PlusAchtergrond

Wordt Klaus Mäkelä de nieuwe chef bij het Concertgebouworkest?

L'Orchestre de Paris onder leiding van Klaus Mäkelä in 2020.  Beeld Mathias Benguigui/Pasco&Co
L'Orchestre de Paris onder leiding van Klaus Mäkelä in 2020.Beeld Mathias Benguigui/Pasco&Co

Groot nieuws in de wereld van de klassieke muziek. Het Concertgebouworkest heeft gemeld dat ze aan het einde van de zomer ‘iets gaan aankondigen’ over de benoeming van een nieuwe chef-dirigent.

Erik Voermans

Het Koninklijk Concertgebouworkest maakt aan het einde van de zomer naar alle waarschijnlijkheid bekend wie zijn nieuwe chef-dirigent wordt, de achtste in de geschiedenis van het orkest.

“We gaan het nu nog niet over namen hebben,” zei artistiek directeur Ulrike Niehoff tijdens een interview over de plannen voor het seizoen 2022/2023. “Maar ik kan wel vertellen dat we voor het einde van dit seizoen iets aankondigen. Over het proces ga ik verder niets zeggen.”

Bij Concertgebouworkest via Mahler

De weg naar een chefschap van het Concertgebouworkest verliep tot nog toe langs de lijnen van Mahleruitvoeringen. Dat was bij Mariss Jansons zo, de zesde chef, en ook bij Daniele Gatti, chef nummer zeven, wiens règne in 2018 abrupt eindigde na beschuldigingen van grensoverschrijdend gedrag. Sinds Gatti’s vertrek speelt het KCO chefloos en dat gaat eigenlijk verrassend goed.

“Ja,” zegt Niehoff, “het niveau is hoog. Maar het is goed een chef te hebben, want zo kun je meer bereiken, werken aan het repertoire en meer de diepte ingaan. Dat is met gastdirigenten moeilijker. Je zou kunnen zeggen: het hóéft niet, maar we willen het. Het geeft rust en dat is belangrijk.”

De nieuwe chef werd na Chailly altijd degene die het vaakst Mahler met het KCO had uitgevoerd. Dan zouden we uitkomen bij Daniel Harding, die al zestig keer voor het orkest stond en kernrepertoires als Mahler en Bruckner, en Strauss’ Ein Heldenleben mocht dirigeren. Toch lijkt er een nog evidentere kandidaat te zijn in de persoon van de 26-jarige Fin Klaus Mäkelä. Die maakte in 2020, op zijn 24ste, zijn debuut bij het orkest, mocht dat jaar meteen als invaller voor Fabio Luisi de Kerstmatinee leiden en werd door de leiding van het KCO bij elke gelegenheid die zich voordeed uitgenodigd.

Dirigeertalent van de eeuw

Er is bij Mäkelä alleen een dubbel probleem. Hij is wel érg jong en, belangrijker, hij zit zowel bij het Orchestre de Paris als bij het Oslo Philharmonisch Orkest vast aan nog lopende contracten. Zeker Parijs, waar hij pas onlangs is aangetreden, zal hij ongaarne opgeven. Harding heeft daarentegen zijn handen min of meer vrij.

Over de chemie tussen de jonge Fin en het orkest hoeven we het verder niet te hebben. Het vonkt en knispert van wederzijdse liefde tussen beide partijen, op een manier die bij Harding nooit zó intens is voorgekomen.

Concluderend kan het dus alleen Mäkelä worden, die door sommigen ‘het dirigeertalent van de eeuw’ wordt genoemd. Dat er een risico aan kleeft, omdat hij nog geen Mahler met het KCO heeft uitgevoerd, hoeft geen halszaak te zijn. Zo’n reusachtig talent kan alles laten glanzen en glimmen. En waren Haitink en Chailly niet ook nog piepjong toen ze chef werden?

Klaus Mäkelä dirigeert het KCO in het nieuwe seizoen in vier verschillende programma’s, waarvan er twee ook in het buitenland worden gespeeld.

Drie vrouwelijke debutanten bij Concertgebouworkest

Opmerkelijke debutanten zijn Teodor Currentzis (Mahler 4), Mirga Grazinyte-Tyla, Barbara Hannigan en Joanna Mallwitz, waarmee het aantal vrouwelijke dirigenten dat in 2022/2023 voor het KCO staat op 3 komt, tegen 25 mannen. Mallwitz leidt acht opvoeringen van Dvoráks Russalka bij De Nationale Opera.

Interessant is ook de terugkeer van Riccardo Chailly. En Kirill Petrenko, de huidige chef van de Berliner Philharmoniker, komt langs met Alban Bergs 3 Orchesterstücke en Bartóks Houten prins. John Butt dirigeert de Matthäus-Passion. Tan Dun leidt in de Gashouder zijn Requiem for Nature, een van de drie projecten die het KCO samen met Pierre Audi heeft geëntameerd. En Ivan Fischer buigt zich over muziek van Dopper, Zweers, Wagenaar en Pijper, wier namen wel op de cartouches in de Grote Zaal staan, maar van wie de muziek er zelden klinkt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden