PlusAchtergrond

Waarom duurde het zo lang voordat Laurens Ivens op moest stappen?

Burgemeester Femke Halsema heeft sinds 2019 veel tijd gestoken in de zaak rond de maandag vertrokken wethouder Laurens Ivens. De vraag is nu of er wel snel genoeg is gehandeld.

null Beeld Remko de Waal/ANP
Beeld Remko de Waal/ANP

Toen ambtenaren eind vorige week zagen dat de agenda van wethouder Laurens Ivens (Wonen) plotseling werd schoongeveegd voor een gesprek met gemeentesecretaris Peter Teesink en burgemeester Femke Halsema, wisten ze wel dat er iets aan de hand was. Maar dat dit het begin zou zijn van zijn aftreden, een paar dagen later, kwam als een grote verrassing voor ze. Zelfs zijn collega-wethouders werden pas zondagavond geïnformeerd tijdens een gezamenlijk gesprek in de ambtswoning.

Het groepje dat wist dat Ivens onderwerp van onderzoek was vanwege zijn gedrag, was lang heel klein. Terwijl het toch al een tijd speelde. In 2019 leidden twee signalen van grensoverschrijdend gedrag tot twee gesprekken met Ivens. Eén voerde hij met Halsema, het andere met Teesink, de hoogste ambtelijke baas op het stadhuis. In 2020 volgden opnieuw signalen van ongepast gedrag en werden er weer gesprekken gevoerd én afspraken gemaakt om Ivens’ gedrag te verbeteren.

Die uitkomsten werden gedeeld met de vrouwen die achter de signalen zaten. Vier van hen deden begin 2021 een officiële melding. Na een onafhankelijk extern onderzoek werden de vier vrouwen in het gelijk gesteld, waarna Ivens zijn conclusies heeft getrokken. ‘De klachten hebben in alle gevallen geen betrekking op fysiek contact, maar betreffen opmerkingen die als overdonderend, grensoverschrijdend of zelfs seksualiserend zijn ervaren,’ schrijft hij in zijn afscheidsbrief.

Nu Ivens weg is, richt de aandacht zich op burgemeester Halsema. Zij zal zich moeten verantwoorden over de manier waarop de signalen rond Ivens zijn opgepakt. Boven de affaire hangt de vraag hoe het kan dat pas in 2021 een onafhankelijk onderzoek is ingesteld, terwijl zowel de burgemeester als de gemeentesecretaris al in 2019 signalen van ongepast gedrag met de wethouder hebben besproken. En of Ivens is doorgegaan met ongepaste contacten nadat hij daar door Teesink en Halsema op was aangesproken. Als dat het geval is, kan de burgemeester kritische opmerkingen verwachten uit de raad.

Signaal is niet genoeg

Toch is het begrijpelijk dat signalen niet meteen tot iemands aftreden leiden, zegt Leonie Heres, onderzoeker bestuurs- en organisatiewetenschap aan Universiteit Utrecht. Het hangt ook van het soort en de ernst van de signalen af en of er mogelijkheden zijn het gedrag bij te sturen. Het is vooral belangrijk dat ze ‘direct worden herkend en opgepikt’, zegt Heres. “Je kunt op basis van signalen onderzoek doen, maar soms zijn andere interventies passender. Het is in elk geval belangrijk dat degene om wie het gaat op het gedrag wordt aangesproken. Die moet het herkennen als serieuze aantijgingen en bereid en in staat zijn het gedrag aan te passen.”

Integriteitsonderzoeken kunnen alleen gedaan worden als het slachtoffer een officiële melding heeft gedaan. Een ‘signaal’ afgeven is niet genoeg. Dat kan immers ook anoniem zijn, bijvoorbeeld een medewerker die iets meldt bij een leidinggevende, die dat geanonimiseerd weer doorgeeft. Hierdoor kan geen hoor en wederhoor worden gedaan. Daarnaast kan een ambtenaar na verloop van tijd anders gaan denken over zijn of haar melding.

Dat lijkt bij Ivens ook te zijn gebeurd. Van de vijf signalen die er in 2020 binnenkwamen over de wethouder zijn er uiteindelijk vier uitgemond in een officiële melding, waarna in maart een extern, onafhankelijk onderzoek is begonnen. Volgens Heres volgen de stappen die Halsema heeft genomen een zekere logica. “Het is goed dat bij de tweede keer dat er signalen waren ook externe deskundigen bij zijn gehaald om die signalen te duiden. Toen de gemaakte afspraken ook daarna kennelijk onvoldoende verbetering opleverden en er alsnog formele meldingen kwamen, werd het externe onderzoek ingesteld. Het komt vaker voor dat zo’n proces zo veel tijd kost.”

Zelfreflectie

Een belangrijke vraag blijft of Ivens na het gesprek met Halsema in 2019 is doorgegaan met zijn gedrag. Ivens erkent dat hij meermaals contact heeft gezocht met vrouwelijke medewerkers. Dat patroon is nu een verzwarende factor waardoor hij moest opstappen. Het kan om oude signalen gaan van voor 2019. Maar als Ivens na de gesprekken uit 2019 opnieuw flirterige mails heeft gestuurd en daarmee de signalen van 2020 heeft veroorzaakt, kan Halsema kritiek verwachten. Dan is haar interventie van destijds immers niet effectief geweest.

Halsema heeft in haar brief van maandag al erkend dat de gemeente lering moet trekken uit deze zaak. Ze stelt dat sommige signalen van betrokken medewerkers niet ‘snel en adequaat’ genoeg zijn opgepakt. Onderzoeker Heres: “Daaruit spreekt zelfreflectie die je niet altijd ziet bij dit soort kwesties. Maar het proces is nog niet klaar. Of er goed gehandeld wordt, moet onder andere blijken uit hoe dit verder wordt opgepakt in de organisatie. Dat moet de komende periode duidelijker worden.”

Wethouder Marieke van Doorninck (GroenLinks) neemt voorlopig de taken van Ivens over.

Aantal meldingen bij gemeente volgt internationale trend

Parallel met de groeiende internationale aandacht voor al dan niet seksueel grensoverschrijdend gedrag heeft de gemeente Amsterdam, waar ruim 16.000 mensen werken, de afgelopen jaren het aantal meldingen zien toenemen. In 2017 werd 20 keer melding gemaakt van ongewenst gedrag, tegen 11 meldingen een jaar eerder. Dit resulteerde in vier integriteitsonderzoeken in 2017. In 2016 waren dat er nog nul.

Sinds 2019 rapporteert de afdeling Bureau Integriteit jaarlijks over ongewenst gedrag. In 2020 ging het om 21 meldingen, waarvan er drie te maken hadden met seksuele intimidatie. De rest ging om meldingen van intimidatie, verbaal geweld of bedreiging.

Veel groter dan het aantal officiële meldingen is de hoeveelheid signalen die Bureau Integriteit ontvangt over integriteitsschendingen. Daarvan kwamen er in 2020 zeker 148 binnen, ongeveer net zo veel (154) als in 2019. Dat gaat soms om signalen van ongepast gedrag zoals de mails of appjes die Laurens Ivens zijn politieke loopbaan hebben gekost, maar kan gaan over een ambtenaar die via sociale media contact zoekt met iemand wat door de benaderde persoon als ongewenst wordt ervaren. Vanaf het directieniveau geldt een meldplicht om signalen door te geven aan Bureau Integriteit en andere managers.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden