Een deel van het Marineterrein. © ANP

Interne nota: Marineterrein is niet nodig voor veiligheid

De nationale veiligheid is helemaal niet de reden dat de krijgsmacht een veel groter deel van het Marineterrein wil behouden. Uit nieuwe documenten blijkt iets heel anders. D66 eist dat Defensie zijn claim laat vallen.

Uit stukken die met een beroep op de Wet Openbaarheid bestuur zijn opgevraagd blijkt dat Defensie andere motieven heeft om het Marineterrrein te behouden dan minister Ank Bijleveld (Defensie, CDA) in de Tweede Kamer heeft verklaard.

Regeringspartij D66 was al kritisch over het besluit toch te blijven. Volgens Kamerlid Salima Belhaj rijst nu de vraag of de minister de Kamer verkeerd heeft geïnformeerd. "Bijleveld had het de hele tijd over veiligheid als het belangrijkste argument, maar dat houdt helemaal geen stand als ik de stukken lees."

Het draait allemaal om het Marineterrein, een stuk grond van bijna 13 hectare naast Kattenburg. Amsterdam en het ministerie van Defensie ruziën hier sinds vorig jaar over. In 2011 besloot de krijgsmacht dat de oude marinebasis afgestoten kon worden in het kader van bezuinigingen.

Amsterdam wil het gesloten gebied in hartje stad graag ombouwen tot een woon- en werkwijk, waarbij Defensie een aantal gebouwen aan de rand van het terrein zou blijven gebruiken. De twee sloten daarvoor in 2013 een overeenkomst.

Opvallende draai
Maar in de zomer van 2018 kondigde Bijleveld plotseling aan dat de krijgsmacht een veel groter deel van het terrein wil behouden, inclusief een groot hek en een aparte toegangspoort. Zij sprak toen over 'dwingende redenen': "Het Marineterrein is strategisch gelegen in de hoofdstad en met de helikopterlandingsplaats belangrijk voor de openbare orde en de nationale en internationale veiligheid."

Een opvallende draai. Bijlevelds voorganger op Defensie, Klaas Dijkhoff, schreef in oktober 2017 nog dat Defensie ook zonder het Marineterrein 'desgewenst kan bijdragen aan de openbare orde en veiligheid in Amsterdam'. Ook benadrukte hij dat er 'goede alternatieven voorhanden zijn'.

Dat de nieuwe minister van Defensie daar krap een jaar later heel anders over denkt, komt door een partijgenoot van Bijleveld, staatssecretaris Raymond Knops (CDA, Binnenlandse Zaken). Hij heeft zich - kort na zijn aantreden - persoonlijk hard gemaakt voor het behoud van een groter deel van het terrein. In een interne nota staat dat 'Knops het idee heeft geopperd' om het terrein te behouden.

Bij Defensie wordt eind 2017 niet onverdeeld enthousiast gereageerd op Knops' plan. De toenmalig hoofddirecteur Beleid schrijft dat er 'geen operationeel belang' is bij 'het behoud van een groter terreindeel'.

De veiligheidsdiensten maken bij grote evenementen in Amsterdam weliswaar af en toe gebruik van het ommuurde complex, om klaar te staan in het geval van calamiteiten. Maar dat is 'geen Defensietaak', benadrukt hij, en bovendien had Amsterdam voor dat doel al andere locaties aangeboden.

Behulpzaam
Knops krijgt wel steun van diverse generaals die om financiële en praktische redenen wel graag in Amsterdam gebaseerd blijven. Er is weer financiële ruimte, als Defensie wil groeien kan het Marineterrein daar behulpzaam bij zijn, staat in een interne nota van een generaal verantwoordelijk voor facilitaire zaken bij Defensie. Deze en andere pleidooien geven de doorslag.

Uiteindelijk zegt Bijleveld de overeenkomst met Amsterdam op. Maar met de nationale veiligheid heeft dit weinig van doen.

Het argument dat Defensie niet meer hoeft te bezuinigen en dat daardoor financiële ruimte ontstaat om de basis open te houden, is volgens D66 onjuist. Belhaj: "Extra geld kan beter besteed worden aan andere zaken om de krijgsmacht op orde te krijgen. Niet aan vastgoed op een van de duurste stukken van Amsterdam."

Belhaj gaat ervan uit dat het oorspronkelijke besluit van Defensie uit 2013 'nu wordt gehandhaafd'.

De gemeente Amsterdam wil geen commentaar geven vanwege lopende onderhandelingen met het ministerie. Verantwoordelijk wethouder Udo Kock zei eerder ook al dat hij in de kwestie van het Marineterrein nooit steekhoudende argumenten van Defensie heeft gehoord die met veiligheid te maken hadden.

Defensie zou financiële ruimte willen benutten om groter deel van het terrein te behouden