PlusAchtergrond

Zo ziet onderwijs in het coronatijdperk eruit

De Amsterdamse scholen mogen gesloten zijn, online gaat het onderwijs gewoon door. Rekenoefeningen op de tablet met je meester in een klein vierkantje rechtsonder in beeld, of je gymdocent die oefeningen met je doet via Skype: welkom in het onderwijs in het coronatijdperk. 

Beeld ANP

Eigenlijk had hij er twee dagen voor uitgetrokken, maar na een dag stond het al overeind, zegt Wilfred Vlakveld, rector van het Hervormd Lyceum Zuid (HLZ). “Veel infrastructuur lag al klaar. We moesten het alleen nog gebruiken.”

Leraren geven nu massaal vanuit huis les, middels videoconferentie-applicaties als Microsoft Teams en Google Hangouts. Hoewel het suboptimale omstandigheden zijn, spreekt hij van een ‘zegen voor het onderwijs’.

Jan Paul Beekman, rector van het Spinoza Lyceum in Zuid, herkent dat. Op zijn Daltonschool zijn de meeste leerlingen en leraren wel gewend aan zelfstandig werken en digitale lesmiddelen. “De docenten die eerder nog kritisch waren op het laatste, stappen nu over hun schroom of hun angst heen.”

De middelbare scholen houden over het algemeen hun oude lesroosters aan: op de uren dat je onder normale omstandigheden Frans of wiskunde zou hebben, kun je nu met de betreffende docent bellen, mailen of appen. “Maar in plaats van 60 minuten, duren onze lessen nu 50 minuten,” zegt Maryse Knook, directeur-bestuurder van de Open Schoolgemeenschap Bijlmer (OSB). “De spanningsboog van de leerlingen is korter wanneer ze niet samen in een klas zitten. Zeven keer een uur lang virtueel naar de docent kijken, is toch lastig.”

Vierkantje

Wie denkt dat dat voor basisschoolkinderen al helemaal een uitdaging is, heeft het mis. Jan-Joris Hoefnagel, directeur van basisschool De Dapper in Oost, werkt al jaren met het programma Snappet, waarvoor leerlingen hun eigen inlogcodes hebben. “De leerkracht kan bij alle leerlingen meekijken om te zien of ze goed bezig zijn. Met videobellen staan ze live in contact met de leerlingen. Tevens nemen leerkrachten dagelijks drie instructiefilmpjes op met het schoolbord groot, en de leerkracht in een vierkantje rechtsonder.”

In het primair onderwijs wordt wel korter om de aandacht van kinderen gevraagd, mede omdat ze minder zelfstandig zijn dan middelbareschoolleerlingen. Basisschoolkinderen hebben nog ondersteuning van hun ouders nodig, terwijl die ouders nu veelal vanuit huis moeten werken. De basisschoolkinderen van Hoefnagel moeten daarom tussen 9 en 12 uur in de ochtend bij de les blijven – tenminste, als ze een computer hebben.

Menno van de Koppel, directeur van de Onderwijs Consument Organisatie (OCO): “Het is nog onduidelijk wat in deze situatie ieders rechten en plichten zijn. Maar volgens het ministerie moeten scholen oplossingen vinden voor ouders die thuis geen computer hebben.”

Hoefnagel ziet daarin mooie dingen ontstaan. “Wij hebben inmiddels twintig schoolcomputers uitgeleend aan ouders. Sommige leerkrachten bellen daarnaast ook nog met de ouders om uit te leggen hoe we werken.”

Werkboekjes

Sommige scholen sturen juist aan op opdrachten, in plaats van digitaal les te geven. Op basisschool Samenspel in Zuidoost konden kinderen, naast digitaal onderwijs, pakketten met werk ophalen. “Het gaat dan bijvoorbeeld om werkboekjes,” zegt directeur Marijke van Amersfoort. “Leraren maken dagelijks een overzicht van wat kinderen moeten doen.”

Waar Hoefnagel ervoor kiest het onderwijsprogramma door te laten gaan zoals normaal, zet Van Amersfoort vooral in op het herhalen van stof. “Nieuwe kennis aanbrengen is niet te doen bij de kinderen op onze school, die vaak al een taalachterstand hebben.”

Komende week gaan de middelbare scholen weer even open voor leerlingen die schoolexamens moeten maken. Het HLZ moest halsoverkop sluiten middenin een examenweek. “Vanaf volgende week nemen we de examens in een rustiger tempo af: maximaal één per dag,” zegt rector Vlakveld. Docenten mogen mondelinge examens via Teams doen.

De OSB gaat ook weer open, maar ziet zich daardoor wel voor nieuwe problemen gesteld. Voor de theoretische vakken mogen er niet meer dan twaalf leerlingen in een lokaal, zegt OSB-directeur Knook, met de praktische vakken slechts twee. Ze heeft het stadsdeel gemaild, omdat de school daarvoor niet genoeg surveillanten en gangwachten heeft.

Thuis sporten

Knook is onverkort lovend over de inzet van haar leerkrachten. Volgens haar komen er fantastische, creatieve voorbeelden binnen. Zo maken de gymdocenten van scholenkoepel Zonova die twintig basisscholen in Zuidoost heeft, instructiefilmpjes voor sportoefeningen thuis.

De leraren van de HLZ bellen regelmatig een-op-een met hun mentorleerlingen. “Er zullen kinderen in overvolle huizen zitten, maar ook kinderen die de hele dag in hun eentje thuis zitten. Het sociale aspect moeten we niet vergeten.”

Volgens OCO-directeur Van de Koppel heeft Amsterdam nu te maken met een driedubbele onderwijscrisis: eerst het lerarentekort, daarbovenop de sluiting van de scholen en dan nog het feit dat de meest kansarme leerlingen het hardst getroffen worden. “Scholen zijn enorm overvraagd. Dus het is heel knap van de leraren dat ze in staat zijn om dit in zo’n korte tijd van de grond te krijgen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden