PlusAchtergrond

Zon, zee, zonder kleren: de strijd voor het eerste naaktstrand

Het naaktstrand bij Zandvoort, 1975. Beeld Nederlands Fotomuseum / HH
Het naaktstrand bij Zandvoort, 1975.Beeld Nederlands Fotomuseum / HH

In de zomer van 1971 lieten twee naturisten zich bekeuren op het strand van Callantsoog. Het was het begin van de strijd voor een officieel naaktstrand. Tegenstanders dreigden zelfs met een bomaanslag.

“Het is verrukkelijk. U zou het zelf eens moeten proberen.” In de rechtszaal brak een bulderend gelach uit. De onbevangenheid waarmee de Amsterdamse Nel Molenkamp-Quist deze woorden uitsprak, maakten van haar voor altijd een heldin in naturistisch Nederland. Samen met een aantal gelijkgestemden had ze een stukje strand ontdekt tussen Callantsoog en Sint Maartenszee. Daar, achter het natuurgebied Het Zwanenmeer, was het rustig genoeg om alle kleren uit te trekken zonder dat iemand er last van had. Totdat de ­politie haar op de bon slingerde.

Quist, die een aantal jaren geleden overleed, was het, zoals ze zelf zei, zat om zich altijd te verstoppen achter rieten matten op het clubterrein van de Amsterdamse Licht Bond in de Ankeveense Plassen. Verandering hing in de lucht. Hier en daar waren langs de Nederlandse kust spontaan plekken ontstaan waar zonder badkleding van het strand, de zee en de zon werd genoten, zoals in Callantsoog. Ex-reclasseringsambtenaar en in die dagen Amsterdammer, Ton Wilhelm: “We hadden in het buitenland, in Frankrijk of Joegoslavië, al kennisgemaakt met openbare naturistenstranden. In Nederland ­bestond dat nog niet, terwijl we wel veel mooie stranden hebben.”

Legaal was het allemaal niet. Wie door de politie werd betrapt, kon rekenen op een boete die kon oplopen tot 160 gulden op grond van artikel 239 van het Wetboek van Strafrecht vanwege ‘openbare schennis van de eerbaarheid’. De plek in Callantsoog was een publiek geheim, iedereen liet de groeiende groep naaktrecreanten met rust. Aanvankelijk hadden ook gemeente en politie geen zin om op te treden, aldus Wilhelm. “Af en toe kwam de politie uit Callantsoog een kijkje nemen. Zij deden deed niet erg hun best om snel of in het geniep te komen aanrijden. Iedereen had daardoor voldoende tijd om zich te bedekken.”

Principiële uitspraak

Totdat Ton Wilhelm en Nel Quist het zat ­waren. Quist zei daarover in het blad van de Nederlandse Federatie van Naturisten dat iedereen onmiddellijk zijn broek aanschoot als er ­politie in zicht was. “Bij weer eens een controle bleven wij bloot zitten. De politie kwam regelrecht op ons af en sommeerde ons iets aan te trekken. Waarop ik zei: en als ik dat niet doe?”

Wilhelm: “Ze vertelden dat ze ons dan zouden moeten bekeuren.” Zonder het met zoveel woorden te zeggen, gaven de agenten al aan dat het goed zou zijn als er nu eens een principiële uitspraak zou komen, aldus Wilhelm. En dus lieten Quist en Wilhelm zich bekeuren. Toen de politiemannen ‘vriendelijk groetend’ weggingen, kregen beide blootlopers een applausje van de omstanders, aldus Wilhelm.

Rechtszaak

Omdat Quist en Wilhelm de bon van ieder twintig gulden niet betaalden, werden ze in december 1971 op het matje geroepen bij de rechtbank in Alkmaar. Ze werden vrijgesproken. Het hoger beroep bij het Hof in Amsterdam, dat een half jaar later volgde, kwam tot dezelfde slotsom. Er was, geheel in lijn met de geest des tijds, geenszins gebleken dat daar door verdachten ‘willens en wetens en voor het normaal ontwikkelde schaamtegevoel kwetsende handelingen werden verricht,’ zoals de rechter het formuleerde. Met andere woorden: wat justitie betreft, konden ze hun gang gaan. Daarmee was de kogel door de kerk en maakte de gemeenteraad van Callantsoog de weg vrij een klein stuk van het strand te bestemmen voor naaktrecreatie.

Tijdbom

Dat ging echter niet zonder slag of stoot. Nog voordat het zover was, was er al van diverse kanten kritiek geuit op het oogluikend tolereren van het naaktstrand. Zo vroeg de directeur en toentertijd eigenaar van natuurterrein het Zwanenwater, jonkheer M. van der Pol, om meer ­politietoezicht. ‘Recherche in burger heeft vermoedelijk het meeste succes,’ schreef hij. Later drong hij opnieuw aan op politiecontrole, omdat hem ter ore was gekomen, ‘dat dit huidige naturisme geen onschuldig en vreedzaam gedoe is, maar meer lijkt op een soort sextroep.’ De plaatselijke VVV zag in de blootlopers een bedreiging voor het imago van de rustige familiebadplaats.

Vlak voordat de gemeenteraad een voor de ­naturisten positief besluit nam, organiseerde strandtentexploitant Piet Vos een heuse ­demonstratie tegen de naaktloperij. Een maand nadat het besluit was genomen, ontving de burgemeester twee dreigbrieven, waarin werd ­gemeld dat er een tijdbom op het strand zou worden geplaatst, maar dat bleek grootspraak.

Laatste restje verzet

Het tij kon niet meer worden gekeerd. In de zomer van 1973 kreeg Callantsoog het eerste legale naaktstrand van Nederland, een afgebakend stukje strand van slechts 400 meter. Van de voorspelling dat het de rustige familiebadplaats Callantsoog schade zou berokkenen, bleef weinig heel. De blootlopers wekten even de nieuwsgierigheid op, maar al snel deden ook de geklede badgasten weer gewoon waar ze voor naar het strand waren gekomen: zonnen en zwemmen. En nadat in mei 1975 toenmalig minister Dries van Agt op vragen aangaande de naaktstranden te kennen gaf dat het onder bepaalde omstandigheden niet strafbaar was om in het openbaar ongekleed te gaan, was het gedaan met het laatste restje verzet. Het duurde overigens nog tot 1986 voor de landelijke legalisering een feit was.

De Telegraaf van 27 april 1973, over een demonstratie tegen het naaktstrand in Callantsoog. Beeld Telegraaf
De Telegraaf van 27 april 1973, over een demonstratie tegen het naaktstrand in Callantsoog.Beeld Telegraaf

Ook blootlopers hebben geld

Ook exploitanten van strandtenten verzetten zich tegen naaktrecreatie, totdat ze ontdekten dat ook bloot­lopers geld uitgaven op het strand. Piet Drieënhuizen, die jarenlang een strandtent had op het naaktstrand: “Je hebt echt geen broekzak nodig voor je portemonnee als je iets wilt kopen. Die mensen kochten ook gewoon ijs en bier. En ik moet zeggen, de sfeer was altijd prettig op het blote strand.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden