AMSTERDAM - Een project waarbij Amsterdamse daklozen eerst een huurwoning krijgen en dan pas hun leven op orde hoeven te brengen, blijkt een succes.Ongeveer een jaar nadat de eerste 38 thuislozen een onderkomen kregen, zijn slechts twee van hen weer op straat beland. Dat zei woensdag Peter Kempers van hulpverleningsinstantie HVO-Querido, een van de organisaties achter het project Discus.

Het aantal plekken in deze vorm van opvang moet de komende jaren dan ook flink stijgen. Over twee jaar moeten in totaal honderd daklozen aan het project meedoen. Om dat te bereiken, tekenen de bij Discus betrokken instanties HVO-Querido, JellinekMentrum, GGZ, woningcorporatie De Alliantie en de gemeente Amsterdam donderdag een overeenkomst.

Terwijl bij veel hulpverleningstrajecten daklozen zich eerst moeten laten behandelen aan hun verslaving of psychische problemen en dan pas een huis krijgen, gebeurt dat bij Discus andersom.''Die woning moet iets worden wat ze niet meer willen verliezen, iets waar ze moeite voor willen doen'', legt Kempers uit.

Het project richt zich op de moeilijkste doelgroep namelijk daklozen met zowel een verslaving als psychische problemen die minstens vijf jaar op straat leven. De deelnemers hoeven slechts aan twee voorwaarden voldoen. Ze mogen geen overlast veroorzaken en verder moeten netjes huur betalen. Daartoe krijgen de thuislozen hulp bij het aanvragen van een uitkering en huursubsidie. Hulpverleners bezoeken ze bovendien meerdere keren per week om ze ook met andere zaken te helpen. Amsterdam heeft Discus afgekeken van New York, waar al dertien jaar een soortgelijk project draait.

Ook in Den Haag blijkt eenzelfde vorm van opvang een succes. Daar kregen de afgelopen tijd elf mensen een dak boven het hoofd, waarna ze veel minder overlast veroorzaakten. De gemeente heeft daarom eveneens besloten het project uit te breiden. (ANP)