Regeringspartij VVD heeft haar handtekening weggehaald onder een wetsvoorstel dat de fractie eerder samen met D66 en de SP had ingediend om godslastering niet meer strafbaar te stellen. Volgens VVD'er Fred Teeven, een van de indieners, is dat gebeurd op het moment dat hij staatssecretaris van Justitie werd. Maar D66 is ervan overtuigd dat de liberalen hiermee de gunst van de SGP willen verwerven in ruil voor steun aan de coalitie in de Eerste Kamer.

Dat maakte D66-Tweede Kamerlid Boris van der Ham zaterdag kenbaar in het tv-programma Nieuwsuur. Senator Gerrit Holdijk van de SGP erkende in de uitzending dat als het kabinet dit type voorstellen uitstelt of ongedaan maakt, het op de steun van de SGP kan rekenen, 'maar niet klakkeloos.' Teeven heeft onlangs zelf aan Holdijk gemeld dat er geen VVD-handtekening meer onder het initiatief staat en kan zich voorstellen dat de SGP'er dit zo uitlegt. Als VVD, CDA en gedoogpartij PVV geen meerderheid halen in de Senaat, kan de SGP het verschil maken.

De nieuwe woordvoerder van de VVD op dit terrein, Ard van der Steur, is niet van plan alsnog zijn handtekening onder het initiatief te zetten. Hij zei dat zijn fractie het beter vindt om er open naar te kijken en meer integraal te spreken en te besluiten over de vrijheid van meningsuiting van politici in 2011. Van der Ham laat weten dat hij het intrekken van de VVD-handtekening onder een samen ingediend wetsvoorstel 'ongekend, verbazingwekkend en teleurstellend' vindt. Hij wijst erop dat de VVD eerder al afzag van meer koopzondagen en plaatst vraagtekens bij de liberale ruggengraat van de VVD.

Het wetsvoorstel werd eind 2009 ingediend door de drie toenmalige oppositiepartijen en moet ertoe leiden dat het verbod op godslastering wordt opgeheven. Het gaat met name om afschaffing van artikel 147 van het Wetboek van Strafrecht. Hierover is al jaren politiek gesteggel, dat oplaaide toen toenmalig CDA-minister Piet Hein Donner het 'slapende' artikel nieuw leven wilde inblazen na de moord op filmmaker Theo van Gogh. De drie initiatiefnemers wilden niet dat godsdienstige meningen meer wettelijke bescherming zouden krijgen dan niet-godsdienstige. (ANP)