PlusExclusief

‘We worden nu beschoten’: deze roof was nóg gewelddadiger - en is nooit opgelost

De technische recherche zette bij het sporenonderzoek in 2011 ook een robot in. Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
De technische recherche zette bij het sporenonderzoek in 2011 ook een robot in.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

De recente overval op het waardetransport in Noord roept herinneringen op aan de ook zeer gewelddadige roof op het gelddepot van Brink’s in Zuidoost. Tien jaar geleden nu en nooit opgelost, tot frustratie van de politie.

Rechercheur Bob Schagen (60) heeft echte politieogen: staalblauw en als hij wil, kijkt hij dwars door je heen. Ze nemen de hele omgeving op. Ze twinkelen als hij vertelt hoe hij, op een vrije avond, twee mannen betrapte die de auto in brand staken die gebruikt was bij een liquidatie.

Honderden onderzoeken draaide hij bij de Amsterdamse politie, waaronder de dubbele liquidatie in de Staatsliedenbuurt in 2012 en de moord op Bas van Wijk bij de Nieuwe Meer. Als hij bij het winkelen een vroegere plaats delict ziet, kijkt hij gelijk naar de grond. “Zoek je naar nieuw bewijs?” vraagt zijn vrouw dan pesterig. Ze weet dat hij het niet kan laten.

Hij heeft geleerd dat de meeste zaken worden opgelost. Sommige niet. Zo gaat dat. Toch houdt één onopgeloste zaak hem tot vandaag bezig: de overval op het gelddepot van waardetransporteur Brink’s aan de Kollenbergweg in Zuidoost, 29 juni 2011, eind deze maand tien jaar geleden. Omdat het geweld ongekend heftig was. Nooit eerder wachtten overvallers de politie op met automatische wapens en pantserdoorborende munitie. De kogels zouden dwars door de kogelwerende vesten van toen zijn gegaan, óók door die van het arrestatieteam. Niet vaak opereerden daders zo professioneel. De daaropvolgende politieoperatie was ongekend complex. Wanneer Schagen over de roof vertelt, krijgen zijn ogen iets hards.

Getrainde daders

Het begint die nacht om 3.05 uur met de melding van een overval op ‘het geldpakhuis’, zoals hij het noemt. De overvallers hebben twee snelle Audi’s in het donker naast het complex geparkeerd en knippen een gat in het hek – tonen de bewakingsbeelden die Schagen kan dromen.

Ze negeren de hoofdingang maar plakken, heel rustig, een springlading tegen een muur. pentriet, een extreem krachtig explosief. De ontploffing is in de wijde omtrek te horen. “Ze hebben zich he-le-maal niet bekommerd om de vraag of er iemand achter die muur is,” zegt Schagen. “Vlak ervoor zat daar iemand. Ze blazen gewoon een gat in die gevel en kruipen naar binnen, waar het natuurlijk één grote stoffige bende is. Een mannetje of zes en twee buiten. Iedereen heeft heel duidelijk een rol.”

De bewakers zijn de kantine in gevlucht. “Die overvallers weten dat niemand tegen ze op kan. Ze weten heel goed dat de politie op volle kracht zal komen, maar niemand maakt ze wat. Het interesseert ze gewoon niets.”

De operatie geeft Schagen de overtuiging dat de meeste daders militair zijn getraind. “Twee daders bewaken de uithoeken van het pand, en dekken elkaar. De anderen weten binnen precies waar ze moeten zijn en wat ze moeten doen. Elke halve minuut doen ze iets. Heel gestructureerd, in een vast ritme. Rigoureus.”

Bob Schagen: ‘We hebben een beeld, maar onvoldoende bewijs.’ Beeld Marc Driessen
Bob Schagen: ‘We hebben een beeld, maar onvoldoende bewijs.’Beeld Marc Driessen

Ze hebben enorme tassen bij zich voor de buit. De overvallers weten exact welke sluizen ze door moeten. “In zo’n geldpakhuis liggen de volle waardezakken in een bepaalde structuur. Geld van Albert Heijn, van de Hema, noem maar op. Het kán haast niet zonder hulp van binnenuit, maar we hebben geen hard bewijs.”

Iemand pakt een soort driehoekssleutel en weet precies wat ie moet doen om een zwaar stalen hek uit zijn voegen te krijgen, waardoor automatisch het volgende hek opengaat. Er is een soort commandant, anderen werken zich naar het geld en keren in een vast patroon terug. De uitpuilende, loodzware tassen gaan door het gat in de muur naar buiten, de twee Audi’s in. (‘Héél rustig, alsof ze pakken voor de vakantie.’)

“Niemand doet zenuwachtig. Ze zorgen steeds dat ze werkruimte hebben en ze hebben de tijd, want buiten staan de schutters. Ze weten dat wij als politie niet zomaar voor de deur gaan staan als zij grof geweld toepassen.”

De bewakers, boven, hebben een open lijn met de meldkamer van de politie en eentje vertelt wat hij ziet als hij steeds even door een raam naar buiten kijkt. In doodsangst. Ondertussen komen de eerste politiewagens aan. “Prrrrrrrt. Die gasten legen hun magazijnen. Wegjaagschoten, denken we gezien het sporenbeeld. Een vrouwelijke collega hoor je het heel rustig aan de meldkamer doorgeven: ‘HB (hoofdbureau), we worden nu beschoten’.”

Het arrestatieteam is niet inzetbaar. Achteraf tot Schagens weerzin, weigert de luchtvaartpolitie een helikopter de lucht in te sturen. Het is noodweer en de dikke bewolking hangt te laag.

In Zuidoost voltrekt zich een drama. “Collega’s worden beschoten, collega’s schieten zelf. Een van onze auto’s waar de collega’s gelukkig uit zijn, wordt doorzeefd, met kogels van achter naar voor dwars door de hoofdsteun…”

De politie zet blokkades op, maar de daders vinden gaatjes. Eén Audi verdwijnt definitief uit beeld (‘daar heb ik nóg pijn van in mijn pens’), de andere belandt eerst bij politiebureau Flierbosdreef, waar een inzittende een salvo op agenten afvuurt, en raast uiteindelijk over de A2 zuidwaarts. Met een deel van de 12 miljoen euro die volgens Brink’s zijn buitgemaakt.

Het toegangshek van het complex van het toenmalige Korps Landelijke Politiediensten, met snelle bolides van de verkeersdienst, blijkt met een kettingslot afgesloten. Op de oprit liggen zelfgemaakte kraaienpoten.

Spraakverwarring

De chaos is compleet. Amsterdam heeft nog een meldkamer met een paar centralisten (in plaats van de hedendaagse, grote gemeenschappelijke meldkamer). De Audi giert met 240 kilometer per uur over de A2 zuidwaarts, dus de Amsterdamse meldkamer moet schakelen met die van Utrecht en zij weer naar Zuid-Holland-Zuid. “Voor Amsterdam überhaupt contact had, waren ze de provincie Utrecht al zowat uit.”

Er is druk portofoonverkeer tussen de districten; op straat probeert iemand de operatie aan te sturen en agenten geven voortdurend door wat ze zien en meemaken. Spraakverwarringen, misverstanden. “De porto’s ontplóften zowat.”

Bij Waardenburg, net voorbij knooppunt Deil, verliest de Audibestuurder de macht over het stuur, mogelijk door een lekgeschoten band. De auto crasht in de vangrail en vliegt in brand. Een groepje havenarbeiders uit Slowakije stopt om te helpen, maar krijgen wapens op zich gericht. De overvallers kapen hun piepkleine Hyundai i10, waar maar één tas geld in past. Eén overvaller lijkt zwaargewond in de auto te zijn gesleept.

Veel geld in de Audi is verbrand of door de brandweer naar buiten gespoten. Bij Eindhoven bedreigt een overvaller de laatste agenten met een automatisch wapen. Hij schiet niet, maar dat werkt: de politie staakt de achtervolging. Vrijwel zeker rijden de daders naar België.

Schagen zou net op vakantie gaan, maar hij krijgt de zaak. “Het was een andere tijd. Het was een hele bureaucratie als je met mensen uit het land wilde samenwerken, de politie bestond uit 26 koninkrijkjes. Collega’s uit andere regio’s hoefden nog net niet bij de Amsterdamse politie te solliciteren om toegangspassen te krijgen.”

Uiteindelijk worden 11 ‘plaatsen delict’ aangemerkt. “De mensen van forensische opsporing (de technische recherche) hebben voor toen het grootste, meest complexe pd-onderzoek ooit in Amsterdam gedaan. Méga veel werk.” Doordat alle sporen op relevante plekken langs de route zijn veiliggesteld, komen ook peuken van passanten op de A2 mee. “Het sporenbeeld was zwaar vervuild.” De Nederlandsche Bank richt een kamer in om te kunnen reconstrueren wat precies is gestolen. “Dat hebben ze mooi gedaan. Met machines is bankbiljet voor bankbiljet betrokken in een reconstructie.”

“We hebben nauw samengewerkt met de Belgen. Ik ging soms twee keer in de week naar Brussel voor overleg. Ik ben naar Marokko geweest, we hebben onderzoek gedaan in Denemarken, Frankrijk, Spanje…”

Plastic rotsblok

De wildste tips komen binnen. “De gekste verhalen, waar we soms toch heel serieus mee bezig zijn geweest, omdat ze kónden kloppen. Soms klopte alles, behalve het laatste stukje, en vonden we toch de ontbrekende buit niet. We hebben alles uit de kast gehaald. Alle telecommunicatie op de A2 in de relevante tijdstippen, is geanalyseerd.” Veel gewelddadige overvallen worden met die op het geldpakhuis van Brink’s in verband gebracht. Schagen zet alle zeilen bij om het kaf van het koren te scheiden.

De jaren daarna blijkt wat de afgevuurde salvo’s met zijn collega’s hebben gedaan. Sommigen kampen nog jaren met posttraumatische stressstoornissen. “Collega’s denken achter een rotsblok te hebben gescholen, maar het bleek een of ander plastic ding. Anderen hebben nog net achter een auto kunnen wegduiken. Mensen hebben in een honderdste van een seconde de juiste keuze gemaakt. Het was waanzinnig. Collega’s hebben hier heel veel last van gehad.”

In Nederland, België en Marokko worden 10 verdachten aangehouden en 25 huiszoekingen verricht, maar slechts één man is veroordeeld voor een bijrol. “Aan deze zaak hebben zóveel mensen gewerkt. In het begin wel 75 rechercheurs, plus de mensen van forensische opsporing, arrestatieteams et cetera,” zegt Schagen.

Als eind 2012 in Amsterdam een onderwereldoorlog uitbreekt, met de ene liquidatie na de andere, gaat de zaak tot Schagens frustratie de kast in. “Ik wil zo graag recht doen aan de collega’s. Jaren later heb ik nog een gepensioneerde teruggehaald die, met een collega die vlak voor zijn pensioen zat, de ongeveer 7500 processen-verbaal, 20.000 afgeluisterde gesprekken, tientallen ordners en duizenden e-mails weer helemaal heeft doorgelicht, als een soort cold case. Ze zijn stoïcijns bijna 3 jaar bezig geweest.”

Ook dat leidde niet tot de oplossing. “Het zit me dwars dat we onvoldoende bewijs hebben gevonden, want we hebben heus een beeld hoe het zit. Leuk, maar je hebt er niks aan. Deze zaak is alleen nog op te lossen met een stevige verklaring, niet met meer tips van hetzelfde.”

Dan toch enige relativering: “Voor de daders is deze ontzettend professioneel opgezette overval feitelijk ook vooral mislukt, want ze hebben maar een fractie van hun buit overgehouden.”

Ook bij overval Noord is nog veel onzeker

De recente overval op het waardetransport bij Schöne aan de Meeuwenlaan in Amsterdam-Noord laat weer zien hoe groot de chaos bij zo’n gebeurtenis is.

Aanvankelijk meldde de politie dat de overvallers via de Nieuwe Leeuwarderweg gevlucht waren. Ze blijken echter ongeveer zeven kilometer kriskras door Noord te zijn gereden. Eerst achter het Vliegenbos langs en vervolgens tegen het verkeer in op de Nieuwendammerdijk, een groot risico. Meerdere mensen moesten aan de kant springen toen de rovers in hun Porsche Cayenne voorbij kwamen racen. In het eenrichtingsverkeer hadden de rovers zich makkelijk vast kunnen rijden als er bijvoorbeeld net een pakketbezorger had stilgestaan.

Daarna namen de rovers het fietspad bij het Meerpad. Ook daar zijn, volgens bewoners, een aantal fietsende jongeren ternauwernood ontsnapt aan een aanrijding.

Het is de vraag of alle rovers gepakt zijn. Op beelden zijn tien personen te zien. De politie heeft vijf overvallers aangehouden in Broek in Waterland. Een zesde werd doodgeschoten. Later is op de A16 bij Rotterdam nog iemand aangehouden. Dat zou betekenen dat er drie personen voortvluchtig zijn. De politie doet geen uitspraken over de zaak, omdat de verdachten in beperkingen zitten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden