AMSTERDAM - Voor illegale taxi's, de snorders, bestaat in stadsdeel Zuidoost de ideale voedingsbodem. Politie en stadsdeel schatten het aantal snorders tussen de vijfhonderd en duizend. Gisteren werd bekend dat de politie, met inzet van agenten in burger, dit jaar in Zuidoost 55 chauffeurs heeft gearresteerd, snorders die zonder benodigde papieren zwart werkten.

In het stadsdeel komen alle factoren samen die bevorderlijk zijn voor het ontstaan van een informeel taxibedrijf. Om te beginnen kennen veel allochtone groepen vanuit hun thuislanden, waar het 'officiële' transport te wensen overlaat, het informele openbaar vervoer. In landen als Ghana en Suriname bestaat geen onderscheid tussen legale en illegale taxi's; wie een auto bezit kan er gemakkelijk een paar centen bij verdienen.

Ook in Zuidoost laat het openbaar vervoer te wensen over. Het stadsdeel is van buiten goed bereikbaar, maar de verbindingen binnen de wijk zijn, zeker in de daluren, pover. Er is in de Bijlmer grote behoefte aan 'kriskrasvervoer', zoals Mark Sloothaak dat noemt in zijn masterscriptie planologie. De student aan de Universiteit van Amsterdam deed onderzoek naar het fenomeen snorder, dat nergens in Nederland zo ontwikkeld is als in Zuidoost.

Het openbaar vervoer sluit slecht aan bij de behoefte aan 'kriskrasvervoer', terwijl zich in het stadsdeel nieuwe (uitgaans-)centra ontwikkelen (Amsterdamse Poort, Ganzenhoef, Arena Boulevard, Foodstrip) en tientallen kerken en feestzalen verspreid door de hele wijk liggen. Dat leidt vooral in de weekeinden tot een vervoersvraag oost-west en vice versa, waarin de bus niet voorziet. Gewone taxi's kosten bijna driemaal zoveel als een snorder, doen Zuidoost nauwelijks aan en standplaatsen zijn er niet veel.

Sloothaak berekende dat alleen al de kerkgang van de Ghanese gemeenschap (tachtig procent bezoekt wekelijks een kerk) goed is voor 3300 ritten van snorders per zondag; op die momenten zijn andere vormen van vervoer geen redelijk alternatief. De snorder is vaak iemand uit de eigen gemeenschap, die een betaalde lift of betaalde vriendendienst biedt.

Snorders spelen een grote rol bij het overbruggen van afstanden tussen de twee en vijf kilometer, doorgaans binnen het stadsdeel. Dat zijn afstanden waarvoor veel Nederlanders de fiets pakken, maar dat vervoermiddel heeft bij de meeste allochtone groepen een zeer lage status, minder dan vijftig procent maakt er wel eens gebruik van. Snorders worden vooral gebruikt voor kerkbezoek en uitgaan - in zondagse- of feestkleding is de fiets niet ideaal, nog afgezien van de veiligheid in de avonduren.

Het was de stedenbouwkundige structuur die de snorder vanaf het begin veel kansen heeft geboden, stelt Sloothaak vast. ''De afstand tussen de metrostations en de flats was groot en niet prettig voor voetgangers, vanwege vele omwegen. Degenen die in dit gat doken waren de snorders. Ze reden vanaf de metro over het maaiveld - zonder vergunning - direct naar de flats.''

Inmiddels is die structuur op veel plaatsen veranderd, maar is de markt voor de snorders blijven bestaan. Veertig procent van de bewoners van Zuidoost maakt er (wel eens) gebruik van.

Politie en stadsdeel treden op tegen het fenomeen omdat snorders geen belastingen en premies afdragen, daardoor oneerlijke concurrentie vormen, en bovendien ook een rol spelen in drugscriminaliteit.

Sloothaak citeert een Surinaamse taxiondernemer, die zegt: ''In Amsterdam-Zuidoost is de prijs doorslaggevend. Als we proberen snorders naar nul terug te brengen, zal dit nooit lukken. In Nederland kan men geen werk vinden, alles is belasting. Men wil niet gaan stelen of roven, daarom wordt men snorder. Als je snorders gaat beperken, krijg je dieven.''

Sloothaak suggereert dat een strafbaarstelling van de passagier het verschijnsel zou kunnen terugdringen. Maar de snorder en zijn klant zullen, bij aanhouding, het zakelijke aspect van hun ritje niet erkennen.

De 55 snorders die de politie in de eerste maanden van dit jaar arresteerde, moesten wel; er stapte een als passagier zich voordoende politieman in. (ALBERT DE LANGE)