Plus Ondermijning

Zwart geld in de horeca: waar komen al die pizzeria’s vandaan?

Beeld Suzanne Ranzijn

De overheid gaat de strijd aan tegen ‘ondermijning’; de onderwereld die zich invreet in de bovenwereld. Dat klinkt vaag, maar speelt zich af midden in de stad, in de straat, naast de deur. Ruwweg de helft van alle Amsterdamse horeca is opgezet met duister geld.

Hoeveel steakhouses, ijssalons, pizzeria’s en fastfoodzaken kan een buurt aan? Hoe kunnen tientallen van diezelfde eetzaken in straten en buurten bestaan, al zijn die nog zo geliefd onder toeristen?

Wie met een kritische blik door, pakweg, de Leidsebuurt, de Zeedijk, de Warmoesstraat of de Damstraat en de Hoogstraten wandelt, kan niet anders dan zich die vraag stellen.

Dat doen ook de ondernemers die daar sappelen om rond te komen, terwijl ze zien hoe vrijgekomen pandjes onmiddellijk worden gevuld met weer die monotone horeca.

Een van de hardnekkigste kwesties op dit vlak draait om de koptische Egyptenaren, die aan de lopende band van het voornoemde type zaken openen in panden waar horeca van een veelkleuriger soort het hoofd niet boven water had weten te houden. Overal poppen hun zaken op, omdat ze onmiddellijk op leeg komende panden duiken en hogere overnamesommen bieden dan de concurrentie – soms tonnen hoger (voor goodwill, voorraad en inventaris).

Toch, de overheid kreeg tot nu toe nooit een vinger achter de veelal buitenlandse investeringen of achter enig groter verband. Burgemeester Eberhard van der Laan sprak daarover al in 2015 zijn zorgen uit.

Een voorman van de koptische gemeenschap, die zelf een kerstboom aan goedkope restaurants en bars op zijn naam heeft staan in de genoemde gebieden, protesteerde hevig nadat de burgemeester en anderen hun zorgen hadden geuit. Van fout geld is geen sprake, wel van ondernemerszin, schreef hij. Van keihard werken. Ja, ook onder de Egyptenaren leven zorgen om de monocultuur, maar de toerist wil nu eenmaal geen broodje bal. “Het klopt dat er veel overnames zijn en dat (Egyptisch koptische) ondernemers bereid zijn hoge huren te betalen, maar dat is het gevolg van vraag en aanbod.”

De Egyptenaren opereren niet als één groep, maar kennen elkaar wel, van de koptische kerk. Dat voedt de suggestie van concurrenten dat duistere financieringen via die kerk lopen, maar ook daarvoor is nooit bewijs gevonden. Een ingewijde: “Zoals andere ondernemers elkaar kennen uit de voetbalkantine, kan het best zo zijn dat zij elkaar gewoon kennen uit de kerk, maar dat daar niets achter zit.”

Onduidelijke bronnen

Het startkapitaal komt inderdaad vaak uit onduidelijke bronnen in Egypte, maar of daarmee wat mis is, blijft ongewis. Geregeld is het beeld dat de ondernemer her en der geld bij elkaar heeft gesprokkeld, wat juist in tegenspraak lijkt met de gedachte dat een grote schimmige speler in het spel is. Tenzij dat onderdeel is van een gewiekste strategie.

Het voorbeeld typeert hoe lastig het is licht in de duisternis te werpen.

Juist omdat ambtenaren wel ‘buikpijn’ voelen bij veel financiële constructies achter horeca, maar geen goed zicht kregen op de gelden waarmee zaken worden opgezet, is er volop reden voor diepgravend onderzoek naar de exploitanten en hun financiers, oftewel, naar wie de échte eigenaren zijn.

Dat onderzoek gaat er nu komen, staat in het programma De Weerbare Stad, waarmee de gemeente de ondermijning te lijf wil.

Van de kleine zesduizend horecazaken in Amsterdam is ruwweg de helft (!) helemaal of gedeeltelijk gefinancierd met onderhandse leningen – buiten de bank om. De overheid weet niet in hoeveel gevallen het gaat om fout geld.

Om het witwassen van misdaadgeld tegen te gaan en meer inzicht te krijgen in de onderhandse leningen trekken de gemeente Amsterdam, politie, Openbaar Ministerie, de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de Financial Intelligence Unit (FIU, waar ongebruikelijke transacties moeten worden gemeld) nu samen op.

Een eerste gezamenlijk onderzoek leverde vorig jaar op dat 51 procent van de nieuwe horeca waarvoor een vergunning was aangevraagd, onderhands zou worden gefinancierd. Liefst 35 procent van de financiers was in het verleden met justitie in aanraking is geweest. Volgens de belastingdienst was 27 procent van de onderhandse financieringen bovendien ‘niet direct verklaarbaar’.

Voldoende reden tot zorg; redenen te over om dieper in de materie te duiken. Niet alleen omdat de overheid misdaadgeld vanzelfsprekend uit de horeca wil weren, ook om oneerlijke concurrentie tegen te gaan. Juist ook dát is ondermijning: dat de kwaadwillenden de goedwillenden uit de markt drukken op een oneffen speelveld.

In het project IJgeld hebben de partijen een eerste ‘barrière’ ontwikkeld waarmee ze een nieuwe ondernemer vroegtijdig kunnen dwingen aan te tonen dat het geïnvesteerde kapitaal legaal is verkregen. Het project is begeleid door de universiteiten van Tilburg en Harvard.

Gebrekkig dossier

De kern is het omkeren van de bewijslast. De overheid toont niet meer aan dat het onderhands geleende geld ‘fout’ is, maar de ondernemer krijgt geen exploitatievergunning als hij niet aannemelijk kan maken dat de geldverstrekker in orde is.

Driekwart jaar geleden volgde een eerste succes.

De bestuursrechter gaf de gemeente gelijk toen een Syriër de exploitatievergunning was onthouden voor zijn fastfoodrestaurant Bread and Salt in de Geelvinckssteeg in de binnenstad, bij de Bloemenmarkt. Hij had onvoldoende ‘gegevens en bescheiden’ aangeleverd aan de hand waarvan de overheid kon beoordelen of zijn leningen van een man uit Saoedi-Arabië legaal waren.

Dat hij een groot deel van dat geld contant had ontvangen, speelde mee. Het buitenlandse geld was niet opgegeven bij de douane en de Syriër had geen bonnen waaruit bleek dat hij het geld legaal had gewisseld bij het grenswisselkantoor op het Centraal Station, zoals hij had beweerd.

De gemeente had zijn vergunning­aanvraag ‘buiten behandeling gesteld’, nog voordat aan de gebruikelijke Bibob-procedure (Bevordering Integriteitsbeoordelingen door het Openbaar Bestuur) was begonnen.

De vergunningaanvraag van een groep ondernemers van Turkse origine die restaurant SoulTable wilde beginnen aan de Oostoever van de Sloterplas, werd op eenzelfde manier buiten behandeling gesteld. Dat gebeurde omdat de gemeente het dossier over hun financiering gebrekkig vond. Ook dat restaurant kon niet definitief open.

Flessenhals

Probleem is dat veel beginnende ondernemers wel hun toevlucht móeten nemen tot onderhandse leningen, omdat de banken hun zaken niet willen financieren. Geld dat buiten de banken om is geleend van familie, vrienden of kennissen, kan best uit legale bron komen. Ook forse leningen die via ingewikkelde constructies langs buitenlanden lopen, zijn niet per definitie fout.

Naar aanleiding van het project ­IJgeld heeft burgemeester Femke Halsema daarom in juni in haar ambtswoning gesproken met vertegenwoordigers van banken, Koninklijke Horeca Nederland en het midden- en kleinbedrijf (mkb). De banken gaan in een werkgroep meedenken over de vraag hoe ze deze ondernemers kunnen helpen.

De flessenhals, nu: banken moeten voor boekenonderzoeken en andere controles van onbekende kleine ondernemers enorme kosten maken. Het is daardoor verre van lucratief ze een paar ton aan startkapitaal te lenen.

De banken financieren veel liever bekende partijen of, pakweg, grote ketens, omdat die zelf de slechtlopende zaken wel opdoeken en een stootje kunnen hebben – wat de risico’s beperkt.

De horeca is lang niet de enige branche waarbij buurtbewoners, ondernemers en ambtenaren al tijden vraagtekens zetten – neem de hausse aan souvenirwinkeltjes, Nutellawinkels, minisupermarkten – maar oppervlakkig onderzoek is nooit genoeg gebleken om misstanden aan te tonen. Daar ligt nog werk te over, daarover is iedereen het wel eens.

Horeca in de Leidsebuurt

In de Leidsebuurt alleen al zitten maar liefst 182 horecazaken, waarvan 83 restaurants, 51 cafés, 12 clubs, 9 fastfoodzaken en 6 coffeeshops. Verreweg de meeste zaken zitten aan het Leidseplein, aan de Korte en Lange Leidsedwarsstraat en de Leidsekruisstraat. Zeker 15 restaurants zijn inwisselbare steakhouses die zich voornamelijk op toeristen richten. Er zijn ook vele pizzeria’s en nog tal van zaken die zowel steaks en pizza’s als shoarma en aanverwante producten aanbieden, plus nog zes Indiase restaurants. Vermoedens en verhalen over misstanden zijn er ook hier volop, maar het gaat vooral om rook te midden waarvan nog geen vuur is gevonden – incidentele zaken daargelaten.

Zomerserie

Wat is ondermijning? Criminelen die zich de reguliere samenleving in vreten en die ontwrichten. Vaak sluipenderwijs en eerst onzichtbaar, maar uiteindelijk met grote impact. Het zwartgeldcircuit, met vele verschijningsvormen, loopt in Nederland minstens in de miljarden. Van de 100 miljoen euro die de regering heeft uitgetrokken om de ondermijning in te dammen, krijgt Amsterdam ongeveer 8 miljoen.

1.Het gevaar van aannemen van cash
2.Malafide dienstverleners: onmisbare schakels
3. De donkere kant van de taxibranche
4.Witwassen: waar slaat het drugsgeld neer in de stad?
5.Criminele verzamelplaatsen
6.Hoe winkelstraten of buurten te heroveren op criminele invloeden?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden