PlusInterview

Wethouder Sharon Dijksma vertrekt, midden in een crisis: ‘Ik ben niet onvervangbaar’

Sharon Dijksma: ‘Ik heb geleerd dat de prachtige eigenwijsheid van een stad een geweldig voordeel kan zijn.’   Beeld Robin van Lonkhuijsen/ANP
Sharon Dijksma: ‘Ik heb geleerd dat de prachtige eigenwijsheid van een stad een geweldig voordeel kan zijn.’Beeld Robin van Lonkhuijsen/ANP

Sharon Dijksma (49), die woensdag afscheid neemt als PvdA-wethouder van Amsterdam, gaat donderdag onder extreme omstandigheden aan de slag als burgemeester van Utrecht. ‘Het is beter om er direct te staan en lastige beslissingen te nemen.’

De waarnemend burgemeester in Utrecht heeft het haar wel aangeboden: begin pas na de jaarwisseling als burgemeester. Dan is de nieuwe lockdown halverwege en is oud en nieuw achter de rug. Sharon Dijksma wees het aanbod af. Woensdag neemt ze afscheid als wethouder Verkeer en Vervoer in Amsterdam en ze wil per se komende nacht beginnen als burgemeester van Utrecht, als haar ambtstermijn ingaat. “Natuurlijk komen er direct spannende momenten aan, met de lockdown en de jaar­wisseling. Het is beter om er meteen te staan en lastige beslissingen te nemen.

Voelt dit niet als een valse start?

“Nee, eerder andersom: juist in dit soort tijden moet de burgemeester zichtbaar zijn en ervoor zorgen dat alles goed loopt. Ik heb het ermee te doen en ik ga er het beste van maken.”

Veel burgemeesters maken zich zorgen over de jaarwisseling onder strenge coronaregels en met een vuurwerkverbod. Neemt u geen risico door meteen te beginnen?

“Ik ben al een tijd met de diensten in voorbereiding op de jaarwisseling in Utrecht. Niemand weet hoe die eruit gaat zien, dus dat is inderdaad spannend. Ik heb al kennisgemaakt met de politiecommissaris en de officier van justitie, dus als we met elkaar in de bunker terechtkomen, dan kennen we elkaar. Ik weet wat mijn bevoegdheden zijn en waar in de stad de spannende verhalen spelen.”

U wordt direct de coronacrisis ingezogen. Is uw gebrek aan ervaring als burgemeester geen nadeel daarbij?

“Ik zal best het nodige moeten leren, maar heb wel ervaring in het managen van een crisis. Als staatssecretaris was ik betrokken bij de nasleep van de ramp met de MH17 en de vogelgriep. Die zijn niet te vergelijken met corona, maar ik weet hoe een crisisorganisatie werkt en welke verantwoordelijkheden daarbij horen.”

U was wethouder in de hoofdstad van Nederland, waarom heeft u die baan ingeruild voor het burgemeesterschap van Utrecht?

“Het is heel eervol om burgemeester te mogen zijn van de vierde stad van Nederland. Deze baan vraagt van mij weer nieuwe bestuurlijke inzet en daar zie ik naar uit. Ik denk dat ik het kan.”

U verhuisde 2,5 jaar geleden met uw man en twee kinderen (nu 17 en 8) van Enschede naar Amsterdam. Daar is een jaar geleden een dochter bijgekomen. Hoe is thuis gereageerd op weer een verhuizing?

“Deze stap heeft enorme gevolgen voor het gezin. We hebben het uitvoerig besproken, althans met de gezinsleden die mee kunnen praten. Ze vinden dit een mooie stap voor mij en zijn akkoord. Mijn oudste blijft op het mbo in Amsterdam. Hij zal elke dag moeten reizen. Mijn zoon is oud en wijs genoeg om zijn eigen dingen te doen.”

U vertrekt uit Amsterdam, midden in een crisis. Vindt u dat u dit kunt maken tegenover de stad en haar inwoners?

“Dat heb ik mij wel afgevraagd. Dit is niet het meest geschikte moment om te vertrekken. Daarom heb ik dit besluit niet lichtvaardig genomen. Gelukkig ben ik niet onvervangbaar.”

Maar u bent wel naar Amsterdam gehaald met een bepaalde reden, bijvoorbeeld uw uitgebreide politieke ervaring en netwerk. In die zin bent u wel moeilijk te vervangen.

“De afgelopen 2,5 jaar heb ik iets in gang gezet dat impact heeft. Bijvoorbeeld met het herstel van de kades en bruggen. Het is gelukt om dat te verankeren en ik hoop dat dit voldoende is om dit volledig uit te voeren. Dat geldt ook voor de plannen om Amsterdam autoluw te maken. ­Daarover is best discussie met de oppositie in de gemeenteraad, maar ik denk dat de trend naar meer ruimte voor voetgangers en groen niet meer te keren is. Ook niet na mijn vertrek.”

“En we hebben een stevig fundament gelegd onder de plannen om de Noord/Zuidlijn door te trekken naar Schiphol en de metroring te sluiten in Amsterdam. We hebben een akkoord gesloten voor één miljard euro, onder meer met Schiphol en KLM. Die trein rijdt en is niet meer te stoppen.”

U heeft er slechts 2,5 jaar op zitten als wethouder in Amsterdam. Begrijpt u mensen die u een baantjesjager noemen?

“Ik vind het heel jammer dat die mensen teleurgesteld zijn en ik snap dat sommigen het snel vinden. Maar ik wil daar tegenover stellen dat ik heel andere reacties hoor als ik op straat loop, van mensen die het jammer vinden dat ik wegga, maar ook snappen dat dit een mooie stap voor mij is. En ze gunnen het Utrecht. Zo kunnen mensen ook reageren, maar ik respecteer dat niet iedereen dat kan opbrengen.”

Hiervoor was u vooral actief in de landelijke politiek als Kamerlid en staatssecretaris. Hoe is de stap naar de lokale politiek u bevallen?

“Die stap is buitengewoon geslaagd. Amsterdam is een fijne, rauwe, magische stad en het is een feest om hier als bestuurder te werken. Ik heb mij hier geen seconde verveeld, er gebeurt altijd wat. Ik kijk er met voldoening op terug. Er is veel interesse in binnen- en buitenland voor de ontwikkelingen in steden op het gebied van democratisering, duurzaamheid, mobiliteit. Lokaal bestuur wordt ondergewaardeerd. Daarom plaats ik graag een kanttekening bij de gedachte dat Den Haag voor een politicus het hoogste in het leven is.”

Wat is de grootste uitdaging voor Amsterdam na de coronacrisis?

“De groei zal wel weer terugkeren en dan is de uitdaging om een leefbare en betaalbare stad te houden. Het moet mogelijk zijn voor gezinnen om hier te blijven wonen. De gemêleerde stad met betaalbare woningen staat gigantisch onder druk.”

Wat is u het meest bijgebleven van uw tijd in Amsterdam?

“Ik heb geleerd dat de prachtige eigenwijsheid van een stad een geweldig voordeel kan zijn. Natuurlijk: eigenwijsheid is soms lastig, maar brengt ook initiatieven voort en zorgt voor strijdlust. In de discussie over een autoluwe stad en verduurzaming kreeg ik vooral kritiek van buiten de stad: uw plannen gaan veel te hard. Maar in de stad spoorden mensen mij juist aan om nog harder te gaan. In Amsterdam kan zoveel meer. Daarom zou ik zeggen: laat Amsterdam gewoon zijn eigen koers varen, zonder al die meningen van anderen. De inwoners kunnen best hun eigen boontjes doppen.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden