PlusAchtergrond

Vrouwen over straatintimidatie: ‘Niet gezond dat we altijd op onze hoede moeten zijn’

Talitha Isik, Jaimy Barlag en Roos Verhagen. Beeld Nina Schollaardt
Talitha Isik, Jaimy Barlag en Roos Verhagen.Beeld Nina Schollaardt

Amsterdamse vrouwen voelen zich nog vaak onveilig op straat. Na de ontvoering en moord op de Britse Sarah Everard in Londen klinkt de roep hier ook luider: het is tijd voor verandering. ‘Ik heb altijd een zakmes bij me.’

Een vriendin appen na een veilige thuiskomst, pepperspray op zak of een sleutelbos in de hand geklemd: het zijn maar een paar veiligheidsmaatregelen die veel Amsterdamse vrouwen treffen als ze ’s avonds alleen over straat gaan.

Uit een onderzoek van de gemeente, dat eind februari verscheen, blijkt dat 47 procent van de Amsterdamse vrouwen afgelopen jaar te maken heeft gehad met straatintimidatie. Bij mannen ging het om 28 procent. Van jonge vrouwen van 15 tot 34 kreeg zelfs 74 procent te maken met ­onder meer nafluiten en sissen. Iets minder dan de 81 procent uit 2018. Terwijl: het onderzoek is uitgevoerd in coronatijd, toen het rustiger was op straat.

Het aantal Amsterdammers dat zich veilig voelde op straat bleef de afgelopen jaren echter ongeveer gelijk, en weer voelden vrouwen zich vaker onveilig dan mannen.

“Er zit een verschil tussen je veilig voelen en veilig zijn,” zegt Marieke Liem, hoogleraar sociale veerkracht en veiligheid aan de Universiteit van Leiden. “Volgens de geregistreerde misdaadcijfers werd in 2012 2,6 procent van de bevolking slachtoffer van geweldsdelicten. Dat is afgenomen tot 2 procent in 2019. Desondanks zijn we ons onveiliger gaan voelen. Dit wordt ook wel de veiligheidsparadox genoemd. In de jaren dat we statistisch gezien veiliger zijn, zijn we ons onveiliger gaan voelen.”

Een van ons

Daar is een aantal redenen voor. Een is dat mensen zich onder invloed van (sociale) media eerder met anderen identificeren. “We zijn continu op de hoogte van elkaars leven. We weten wanneer iemand sport, wat iemand ontbijt. Het is dus niet meer ‘de ander’, maar het is een van ons die iets overkomt.”

Dat incidenten breder worden uitgemeten, juist doordat ze minder voorkomen, draagt ook bij aan het toenemende gevoel van onveiligheid. En er is sprake van een enorme normverschuiving: wat vroeger gelegitimeerd werd door de maatschappij of in elk geval niet als aanstootgevend werd bestempeld – zoals vrouwen nafluiten – wordt nu als grensoverschrijdend gedrag gezien. Liem: “Maar het duurt generaties voordat de nieuwe norm de standaard wordt. Dat zie je bijvoorbeeld ook met kindermishandeling. We kunnen ons niet meer voorstellen dat een kind een tik krijgt met een stok van een ouder of een leraar. Dat heeft jaren geduurd.”

Vrouwen voelen zich velen malen onveiliger dan mannen, zegt Kaouthar Darmoni, directeur van Atria, Kennisinstituut voor Emancipatie en Vrouwengeschiedenis. Het heeft bovendien een andere lading, een seksuele. “Het zorgt ervoor dat vrouwen zich anders gaan gedragen buiten. Ze zijn niet vrij in de publieke ruimte.

Amsterdam en Rotterdam doen hun best door straatintimidatie te verbieden, een belangrijk signaal, zegt zij, maar er wordt niet gehandhaafd. De sleutel tot verbetering ligt bij de verandering van gedrag bij mannen en jongens.

Normverandering

Het feit dat er zoveel aandacht is voor incidenten, zoals recent de ontvoering van en moord op Sarah Everard in Londen, en het aanhoudende gevoel van onveiligheid onder vrouwen dragen bij aan het verspreiden van de normverandering, zegt Liem. De maatschappij moet gedrag afkeuren, niet de rechtsstaat zou daarin leidend moeten zijn. “We willen gedrag heel snel criminaliseren, maar normverandering wordt niet ­bewerkstelligd door het strafbaar stellen van daden. Wat je wil, is dat bepaald gedrag door de massa afgekeurd wordt, zoals we nu zien gebeuren. Dán verandert er iets.”

