PlusAchtergrond

Zomer in het Plantagepark van 1888: een slangenact en acrobatiek aan een ballon

De Parktuin lag er eind 1887 overwoekerd bij. Ondernemer Pierre Geselschap bracht de voorloper van het Wertheimpark terug tot oude glorie en organiseerde er in 1888 een zomer vol variété en ballonvaarten.

Het interieur van de Parkzaal in de Parktuin aan de Plantage Parklaan, tegenwoordig het Wertheimpark, tijdens een bloemententoonstelling in 1853. Beeld Stadsarchief Amsterdam
Het interieur van de Parkzaal in de Parktuin aan de Plantage Parklaan, tegenwoordig het Wertheimpark, tijdens een bloemententoonstelling in 1853.Beeld Stadsarchief Amsterdam

Het was Napoleon, die in 1811 Amsterdam het allereerste wandelpark schonk: een groengebied naast de Hortus Botanicus. Dat park kwam tot bloei toen Frascati-eigenaar Eduard Stumpff het in 1849 pachtte en er de Parkzaal bouwde, een concertzaal waar grootheden als Franz Liszt en Max Bruch zouden optreden. Hij vernieuwde het park in de Engelse landschapsstijl, met een grote fontein als blikvanger. En zette een entreehek neer met metalen sfinxen.

Zijn neef, dirigent Willem Stumpff, nam in 1868 de zaken over en bouwde de Parktuin verder uit als ontspannings- en ontmoetingsplek voor de welgestelde burgerij. Toen zijn contract in 1882 afliep, verpachtte de stad het park aan ondernemers die, tot onvrede van buurtbewoners en verdriet van Willem Stumpff, de Parkzaal sloopten en er in 1883 de Parkschouwburg openden. De nieuwe schouwburg was niet bijzonder winstgevend. Het parkonderhoud schoot erbij in. Na jaren van verwaarlozing begon het groen, in de woorden van het Algemeen Handelsblad, ‘aardig op een brokje natuurschoon’ te lijken.

Elektrische verlichting

In het vroege voorjaar van 1888 diende zich een veelbelovende nieuwe pachter aan. Pierre Geselschap beloofde orde op zaken te stellen en de parktuin te exploiteren in de geest van Willem Stumpff. De vroegere tuinman werd ingehuurd om het park in zijn oude glorie te herstellen. Langs de paden kwam moderne elektrische verlichting, rondom het buitenpodium verrezen overkapte veranda’s met zitplaatsen voor 1400 personen. Elk tafeltje had een elektrische bel voor de bediening, er werden verse wafels gebakken en heren konden een sprintje trekken op een klein wielerparcours.

Het toegangshek van de Parktuin aan de Plantage Parklaan, sinds 1898 Wertheimpark genaamd. Beeld Stadsarchief Amsterdam
Het toegangshek van de Parktuin aan de Plantage Parklaan, sinds 1898 Wertheimpark genaamd.Beeld Stadsarchief Amsterdam

In mei ging het park open. Een café chantant met internationale variétéartiesten moest de stoelen dagelijks vol zien te krijgen. De International Variety Company kreeg opdracht om die zomer maar liefst 120 optredens te verzorgen. Impresario Henry Victor en manager Willem Boesnach contracteerden een waaier aan artiesten, van de bekende Franse mezzosopraan madame Juana tot een hondennummer.

Grootste publiekstrekker die zomer was slagenmens H.B. Marinelli. Deze tengere 24-jarige Duitser, geboren als Hermann Buettner, kronkelde op het schaars verlichte podium in een slangenpak langzaam door een bosschage met tropische planten en een grote kunstboom. Terwijl hij huiveringwekkende geluiden voortbracht, fonkelden zijn schubben onder de rood, blauw en groen gekleurde lampen. De pers besprak zijn shows in gloedvolle termen en merkte op dat hij geen rug of borstkas leek te bezitten.

Ballonnenimperium

Als extra attractie stegen enkele keren luchtballonnen op vanuit de Parktuin. Het bezoek van luchtvaartpionier Félix Nadar en zijn ballon Le Géant in 1865 was een teleurstelling geweest voor veel Amsterdammers, maar de belangstelling voor de ballonvaart bleef groot. De luchtballonnen die in de zomer van 1888 opstegen in de Parktuin werden geleverd door ballon-entrepreneur Anton David Smit, die vanuit zijn appartementje in de Nes een ballonnenimperium uit de grond probeerde te stampen. Zo werkte hij met zijn Nederlandse luchtvaartvereniging aan wendbare luchtballonnen met stoommachineaandrijving en torpedoballonnen, vanwaaruit granaten op een vijandelijk leger gegooid konden worden.

Affiche voor de ballonvaart met luchtacrobatiek in de Parktuin. Beeld Stadsarchief Amsterdam
Affiche voor de ballonvaart met luchtacrobatiek in de Parktuin.Beeld Stadsarchief Amsterdam

Het Prinsessefeest ter gelegenheid van de achtste verjaardag van kroonprinses Wilhelmina was hét Amsterdamse zomerevenement van 1888. Op vrijdag 30 augustus trad in de Parktuin om middernacht een militaire taptoe aan van 250 personen, een uur later volgde een groot openluchtbal.

Het hoogtepunt van het programma was op zaterdag 1 september. Die avond zou het variétégezelschap optreden met Marinelli als hoofdact, waarna om een uur of tien ballon Estella zou worden opgelaten met daaronder aan de trapeze Mister Atkinson. Het was de Europese primeur van ‘den Amerikaanschen Luchtkoning’. Wat het Amsterdamse publiek niet wist, was dat de enige echte Mister Atkinson al in 1878 van 90 meter hoogte te pletter was gevallen. Een anoniem gebleven Amsterdamse acrobaat lijkt de illustere naam te hebben geleend.

Al uren van tevoren hadden duizenden mensen zich in en om het park verzameld. Er hing spanning in de lucht: ballon Excelsior was een dag eerder opgestegen vanaf café Maas aan de Amstel en bij Vollenhove in de Zuiderzee gestort. De luchtreizigers konden ternauwernood worden gered door een lokale visser.

‘Laag bij den grond’

Om acht uur opende Marinelli de avond met zijn slangenact. Ondertussen hing de Estella veelbelovend iets boven de grond, verlicht door booglampen. Alle ingrediënten voor een sensationele afloop van de avond waren aanwezig, maar toen ‘Mister Atkinson’ aan zijn luchtacrobatiek begon, voelde het publiek zich bij de neus genomen. De ballon verhief zich weliswaar een meter of vijftien in de lucht, maar bleef met drie touwen aan de grond gezekerd, en ook de acrobatische prestaties vielen tegen. ‘In dubbelen zin van het woord laag bij den grond,’ volgens het Handelsblad. Heel anders dan op het vrolijke affiche werd de luchtkoning onthaald op een fiks fluitconcert. Het merendeel van de toeschouwers zal zich snel uit de voeten hebben gemaakt richting feestgedruis elders in de stad, misschien nog waren ze net op tijd voor het grote vuurwerk bij het Paleis voor Volksvlijt.

Nieuw pachtcontract

De gemeenteraad verlengde na de zomer van 1888 het pachtcontract van Pierre Geselschap. Hij bestierde het Park tot 1893. Na een nieuwe opknapbeurt in 1898 werd het park vernoemd naar de bankier en filantroop Abraham Carel Wertheim en kreeg het zijn huidige fontein. De Parkschouwburg werd in 1912 gesloopt.

De metalen sfinxen, na de oorlog vervallen, werden in 1948 verwijderd. Maar in 1982 werden marmeren replica’s herplaatst, bij het 300-jarig bestaan van de Plantagebuurt.

In 1977 werd in het park het Auschwitzmonument van Jan Wolkers geplaatst, waar de jaarlijkse Auschwitzherdenking wordt gehouden.

Dit is een bewerking van een artikel uit het zomernummer van Ons Amsterdam: onsamsterdam.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden