AMSTERDAM - De vordering tot terugbetaling van 19.000 euro van voormalig advocaat Robert Moszkowicz aan een ex-cliënt is door de rechter afgewezen. Dit blijkt uit een uitspraak in kort geding voor de rechtbank in Amsterdam.

De ex-cliënte had het geld betaald aan de jurist, maar vond dat Moszkowicz voor dat honorarium nauwelijks iets had gedaan. Bovendien verkeerde zij in de veronderstelling dat hij nog altijd advocaat was. Zij spande een procedure aan en eiste haar geld terug.

Moszkowicz, telg uit de bekende advocatenfamilie, wierp alle beschuldigingen van zich. De jurist stelde dat de vrouw via zijn website bij hem was terechtgekomen en daar staat duidelijk dat hij niet langer optreedt als advocaat maar als algemeen jurist. ''Tegen de vrouw heb ik van meet af aan gezegd dat ik geen advocaat meer ben. Ik heb een advocaat voor haar gezocht die met ons kantoor wilde samenwerken voor haar zaak.''

De voorzieningenrechter is het hiermee eens. Volgens de rechter staat vast dat de vrouw de website heeft bezocht en de vermeldingen op de site heeft kunnen zien. Gelet hierop kan niet worden gezegd dat sprake is van bedrog, in de zin dat Moszkowicz opzettelijk heeft verzwegen dat hij geen advocaat meer is, aldus de rechter.

Ook het feit dat cliënte de Nederlandse taal niet voldoende beheerst om de tekst op de website te kunnen begrijpen, kan Moszkowicz niet worden tegengeworpen. De stelling tenslotte dat er een toga met bef in diens kamer hing, is volgens de rechter ook geen reden bedrog aan te nemen, nu deze stelling door Moszkowicz uitvoerig is betwist.

De rechter heeft de zaak doorverwezen naar een bodemprocedure; mogelijk zullen er dan getuigen worden verhoord. Advocaat Thomas van Vugt van de eisende partij meldde desgevraagd dat een vonnis in kort geding slechts een voorlopig oordeel inhoudt. ''De rechter is tot het oordeel gekomen dat deze zaak zich vanwege de complexiteit niet goed leent voor behandeling in kort geding, de vordering tot terugbetaling daarom niet toegewezen en heeft in zijn uitspraak verwezen naar een bodemprocedure. Niet meer en niet minder'', aldus Van Vugt in een reactie. (ANP)