Wat dat voor nu betekent? Liem: “Protect your women and educate your men.”

Amsterdamse vrouwen vertellen welke trucs ze noodgedwongen gebruiken om de nacht te trotseren:

‘Ik steek mijn sleutels tussen mijn vingers door, en loop niet snel meer in mijn yogabroek buiten.’

Lucia Koonings (24), student geneeskunde. Beeld Nina Schollaardt
Lucia Koonings (24), student geneeskunde.Beeld Nina Schollaardt

“Er wordt naar je geroepen terwijl je gewoon aan het fietsen bent. Een auto gaat langzamer naast je rijden. Als ik naar buiten stap voor een feestje en ik heb me iets leuker aangekleed dan normaal dan weet ik al dat er opmerkingen komen. En ik ben al twee keer aangerand tijdens het hardlopen. Laat me gewoon met rust. Ik ben inmiddels zo gewend om voorzichtig te zijn, dat ik het niet eens altijd door heb. Ga ik ’s avonds naar buiten, dan zorg ik dat ik een opgeladen telefoon bij me heb, zodat ik mijn locatie kan delen. Ik doe soms mijn oortjes in, maar de muziek uit zodat het lijkt alsof ik bezig ben, maar tegelijk alles in de gaten kan houden. Ik steek mijn sleutels tussen mijn vingers door en loop niet snel meer in mijn yogabroek buiten. Dat opdringerige, dat lastigvallen, wordt vaak weggewuifd: het zal wel meevallen. Of jongens onderling doen alsof het erbij hoort. Maar het is niet stoer om iemand het gevoel te geven dat ze een doelwit is.”

‘Als meisje ben je je bewust van het risico en hou je de omgeving in de gaten’

Eva Dekker (22), student criminologie en rechten. Beeld Nina Schollaardt
Eva Dekker (22), student criminologie en rechten.Beeld Nina Schollaardt

“Het is echt niet zo dat het angstzweet me uitbreekt elke keer als ik naar buiten ga en niet alle mannen zijn intimiderend. Sterker nog, er hoeft niet eens echt iets gebeurd te zijn. Toch app ik met vriendinnen als we thuis zijn. Ik zet ’s avonds laat mijn muziek niet te hard aan, zodat je hoort wat er om je heen gebeurt. En ’s avonds, als het rustig is in de metro of trein, let ik op waar ik instap, liefst bij iemand van wie ik de indruk heb dat ik die kan vertrouwen. Als meisje ben je je denk ik altijd bewust van het risico, dus hou je de omgeving in de gaten. ’s Avonds, maar overdag ook. In het donker in je eentje langs een groep jongens: alert. Fietst er iemand achter je in het donker: alert. Alleen al als er iets naar je wordt geroepen, realiseer je je dat er op een bepaalde manier naar je wordt gekeken. Niet vanwege je gedrag of hoe je eruit ziet, maar gewoon omdat je vrouw bent. En dat maakt het kwetsbaar.”

‘Het is niet mijn schuld dat ik daar loop.’

Andrea Janssen (50), communicatieadviseur. Beeld Nina Schollaardt
Andrea Janssen (50), communicatieadviseur.Beeld Nina Schollaardt

“In sommige situaties moet je als vrouw op je qui-vive zijn, dat is heel normaal, ook al zou het niet normaal moeten zijn. Ik ga bijvoorbeeld niet midden in de nacht in mijn eentje door het Vondelpark fietsen. Daardoor word je wel in je vrijheid beperkt, maar ik kom uit een tijd dat het niet anders was. Ik kan me herinneren dat ik een nachtbus had gemist en over het Damrak moest lopen ’s nachts. Ik voelde me dom, want er werd geroepen en gekeken. Het slaat natuurlijk nergens op. Het is niet mijn schuld dat ik daar loop. Inmiddels voel ik me wel veilig op straat. Ik laat gerust de hond ’s nachts uit zonder dat ik me zorgen maak of sleutels in mijn hand houdt, zoals vroeger. Dat gevoel dat ik nu heb, zou iedereen moeten hebben, ongeacht geslacht of leeftijd.”

‘Soms doe ik een capuchon op of ik doe alsof ik aan het bellen ben.’

Talitha Isik (24), accountmanager. Beeld Nina Schollaardt
Talitha Isik (24), accountmanager.Beeld Nina Schollaardt

“Als ik ’s avonds over straat loop, ben ik alert. Ik loop vaak met mijn sleutelbos in mijn hand, met een sleutel tussen mijn vingers geklemd. Soms doe ik een capuchon op en verberg mijn haar of ik doe alsof ik aan het bellen ben. Het is niet dat ik bang ben voor mannen, maar ik voel me als vrouw kwetsbaar als ik alleen over straat loop en dat is een rotgevoel. Toen ik laatst een foto deelde op Twitter van hoe ik mijn sleutels in mijn handen had geklemd, reageerden sommigen verbaasd. Ze noemden het een probleem van de laatste jaren. Ik denk omdat het nu pas echt bespreekbaar en zichtbaar wordt gemaakt op sociale media. Dat vind ik goed en belangrijk. Er waren ook vrouwen die zeiden dat ze nog nooit iets hadden meegemaakt op straat. Het gaat niet om of je iets hebt meegemaakt, het gaat erom dat vrouwen zich nog altijd onveilig voelen op straat en dat daar iets aan moet gebeuren. Wat zou helpen? Voor mij zou het helpen als mannen op straat zich gedragen zoals ze overdag ook doen: zeg me gewoon gedag.”

‘Ik schat in hoe veilig de situatie is: is er genoeg verlichting en waar?

Dominique de Boer Scheffers (48), leerkracht basisschool. Beeld Nina Schollaardt
Dominique de Boer Scheffers (48), leerkracht basisschool.Beeld Nina Schollaardt

“Het was fijn dat er iemand was, toen mijn 17-jarige dochter zondag om 18.30 uur op de pont werd lastig gevallen door een man van in de 30. Het gebeurt vaker op de pont, zegt ze, dus dan doet ze alsof ze aan het bellen is met haar vader, ze zet haar capuchon op en doet haar oordoppen in. Alles om uit te stralen: ik ben niet benaderbaar, let niet op mij. Zelf maakte ik mee dat iemand op het metrostation Nieuwmarkt een mes trok. Achteraf denk ik, raar dat ik niet naar de politie ben gegaan. Je houdt zoiets altijd in je achterhoofd. Als ik in het donker naar buiten ga schat ik in: hoe veilig is de situatie? Is er genoeg verlichting en waar? Zijn er andere mensen? Tegen mijn dochter zeg ik als het al laat is, blijf maar bij je vriendinnetje slapen. Dat is beter dan alleen naar huis. Maar eigenlijk is het gek dat vrouwen hiermee om moeten leren gaan. Jongens zouden juist meer moeten leren dat ‘nee’ ook ‘nee’ is.”

‘Als omstanders toekijken en niets zeggen, voel je je pas echt alleen’

Jaimy Barlag (22), student toegepaste psychologie aan de HvA . Beeld Nina Schollaardt
Jaimy Barlag (22), student toegepaste psychologie aan de HvA .Beeld Nina Schollaardt

“Ik heb altijd een zakmes bij me en ik ben vrijwel altijd op FaceTime als ik ergens naartoe ga ’s avonds. Het is belachelijk dat het zo is ingebakken dat ik, en met mij heel veel andere vrouwen, me altijd hyperbewust moet zijn van mijn omgeving om mijn eigen veiligheid te waarborgen. Zonder het naroepen en gesis zijn er ook een paar keer dingen voorgevallen. Ik ben gevolgd en een man probeerde me van mijn fiets te trekken. Maar ik ben er goed afgekomen. Weet je wat het ook is: soms wordt er alleen een opmerking gemaakt. Dan ben je niet in levensgevaar, maar je voelt je wel onveilig. Als omstanders dan ook nog toekijken en niets zeggen, voel je je pas echt alleen en hulpeloos. Het is goed dat we er nu meer over praten. Maar we moeten dat niet alleen onderling doen. Ook mannen, juist mannen, moeten begrijpen hoeveel impact bepaald gedrag heeft op vrouwen.”

‘Het zou helpen als mannen andere mannen erop aanspreken’

Roos Verhagen (24), zelfstandig sociaalwetenschappelijk onderzoeker. Beeld Nina Schollaardt
Roos Verhagen (24), zelfstandig sociaalwetenschappelijk onderzoeker.Beeld Nina Schollaardt

“Als ik ’s avonds naar huis moet lopen of ’s nachts, voel ik me best wel opgejaagd. Afgelopen zomer nog ben ik naar huis gesprint. Ik dacht niemand ziet me toch en dan ben ik eerder thuis. Ik verstop ook mijn lange blonde haren in mijn trui en ik draag nooit strakke jurken of hoge hakken als ik ’s avonds alleen de straat op ga. Dat doe ik in een hoody en joggingbroek, terwijl het helemaal niet mijn verantwoordelijkheid zou moeten zijn. Ongeacht wat je aan hebt, je moet zorgeloos over straat kunnen. Als je kijkt naar oplossingen, dan wordt er vaak iets van de vrouwen verwacht, maar die zijn niet het probleem. Je hebt bewustwording nodig. Het zou helpen als mannen andere mannen erop aanspreken als dit gebeurt. Maar ook goede voorlichting en campagnes zijn waardevol, als je het mij vraagt. Het belangrijkste: pak het probleem aan. Het is niet gezond dat vrouwen altijd op hun hoede moeten zijn.

‘Ik voel me best veilig in de stad, maar dat komt ook doordat ik hyperalert ben’

Nilofar Feizi (30), mede-eigenaar restaurant Mantoe. Beeld Nina Schollaardt
Nilofar Feizi (30), mede-eigenaar restaurant Mantoe.Beeld Nina Schollaardt

“We moeten niet weer gaan roepen dat we dit gedrag afkeuren. Dat weten we nu wel. Elke keer dat er iets gebeurt, is er heel veel aandacht en daarna? Ik vind het tijd om door te pakken. We moeten mannen onderdeel maken van het probleem en hen laten meepraten. We moeten dit samen doen. Zelf voel ik me best veilig in de stad, maar dat komt ook doordat ik hyperalert ben. Niet panisch, maar wel op mijn hoede. Ik check wel altijd of mijn batterij is opgeladen en ik denk na over de buurt waarin ik ben. Je kunt je afvragen hoe veilig ik me dan écht voel inderdaad. Eigenlijk had ik nooit stilgestaan bij de dingen die ik deed. Pas toen ik opmerkte dat mijn man nergens rekening mee houdt als hij naar buitengaat, werd ik me bewust van mijn handelen. Natuurlijk lossen we dit probleem niet morgen op, maar als we een duurzame oplossing willen, denk ik dat we wel nu moeten beginnen met het opvoeden van jongens. En legaliseer pepperspray voor vrouwen for the time being.”

Tips - Wat kun je doen als vrouw, en als man?

De Amsterdamse politieagent Lieke Hester deelde tips om veiliger over straat te kunnen.
- Stop een flesje smurfenspray, ook wel X marker, in je tas. De blauwe kleurstof helpt de politie bij de opsporing.
- Schaf een geluidsalarm aan, want herrie zorgt voor aandacht. Schreeuw en roep dus ook om hulp als nodig.
- Deel je live locatie met iemand op Whatsapp en schakel een SOS-melding in op je telefoon.
- Voel je je onveilig, kijk dan waar licht brandt en bel aan op de begane grond.
- Vertrouw op je onderbuik: “Je hebt die gut feeling niet voor niets.”

Op de vraag van Stuart Edwards op Twitter, wat je als man kunt doen om vrouwen een veiliger gevoel te geven op straat werd massaal gereageerd. Enkele tips voor mannen:
- Ga nooit vlak achter een vrouw lopen en steek over naar de andere kant van de straat als het heel donker en verlaten is.
- Maak geluid als je achter een vrouw loopt, dan voelt het niet alsof je iemand besluipt.
- Wil je erlangs, laat dan weten wat je doet: ‘Hoi. Sorry, ik moet er even langs.’
- Kom in actie als je denkt dat er sprake is van ongepast gedrag.
- Praat erover met je vrienden.

MyGappie

Gabrielle Claushuis deed onderzoek naar straatintimidatie voor de nog te ontwikkelen app MyGappie, die moet bijdragen aan een veiliger gevoel op straat. In de app kun je groepen aanmaken, met een druk op de knop bel je vervolgens iedereen in die groep tegelijk. Om te voorkomen dat iemand niet opneemt op het moment dat je iemand nodig hebt. “Het liefst wil je natuurlijk dat dit niet nodig is, maar de verhalen en cijfers zeggen het tegendeel. Het probleem is er.” Ook al lijkt dat soms niet zo. “Veel mannen kennen het niet. Niet gek, ze zien het ook niet. Maar vrouwen onderling hebben het er ook niet over. Word je nageroepen, dan zet je het van je af. Het zit zo in het systeem, het is gewoon geworden en onderdeel van hoe we leven. Terwijl, als je er even over praat dan komen de verhalen vanzelf. En dat zijn er zo veel.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden