AMSTERDAM - ''Het was een wanorganisatie.'' Toen Bas Vos (69) halverwege 2006 aantrad bij de Taxi Centrale Amsterdam (TCA), bevond het bedrijf zich in een schrikbarende toestand. De ondernemingskamer van het gerechtshof had de oude directie net de laan uit gestuurd wegens mismanagement. ''Daar trof ik alle sporen van aan.''

Vos reorganiseerde eerder al andere bedrijven en werd als interim-directeur aangenomen om ook bij TCA orde op zaken te stellen. Die klus heeft hij 2,5 jaar later geklaard. Dinsdag maakte de crisismanager dan ook bekend dat hij over enkele maanden vertrekt.

In 2006 was de centrale zo goed als failliet, blikt de bestuurder terug. Grote delen van de boekhouding ontbraken. Chauffeurs wilden niet op rekening rijden, omdat het bedrijf dan niet altijd uitbetaalde. De telefooncentrale was onderbemand, waardoor klanten zo lang moesten wachten dat ze toch maar geen taxi namen.

Maar het ergste was de stemming. Oud-directeur Dick Grijpink en zijn medebestuurders regeerden volgens Vos met harde hand. ''Er was een sfeer van ongelooflijke angst. Iedereen was bang voor iedereen. Kennelijk werd er met enige willekeur geregeerd.''

Tegenwoordig is dat wel anders. ''Als je de sfeer nu ziet, dan herken je het niet meer terug'', zegt de interim-directeur. En dat niet alleen: het aantal ritten steeg met 50 procent tot drie- á vierduizend per dag. ''Het is eigenlijk weer een hartstikke gezond bedrijf met een hartstikke gezond eigen vermogen.''

Dus houdt Vos het voor gezien. ''Ik ben een typische puinruimer: zodra het begint te lopen, wil ik weg.'' De bestuurder wil zich nu gaan bezighouden met elektrische voertuigen. TCA gaat daar binnenkort mee rijden, hij wil ze ook in de rest van het land introduceren. En de eerste aanbieding voor een baan als crisismanager bij een noodlijdend bedrijf is alweer binnen.

De komende maanden blijft Vos echter nog bij TCA. Zijn opvolger Richard van der Veen (52) begint 1 februari officieel als nieuwe directeur, maar hij moet eerst nog goed worden ingewerkt. Vos: ''TCA is toch een raar soort bedrijf, met een kleine tweeduizend zelfstandigen die redelijk eigenwijs zijn en op Amsterdamse wijze geen blad voor de mond nemen.'' (ANP)