. “En moet je mij nu zien: nu eet ik zelf elke avond op de bank. Ben ik op mijn oude dag zomaar een narcist geworden.”

Femke van der Laan is journalist. Wekelijks schrijft ze een column voor Het Parool. Lees hier al haar columns terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.