Nieuws

Wethouder Moorman: na zomervakantie weer onbevoegden voor de klas

Na de zomervakantie zullen wederom op veel Amsterdamse basisscholen onbevoegde leraren voor de klas staan. Dat zei wethouder Marjolein Moorman (Onderwijs) woensdag tijdens de raadszitting.

null Beeld ANP
Beeld ANP

Het lerarentekort is prangend in Amsterdam. In coronatijd is het tekort met 20 procent toegenomen en de verwachting is dat het de komende jaren nog hoger uitvalt. Vorige week vroeg wethouder Marjolein Moorman (Onderwijs) samen met wethouders van andere grote steden aan het kabinet om structurele oplossingen, omdat het tekort zó groot is dat basisscholen mogelijk niet meer opengaan na de zomervakantie.

Na de zomervakantie zullen ook weer onbevoegde professionals voor de klas staan, zei Moorman woensdag tijdens de raadszitting. De wethouder zei hierover het ‘heel erg’ te vinden. Onbevoegde professionals zullen nu plekken vullen waar de hoog nood is. Het gaat om zijinstromers die in de laatste fase van hun opleiding zitten, leerkrachtondersteuners die bijna klaar zijn met de pabo en onderwijsassistenten. Het afgelopen schooljaar hebben zij ook geregeld voor de klas gestaan.

In 2020 keurde demissionair Onderwijsminister Arie Slob (CU) een noodplan voor grote steden goed, waardoor Amsterdamse scholen maximaal 22 uur per maand onbevoegde professionals voor de klas mogen zetten. De uren dat een onbevoegde docent voor de klas staat, mogen niet meegeteld worden als onderwijstijd. Het is nog maar de vraag of Amsterdamse scholen komend jaar de wettelijke onderwijstijd kunnen bieden aan kinderen.

Woningentekort

Het lerarentekorten is het grootst in grote steden. Amsterdam (12,5 procent), Rotterdam (12,7 procent), Den Haag (14,9 procent) en Almere (14,6 procent) spannen de kroon. Een van de redenen dat het lerarentekort grote steden hard raakt, is het gebrek aan woningen.

Het college in Amsterdam maakte in 2019 afspraken met woningbouwcorporaties om hier iets aan te doen. De corporaties zouden jaarlijks 50 tot 100 sociale huurwoningen én 50 tot 100 middeldure huurwoningen beschikbaar stellen voor docenten.

In 2020 trokken 99 docenten in een sociale huurwoning. Het doel voor de middenhuurwoning werd niet gehaald: slechts 41 docenten kregen een woning. Dat is extra schrijnend, omdat het juist deze docenten zijn die stad dreigen te verlaten. Van de circa 950 leraren die op dit moment geen zelfstandige woning hebben, geeft een groep van 300 leraren aan binnen twee jaar te willen verhuizen, omdat ze met een gezin op minder dan 60 vierkante meter wonen.

De wethouder kreeg vanuit gemeenteraadslid Ilana Rooderkerk (D66) de kritische vraag waarom niet meer docenten een middenhuurwoning aangeboden krijgen. Moorman reageerde door te zeggen dat woningen in het middensegment ‘minder afdwingbaar’ zijn en dat zij geen ‘directe afspraken maakt met private huurders’. Wel beloofde de wethouder samen met wethouder Marieke van Doornick (die de taak Wonen op zich heeft genomen na het vertrek van Laurens Ivens) te kijken hoe het college meer middenhuurwoningen kan realiseren voor docenten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden