PlusReportage

Weer een zoete aardappel gered en ’t is nog gezellig ook

Stichting BuurtBuik uit Oost maakt al jaren elke maandag gratis maaltijden van eten dat overblijft van winkeliers, ook – en juist – in de landelijke Verspillingsvrije Week. ‘Dit was anders allemaal weggegooid.’

Bij stichting BuurtBuik maken vrijwilligers al jaren gratis maaltijden van ‘gered’ voedsel. Beeld Birgit Bijl
Bij stichting BuurtBuik maken vrijwilligers al jaren gratis maaltijden van ‘gered’ voedsel.Beeld Birgit Bijl

De eerste mensen wachten voor de deur van de Elthetokerk in de Indische Buurt, al kan het nog een uur duren voordat de eerste maaltijden van BuurtBuik worden uitgedeeld. Ze weten maar al te goed: op is op.

Een van hen is Jan Pieter (76), die met een sudoku in de hand in de zon zit. “Ik kom hier al een paar jaar, het is reuzegezellig. Maar door de 1,5 metertoestanden is het genot van het samen ­tafelen helaas weggevallen, nu kunnen we ­alleen afhalen.”

Binnen treffen vrijwilligers de laatste voorbereidingen. Een gigantische schaal salade staat al op tafel, terwijl mensen in de keuken nog druk in de weer zijn met allerlei pannen en ovenschalen. “Moet je nou kijken naar al die groenten, dat was anders gewoon allemaal weggegooid!” zegt vrijwilliger Julia Gimbrère (30) die zich erover blijft verbazen.

Vandaag maken ze meer dan honderd bakjes met maaltijden. Op het menu staan een groene salade met zelfgemaakte dressing en een zoeteaardappelstamppot met kip of een vleesvervanger. De maaltijden van BuurtBuik zijn negen van de tien keer vegetarisch. Wel zo praktisch: dan hoeft er niet steeds rekening te worden gehouden met alle verschillende spijswetten van de eters.

Drie pijlers

BuurtBuik is volledig afhankelijk van wat gedoneerd wordt door groothandels, supermarkten en lokale bakkers en groenteboeren. “Daardoor is het soms een behoorlijke klus om een gerecht te maken met de ingrediënten die je die dag hebt, maar dat maakt het ook uitdagend,” aldus Gimbrère.

In elk stadsdeel van Amsterdam zit al een BuurtBuik, vertelt Kathelijne Eisses (44) trots. Als lid van het centraal bestuur helpt ze bij de organisatie van al deze vestigingen. Het idee berust op drie pijlers. “We gaan voedselverspilling ­tegen, we helpen mensen die een steuntje in de rug kunnen gebruiken en we bestrijden de eenzaamheid. Of zoals ik zelf vaak zeg: we maken gratis, gezonde, gezellige maaltijden van gered voedsel.”

Rick Vermin, stadsdeelbestuurder in Oost en portefeuillehouder Duurzaamheid, helpt vandaag mee in de keuken. De gemeente Amsterdam is sinds vorig jaar aangesloten bij de Verspillingsvrije Week, een landelijke campagne die gisteren is begonnen. Er zijn meer plekken in Oost waar aandacht wordt besteed aan de Verspillingsvrije Week. Vermin spreidt zijn armen terwijl hij vertelt: “Afgelopen weekend nog, op het Indische Buurtfestival, werden zúlke grote meloenen aan de man ­gebracht, waarbij ze riepen ‘neem mee!’ Ik dacht: hoe dan?”

Het zijn vaak ‘lelijke’ groenten en vruchten die worden verspild, zegt Vermin. “Een kromme komkommer, een te grote meloen, een banaan met een vlekje erop. Soms belandt het niet eens in de supermarkt.” Gimbrère beaamt dat: “Als ik boodschappen doe, ben ik juist altijd op zoek naar die hoekige komkommer!”

Behoeftigen

De samenstelling van de groep eters bij BuurtBuik is volgens Eisses wel wat veranderd. In het begin kwamen mensen vooral voor de gezelligheid en het contact met elkaar. Er waren diverse shifts met vrijwilligers om de boel draaiende te houden. Toen de coronacrisis begon, kwamen er meer mensen langs die het gratis eten echt nodig hadden. Eisses: “Het verschilt uiteraard per wijk en stadsdeel, maar die verschuiving is ons wel opgevallen. Maar het idee van de BuurtBuik blijft hetzelfde: iedereen is welkom!”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden