ISLAMABAD - Bij een aanslag op het Marriott-hotel in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad zijn zaterdag zeker zestig doden en 200 gewonden gevallen. Dit heeft een Pakistaanse veiligheidsfunctionaris gemeld. Gevreesd wordt dat het dodental nog verder oploopt.

Onder de doden zijn vrouwen, kinderen en buitenlandse gasten. Onder de dode buitenlanders is zeker een Amerikaan. Er zijn waarschijnlijk geen Nederlandse slachtoffers.

De zelfmoordaanslag met een autobom met naar schatting 500 kilo explosieven had plaats bij de hoofdingang. Na de ontploffing brak een grote brand uit die zich snel verspreidde. De politie vreesde zaterdagavond dat er nog veel mensen vastzitten in het brandende hotel met 290 kamers in het centrum van Islamabad.

Veel landen hebben in het hotel een diplomatieke vestiging. De Nederlandse ambassade zit echter in een ander hotel in de Pakistaanse hoofdstad, aldus een woordvoerder van het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken.

De explosie voor de ingang van het hotel was enorm en heeft tot een kilometer in de omtrek schade aangericht. Voor het hotel is een grote krater ontstaan.

Het is nog onduidelijk wie de daders zijn. Voor de aanslag waren er wel dreigementen van terreurnetwerk al-Qaida en van uit Afghanistan uitgeweken Taliban. De Pakistaanse regering is een bondgenoot van de Amerikanen in de strijd tegen het islamistische terrorisme.

De Amerikaanse ''oorlog tegen terreur'' is bij de Pakistaanse burgerbevolking niet populair. Daarnaast is Pakistan verbolgen over burgerslachtoffers in de strijd tegen het terrorisme. Dit heeft geleid tot spanningen tussen Islamabad en Washington. De nieuwe Pakistaanse president Asif Ali Zardari zei enkele uren voor de aanslag tijdens zijn eerste toespraak voor het parlement dat Pakistan schendingen van zijn territoriale integriteit niet meer zal dulden. Amerikaanse militairen die in Afghanistan de Taliban bevechten, steken wel eens de grens over.

In Pakistan, het enige islamitische land met een atoombom, worden al meer dan een jaar veel aanslagen gepleegd. Leger en politie hebben daarom de veiligheidsmaatregelen opgevoerd. In door stammen beheerste gebieden aan de grens met Afghanistan blijft het gezag van de centrale regering echter zwak. al-Qaida en Taliban kunnen er daarom vrijwel ongestoord hun gang gaan.
(ANP)