PlusAchtergrond

Zo kan seksuele voorlichting ook: ‘Kinderen kunnen vrijuit praten’

Seksuele voorlichting is meer dan praten over soa’s en zwangerschappen. Veel jongeren missen onderwerpen als het aangeven van je grenzen en omgaan met elkaar in de voorlichtingslessen. Hoe moet het wel? ‘Iedereen voelt het als een ander te dichtbij komt.’

null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Iedereen kent het gevoel, dat een ander nét een stapje te dichtbij komt. Doe je dan zelf - misschien onbewust - een stap naar achter, of blijf je staan? En wie gaat nog verder en zegt dat hij het niet prettig vindt? “Door een dergelijke oefening te doen met kinderen kun je inzichtelijk maken hoe het voelt als iemand in je aura komt,” zegt Esther Jalink (44). Ze geeft namens kenniscentrum voor seksualiteit Qpido al acht jaar seksuele voorlichting op Amsterdamse scholen.

“Iedereen voelt het als een ander te dichtbij komt. Dat kan in je buik zijn, in je keel, of misschien krijg je weke benen. Wij bespreken dan met leerlingen: dit gevoel betekent dus dat je iets niet prettig vindt. Als je dat nou een keer voelt, probeer er dan niet overheen te stappen maar luister ernaar.”

Uit een onderzoek van Ipsos, dat dinsdag werd gepresenteerd, bleek dat veel jongeren niet tevreden zijn over de seksuele voorlichting op middelbare scholen. Er is te weinig aandacht voor relaties, de omgang met elkaar en het aangeven van je grenzen. In Amsterdam maken veel scholen naast hun eigen voorlichtingslessen gebruik van extra lessen, zoals die bijvoorbeeld door Qpido worden gegeven.

De voorlichters van Qpido komen elk jaar op zo’n 40 tot 60 scholen, waar ze met leerlingen in gesprek gaan over een veelheid aan onderwerpen: van sexting en grooming, diversiteit, relaties, seksueel misbruik, omgang met elkaar, porno en lichamelijke veranderingen tot straatintimidatie. De voorlichting is al mogelijk vanaf groep acht, maar het meest gevraagd is voorlichting in de 2de en 3de klas van de middelbare school.

Gevoel van veiligheid

Populair is het programma ‘Liefde is...’, waarbij een voorlichter vier keer anderhalf uur in de klas komt. “Dat geven we aan jongens en meisjes apart van elkaar,” zegt Jalink. “Het verhoogt het gevoel van veiligheid, zodat kinderen vrijuit kunnen praten. De docent zit er om dezelfde reden niet bij.”

In de vier bijeenkomsten komen zo ongeveer alle onderwerpen voorbij die je maar kunt bedenken. Naast de meer traditionele voorlichting over voorbehoedsmiddelen en lichamelijke veranderingen gaat het programma ook specifiek over de gevoelswereld rondom seksualiteit. Jalink: “Hoe spreek je iemand aan op wie je verliefd bent? En hoe weet je dan hoe ver je kunt gaan in contact met de ander, hoe bespreek je met elkaar wat je beiden wilt, en geef je aan als je iets niet prettig vindt? We geven ook voorbeelden: welke zinnen kun je gebruiken als je in zo’n situatie terechtkomt?”

Jongens en meisjes zitten vaak met dezelfde vragen, merkt Jalink. “Meisjes zijn soms wat terughoudender, jongens doen in eerste instantie vaak wat stoerder, maar daarna komen de vragen alsnog wel los. De ene klas is de andere ook niet, sommigen hebben al meer gezien of meegemaakt dan anderen.”

Porno

Taboe’s zijn er niet tijdens de bijeenkomsten. Jalink: “Het kan bijvoorbeeld zijn dat kinderen porno hebben gezien, en dan termen door de klas roepen waarvan ze wellicht de betekenis niet goed van kennen. Wij proberen dan mee te geven: er is op internet inderdaad veel te vinden, maar in het echt gaan mensen meestal niet zo met elkaar om. En heel belangrijk: je hoeft niet aan dat beeld te voldoen.”

Niet elk kind durft zijn of haar vraag en plein public te stellen. Jalink: “Aan het eind van de les levert iedereen een anonieme post-it in met een vraag of opmerking. Die bespreken we dan de volgende keer.”

De lessen van Qpido zijn interactief: er wordt veel geoefend, nagespeeld en uitgebeeld. “Zo vragen we bijvoorbeeld aan jongens: wat roep je weleens naar een meisje of vrouw die je voorbij ziet lopen op straat,” zegt Jalink. “Dat gaat van woorden als meisje en schatje tot hoer, of nog erger. Alle woorden gaan op het bord, en daarna moeten ze op een vel papier de naam van de belangrijkste vrouw uit hun leven schrijven, vaak een moeder, oma, zusje of nicht. Ze moeten de woorden van het bord overnemen op hun eigen vel, en dan komen de vragen: ‘Maar meester, ik kan mijn zusje toch geen hoer noemen?’. Dan komt het gesprek los, dat die persoon op straat ook iemands moeder is.”

Belaagd homostel

Jalink en haar collega’s maken in de lessen vaak gebruik van de actualiteit. “Bijvoorbeeld bij een nieuwsbericht dat een homostel op straat belaagd is, of een regenboogvlag beklad. Sommige kinderen zeggen: als mijn vriend zegt dat hij homo is, dan zijn we geen vrienden meer. Dat is dan een mooi aanknopingspunt om met de klas over in gesprek te gaan. Heel af en toe hebben we weleens groepen waar echt negatief wordt gedacht over mensen die niet hetero zijn.”

Ook dan wil een oefening weleens helpen. Jalink: “Als je iedereen met krullen laat opstaan en zegt, jullie mogen niet meer meedoen, dan doet dat wel wat met de leerlingen. Zo creëren we het besef dat je geboren wordt zoals je wordt geboren. Het minimale doel is dat de leerlingen leren respectvol met elkaar om te gaan. Onze voorlichters zijn vaak relatief jong en hebben een achtergrond als hulpverlener, die weten goed hoe ze dit soort onderwerpen moeten overbrengen.”

Ook voor een moeilijk onderwerp als seksueel misbruik is aandacht. “Wat dat is, en dat het überhaupt bestaat, want niet elke jongere weet dat. We zijn ook onderdeel van een zorgketen: als ze willen kunnen leerlingen later nog contact met ons opnemen, als ze hulp nodig hebben of ergens over willen praten. Zodat ze na die vier bijeenkomsten niet blijven hangen met een gevoel van: ik zit ergens mee, wat nu? Het uiteindelijke doel is dat kinderen veilig seksueel kunnen opgroeien.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden