Maarten Moll. Beeld Sjoukje Bierma
Maarten Moll.Beeld Sjoukje Bierma

Afscheid van Jan Wolkers’ volkstuin

PlusMaarten Moll

Dag tuin.

Ik pak mijn spullen in.

Na twee weken verlaat ik het tuinhuisje van Jan Wolkers op Amstelglorie.

Goed gewerkt, hier.

Ik ga de tuin missen, al ben ik alles wat buurman Jaap (die de tuin onderhoudt) aanwees en benoemde toch weer vergeten. (Ook maar een gewone man, hoor, die Jaap, want hij kreeg deze week zijn grasmaaier niet aan de praat.)

Het in de ochtend openen van de tuindeuren, en even de tuin in lopen. Toch anders dan op het winderige ­balkon tweehoog naar het geluidsscherm van de A10 staren.

Leeg de vuilnisemmer.

Wel is alles al minder kaal dan toen ik hier kwam. (De slakken zijn nog niet gesignaleerd.)

Tijdens mijn verblijf heb ik bijna niets gehoord over de krankzinnige huurverhoging die eind vorig jaar werd voorgesteld door de gemeente, en die nu even in de koelkast ligt. Het hangt als het bekende zwaard boven het complex. Men zwijgt alsof het niet bestaat. (Er zou eens iets betaalbaar zijn in de stad, stel je voor.)

Zet de kachel op de waakvlam.

M. gaf me bij vertrek naar de tuin een zakje mee van Intratuin.

“Kun je daar lekker in de aarde wroeten, Molletje!”

Het was een zakje met dahliaknollen.

Die eigenlijk pas na ijsheiligen de grond in mogen.

Heb een beetje in de opstandige geest van Wolkers (hij roofde overal de planten voor zijn tuin vandaan) toch het zakje dahliaknollen (dahlia halskraag) opengemaakt en ze in de tuin geplant. Zoals hij ook deed.

Wat een mooie aanleiding is later in het jaar weer eens te komen kijken hier of de dahlia’s het gered hebben.

Trek mijn schoenen aan, en mijn jas.

En bij een paal van het hekwerk tussen Jan en Jaap ook een stokroos in de grond gestopt. En het vrij diepe gat dat Bep groef op Koningsdag weer gedicht. (Ik hoorde de schep weldadig zuchten dat ie weer eens gebruikt werd.)

Er beukt een grote hommel tegen de ramen.

Het verlangen om zelf zo’n huisje te bezitten zal snel wegebben, om meteen bij de eerste echt hete dag op tweehoog weer fel op te laaien.

“Waarom houden we het toch alleen bij fantaseren?” zal M. zeggen.

Lees nog een laatste keer in Amstelglorie. De volkstuin van Jan Wolkers. De laatste notitie van het laatste jaar dat ze op de tuin resideren, donderdag 18 oktober 1980: ‘Zenuwachtige dagen. Slopend. Word iedere ochtend vroeg verkleumd wakker en denk dan meteen aan de tuin. Aan al die planten die we met zoveel liefde daar onder hebben gebracht. Ik moet er dus van gedroomd hebben. De angst hoe we alles voor de schoffel en schop van de mensen die na ons komen kunnen behoeden.’

Sluit het huisje af. Loop over het tuinpad. Doe het tuinhek achter me dicht.

Voor ik wegfiets nog een laatste blik naar rechts.

Wees gerust, Jan, de tuin ligt er mooi bij.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden