Plus Interview

Wat te doen tegen het veelkoppige monster ‘ondermijning’?

Hanneke Ekelmans (54) zat in de Amsterdamse korpsleiding, is nu politiechef in Brabant en moet als landelijk portefeuillehouder ‘ondermijning’ bestrijden. Hoe dat veelkoppige monster te grijpen? ‘Op die financiële constructies hebben wij nog te weinig grip.’

Voorbeeld van ondermijning die de afgelopen weken in Het Parool aan bod kwamen­: de buurt heroveren op foute ondernemers. Beeld Suzanne Ranzijn

Hoogleraar Pieter Tops becijferde vorig jaar dat Nederlandse misdaadimperia alleen al in de synthetische drugs, zoals xtc, jaarlijks 18,9 miljard omzetten. Deze week kwam diezelfde Tops met de schatting dat in de cocaïnehandel door Amsterdamse en Utrechts criminelen ‘honderden miljoenen, zo niet miljarden’ omgaan.

Op de wereldwijde cokemarkt spelen Nederlandse criminele organisaties sleutelrollen. Die voeren steeds grotere partijen van Zuid- en Midden-Amerika via met name de havens van Rotterdam en Antwerpen Europa in.

Die miljardenhandel geeft ook hoofdcommissaris Hanneke Ekelmans hoofdbrekens, te meer omdat ze behalve politiechef van Zeeland en West-Brabant ook landelijk portefeuillehouder ‘ondermijning’ is van de politie, en moet bedenken hoe kan worden tegengegaan dat de misdaad zich invreet in de maatschappij.

“Ik ben niet in staat berekeningen zoals die van Pieter Tops professioneel te beoordelen, dus daar waag ik me niet aan, maar al zou het de helft zijn, dan is het al héél veel,” zegt Ekelmans, gezeten in haar kantoor op het hoofd­bureau van Tilburg. “Tops beschrijft overigens de mondiale marges op het totaal, dus het is niet zo dat die miljarden een beperkte groep criminelen hier om de oren vliegen. Nederlandse criminelen hebben zonder meer een stevige vinger in de pap, maar al die miljarden gaan niet rechtstreeks naar de Nederlanders.”

Toch, héél veel geld is het zeker. Terwijl de Nederlandse drugsorganisaties spillen zijn in die miljardenmarkten, heeft Den Haag 100 miljoen uitgetrokken om ‘ondermijning’ te bestrijden. Het voelt als een schijntje.

“Je moet geld niet met geld vergelijken. Als je het vanuit bedragen benadert, staat het inderdaad niet in verhouding. De overheid heeft gelukkig andersoortige middelen om het de criminelen moeilijk te maken,” zegt Ekelmans. “Wat we weten af te pakken, stemt nog niet vrolijk, maar we proberen het criminelen ook moeilijk te maken veel geld te verdienen en dat weer om te zetten in de legale wereld. Daar kan de overheid barrières opwerpen die niet in geld zijn uit te drukken. Dat heeft effect. Je maakt het ze moeilijk om hun criminele vermogen opnieuw te investeren.”

Het café als crimineel clubhuis. Beeld Suzanne Ranzijn

Het ouderwetse beeld dat de drugs de ene kant opgaan en het geld terug, geldt niet meer. Dat maakt het voor misdaadbestrijders onoverzichtelijk.

“Als de coke vanuit Colombia aankomt – en die import stijgt momenteel weer significant – staat hier niet een ontvanger met een stapel bankbiljetten. De afrekening gaat via financiële constructies waar wij nog te weinig grip op hebben. We begrijpen inmiddels beter wat er gebeurt, maar dat is iets anders dan precies weten hoe daarop in te grijpen. Dát is onze taak nu.”

‘De grootste puzzel’ is dat het drugsgeld een onderstroom vormt in het legale geldverkeer van het reguliere mondiale bedrijfsleven. “Met belemmeringen die we opwerpen tegen die illegale geldstroom, treffen we ook de legale geldstroom. Dat is een lastig economisch vraagstuk.”

De fysieke en digitale infrastructuur die Nederland als handelsland zo populair maakt, mag niet stuk. “Ingrepen om de drugshandel dwars te zitten, kunnen onze internationale concurrentiepositie raken. Welke prijs willen we betalen? Tegenover die vraag moet je de internationale kritiek op Nederland zetten als productie- en exportland van verdovende middelen,” zegt Ekelmans. “Zijn wij als overheid in staat gezamenlijk die keuze te maken? Het is niet zozeer een moeilijke vraag aan de politie, maar een moeilijke vraag aan de overheid.”

Grote bedragen contant afrekenen. Beeld Suzanne Ranzijn

De criminelen laten hun geld over de wereld flitsen via landen en constructies waar Nederland nauwelijks of geen vat op heeft.

“Het gaat in een hoog tempo met transacties en constructies die je liever niet in normale rechercheonderzoeken binnenhaalt; we moeten samenwerken met de banken, de Fiod (Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst) en de Belastingdienst. Daar ontwikkelen we nu veel initiatieven in, onder meer gefinancierd uit die 100 miljoen.”

Waar blijft het geld uiteindelijk?

“Dat is de interessante vraag. Zit het in onroerend goed in Dubai? In Spanje? Marokko? Hoe krijg je daar een vinger achter? De bestrijding van drugshandel is belangrijk, maar om structureel de ondermijning te kunnen bestrijden, moet je de focus leggen op de financiële wereld daarachter. Dáár zit het langetermijneffect.”

Horeca gefinancierd met duister geld. Beeld Suzanne Ranzijn

Hoe lang duurt het voordat daar zoveel zicht op is dat hard kan worden ingegrepen?

“Dat is een beetje in een glazen bol kijken. Eerst even terugkijkend: we hebben drugs jarenlang niet belangrijk gevonden. Vervolgens is het op de agenda gekomen, doordat zichtbaar werd dat al dat drugsgeld werd omgezet in de legale wereld. Bedrijven en branches die de drugs­organisaties daarvoor nodig hebben, worden daardoor kwetsbaar.”

Hoe kan het toch dat Nederland zó laat wakker werd?

“Lang ging in de regio’s, waaronder Amsterdam, veel aandacht naar de high impact crime: de forse stijging van overvallen, straatroven en woninginbraken. Dat was een begrijpelijke keuze. Bovendien hadden we het idee dat het vangen van al die kilo’s coke en xtc weinig effect had gehad. Het effect dat de investeringen van drugsgeld op de maatschappij hadden, bleef lang onderbelicht.”

“Nu is het gevoel van urgentie er wel en moeten we het tij zien te keren. De inhaalslag gaat hard. In de regio’s en landelijk wordt volop gewerkt aan initiatieven en methodieken om de ondermijning zo effectief mogelijk te bestrijden.”

“Door met specialisten uit vele disciplines structureel samen de criminaliteit te analyseren, zien we steeds meer. We kijken hoe we de branches kunnen aanpakken die de criminelen faciliteren, van verhuurders van woningen en auto’s, via bedrijven die valse kentekens drukken tot de transportbranche en banken.”

Criminelen in je verhuurde pand. Beeld Suzanne Ranzijn

“Zo is er een digitale kaart ontwikkeld waarin je data over elkaar heen legt, waardoor je ineens personen, adressen, bedrijven en patronen ziet die je nooit zag. Óók op straatniveau. Daarnaast hebben we een Serious Crime Taskforce waarin we met banken samenwerken.”

Politie en justitie werkten al veel samen met pakweg de Belastingdienst, maar zijn nu met meer partijen in de slag, van de Kamer van Koophandel tot de Financial Intelligence Unit – waar bijvoorbeeld banken ongebruikelijke transacties moeten melden.

“We hebben ons laatst afgevraagd: wat is nou de standaard dekmantel voor coke? Bananen. Gezamenlijk zijn we data gaan analyseren met de vraag: welke bedrijfjes in die branche kloppen niet? Een fruithandel was geregistreerd op een camping, zonder opslag, niks. Een ander zat driehoog-achter. Dat heeft een serie invallen opgeleverd met een mooi resultaat. Zo grijp je heel concreet in.”

De maatschappij mag zelf ook wel een handje helpen, vindt Ekelmans. Branches moeten achterdochtiger zijn tegenover verloedering, de man en vrouw in de straat hebben ook rollen.

“Dezelfde mensen die terecht trots zijn op de verworvenheden in onze open rechtsstaat, snuiven in het weekend een lijntje coke of kijken de andere kant uit als ze zien dat de buurman in de drugshandel zit. Het was lang stoer te vertellen hoe je de Belastingdienst kon flessen. Wat mij betreft is dat onbegrijpelijk.”

Blijft door hypocrisie veel verborgen?

“Wat wil de gewone burger zien? En wat doet ie daarmee? Verontwaardigde vragenstellers willen van de overheid weten wat wíj doen, een

prima eerste vraag, maar dan stel ik de tweede vraag. Wat doet u? Je kunt toch niet woedend zijn om een drugsdumping en de volgende dag je pilletje nemen? Het groeit niet aan een boom, hè? Het vernietigt die boom.” 

Drugsritjes per taxi. Beeld Suzanne Ranzijn

Hanneke Ekelmans

Hanneke Ekelmans studeerde rechten aan de Universiteit van Amsterdam en begon haar carrière in 1988 als officier van justitie in Den Haag, Dordrecht en Den Bosch. Vanaf 2004 was ze plaatsvervangend hoofdofficier van justitie in Dordrecht, vanaf 2006 was ze fungerend hoofdofficier voor Brabant-Zuidoost. In 2010 werd ze directeur opsporing en informatie bij de politie Haaglanden. In 2013 werd ze hoofd operatiën in de leiding van de Amsterdamse politie. Per 1 oktober 2017 is Ekelmans chef van de politie Zeeland-West-Brabant.

Hanneke Ekelmans Beeld © Bart van Hattem
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden