AMSTERDAM - Nooit meer een contract voor drie jaar. Isabelle Connor van ING noemt het de belangrijkste les uit het eerste jaar dat het concern de Formule 1 sponsorde.Door zich drie jaar vast te leggen voor reclame op circuits, heeft ING zijn onderhandelingspositie verzwakt.

Twee debutanten in de Formule 1 , naast Connor ook Michiel Mol van Spyker, schetsten gisteren in het WTC de valkuilen van de sport.

ING stapte een jaar geleden in de sport, voor vijftig tot honderd miljoen euro per jaar. ING nam onder meer voor drie jaar de hoofdsponsoring van de meeste F1-races over.

Dat zou Connor niet meer doen. Volgens haar bepaalt een aan F1-paus Bernie Ecclestone gelieerde reclameorganisatie hoeveel borden sponsoren mogen neerzetten. ''Er worden spelletjes gespeeld. Ik weet nooit hoeveel ruimte we krijgen. Er is een grijs gebied.'' Voor de Grand Prix van Monaco heeft ING een overeenkomst van een jaar. ''Dat werkt beter.''

De bank/verzekeraar is ook drie jaar hoofdsponsor van het Renaultteam. Met die periode heeft Connor geen problemen, wel met de sportieve prestaties. ''We hebben een prestatiecontract getekend voor een top-drieteam,'' zegt Connor. ''Renault heeft maar één keer het podium gehaald.''

De straf die het rivaliserende team van McLaren vanwege spionage kreeg, heeft ING veel geld gekost. ''Door het wegvallen van McLaren is Renault toch als derde geëindigd. Wij hebben ze moeten betalen voor niet-presteren.''

Over het succes van de sponsoring is Connor wel tevreden. De tijd dat het ING-logo tijdens races in beeld was, vertegenwoordigde een waarde van 43 miljoen dollar, de tak vermogensbeheer haalde bij drie grands prix 52 miljoen euro op bij klanten. De naamsbekendheid sprong zeven procentpunt vooruit.

Mol had een turbulenter F1-jaar. Spyker eindigde consequent in de achterhoede en Mol was vooral bezig de crisis bij de autofabrikant te bezweren. Hij is nu voor de helft eigenaar van de opvolger van Spyker, Force India. Het budget gaat twintig procent omhoog, maar met honderdtwintig miljoen dollar is het team nog altijd hekkensluiter en zal dat volgens Mol ook op het circuit blijven. ''Het kost nog jaren om succesvol te worden.''