null Beeld Sjoukje Bierma
Beeld Sjoukje Bierma

Afgelopen weekend stond er in een van de tuinen zo’n witte tent van de politie

PlusMaarten Moll

Maarten Moll

Heel veel straten hebben er geen last van.

Die liggen er nog ongeschonden bij. Al is dat misschien ook wel wat te rooskleurig gezegd. Want in elke straat zijn dingen gebeurd: mishandeling, geluidsoverlast, diefstal, brandstichting, overspel, iemand die al maanden dood in huis lag zonder dat de buurt argwaan had. De lijst is incompleet, vult u zelf aan.

Maar niet in elke straat is iemand om het leven gebracht.

Of neergeschoten.

Of opgeblazen.

De Laurierstraat. Ik woonde daar in 1994 toen ik op een ochtend wakker werd van een knal. Er was, kwam ik later die dag te weten, een aanslag gepleegd met een granaat onder een blauwe BMW.

Het geeft de straat een stigma.

‘Ik heb nog in de Laurierstraat gewoond...’ En dan vulde altijd wel iemand aan: ‘... waar Rob Scholte is opgeblazen.’ Krijg dat er maar eens uit.

Of neem die straat bij het Leidseplein. Als je op Google ‘Peter R. de Vries’ en ‘Lange Leidsedwarsstraat’ intikt, krijg je als eerste hit: ‘Aanslagplek Peter R. de Vries.’ Vijf sterren erbij en de tekst: ‘Historisch herkenningspunt in Amsterdam’.

Zou die straat daar ooit vanaf komen? Er komen natuurlijk dagjesmensen (klinkt aardiger dan ramptoeristen). Op de hoek bij Starbucks een meeneemkoffie kopen en dan maar eens ‘gezellig’ bij de aanslagplek gaan kijken.

Ja, en dan de Fizeaustraat. Waar afgelopen weekeinde een man werd doodgeschoten.

Ik ken de Fizeaustraat vrij goed. Honderden keren doorheen gefietst om te gaan trainen of een wedstrijd te spelen bij AFC Taba. Een gewone straat, met klinkers. En zo’n ouderwetse snackbar waarvan ik de naam vergeten ben. Het Hoekje, geloof ik.

Nu zit er in de al jaren gegentrificeerde buurt een hippe zaak. Friet van Oost, met in het logo de tekst ‘vers gesneden friet’. Voor de ultieme frietbeleving, zal wel.

Maar goed. Behalve vreselijke nederlagen en een knieschijf die op 8 maart 2008 van mijn knie werd geschopt (waarmee mijn voetbalcarrière abrupt en roemloos, de wedstrijd tegen Beursbengels werd verloren, ten einde kwam) gebeurde er in mijn beleving weinig in de Fizeaustraat.

Het was en bleef heel lang een wat kleurloze, anonieme straat.

Tot daar op 21 februari 2011 met veel kogels de crimineel Stanley Hillis werd geliquideerd. Maar dat gebeurde net buiten de woonwijk, aan het einde van de straat, bij de voetbalvelden van AFC Taba.

Het was dus al een straat met een naam, met een echte moordplek, een ‘historisch herkenningspunt’. En ook kon het noemen van de straatnaam worden geriposteerd met: ‘Waar die man is doodgeschoten.’

Afgelopen weekend stond er in een van de tuinen zo’n witte tent van de politie. Er was een schietpartij waarbij een man om het leven kwam.

Nu is het een echte dodenstraat.

Grote kans dat dagjesmensen met een patatje van Friet van Oost in de hand ‘gezellig’ naar twee besmette plekken komen kijken.

Arme Fizeaustraat.

Maarten Moll schrijft over dagelijkse beslommeringen in de stad. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? m.moll@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden