PlusReportage

VOC-schip bij Scheepvaartmuseum zondagnacht naar het dok in Noord gesleept

De replica van het VOC-schip achter het Scheepvaartmuseum wordt zondagnacht weggesleept naar het dok in Noord voor een grote opknapbeurt. De drie masten worden vervangen, lekkende naden worden gerepareerd en het gehele schip krijgt een lik verf. Eind januari moet de Amsterdam weer gereed zijn voor bezoek.

Het ScheepvaartmuseumBeeld EDDO HARTMANN

Iedere acht minuten wordt er momenteel water uit het schip gepompt. Elke tien jaar moet het schip dan ook naar het dok om het waterdicht te maken en houtrot op te sporen. Dit jaar is het weer zover.

Restauratie-timmerman Jan Kuperus (52) is een van de mannen die zich maandag aan de immense klus zet. Hij loopt op de steiger langs het schip en wijst naar een flinke pol gras dat aan de buitenkant van de Amsterdam groeit. “Dit wil je niet,” zegt hij.

Hij drukt tegen een naad tussen twee planken. Het water loopt eruit. “Regenwater is zo slecht voor een schip. Dat kruipt overal naar toe en gaat in kieren zitten. Daar gaat het dan rotten.”

Kuperus weet wat hem te wachten staat. Het is de derde keer dat hij de replica van de Amsterdam, het belangrijkste en grootste type goederenschip van de VOC, opknapt. “Al weet je nooit van tevoren wat je tegenkomt.”

500 kilo henneptouw

Het dertig jaar oude schip deed in 1990 voor het eerst mee aan Sail. Het schip kreeg tien jaar later zijn eerste onderhoudsbeurt in Den Helder. In 2011 volgde de tweede beurt in Zaandam. Dit jaar wordt het gesleept naar het dok van Damen Shiprepair in Amsterdam-Noord.

Kuperus: “Schepen worden naarmate ze ouder worden, steeds slechter. Wat we straks onder de waterlijn aantreffen, is niet te voorspellen. We hebben alvast 500 kilo henneptouw besteld om daarmee de naden te herstellen.”

Dit breeuwen – het aangetaste henneptouw met een haak eruit halen en vervangen door nieuw touw – is vakwerk. Het zal zo’n zeven tot acht weken in het dok duren, verwacht Kuperus. “Het is zwaar en eentonig werk, maar heel zinnig.”

Zodra deze klus geklaard is, gaat het schip naar de Oranjewerf om onder meer de drie masten te vervangen, ieder 80 centimeter dik en tien ton wegend. Kuperus wijst naar de touwen. “Vijftig procent moet waarschijnlijk vervangen worden. Ook de dwarsra’s zijn waarschijnlijk aan vervanging toe.” Op de werf krijgt het schip ook een nieuwe lik verf.

Ducttape

Kuperus heeft ervaring met het bouwen en repareren van schepen. Hij is op 16-jarige leeftijd begonnen met het bouwen van een reconstructie van de Batavia, een VOC-schip uit de zeventiende eeuw, in Lelystad.

Dat de Amsterdam straks als nieuw weer aan de steiger achter het Scheepvaartmuseum ligt, is mooi. “Maar een schip wordt er met de jaren niet beter op. Je lapt haar op, maar ziet haar ook ouder worden. Tijdens zo’n restauratie neem je afscheid van het schip. Ze verslijt, net als een oude dame.”

Op de boegspriet zit ducttape geplakt. “Dat hebben we als lapmiddel eerder aangebracht om inwateren te voorkomen. Het is best een belasting voor een schip om op de steigers te staan. Een schip moet drijven.”

Onderhoud zal in de toekomst vaker moeten gebeuren dan om de tien jaar, zegt hij. “Een schip gaat zo’n vijftig, zestig jaar mee. Maar wie weet, kan zij later ergens op het droge staan.”

De kosten van de restauratie gaan richting de miljoen, 95 procent van het geld is binnen. De laatste 5 procent – 50.000 euro - wordt via een crowdfundingsactie opgehaald.

Afvaart VOC-schip

Voor wie wil zien hoe het VOC-schip naar het dok in Noord vaart: de sleepboten komen maandag om 0.00 uur aan bij de steiger van het Scheepvaartmuseum. Rond 1.15 uur komen ze langs restaurant Hannekes Boom en een kwartier later passeren ze de bruggen richting het IJ.

Het stuurloze schip

De originele Oost-Indiëvaarder Amsterdam vertrok in 1749 vanaf Texel voor haar eerste reis naar Batavia, het huidige Jakarta in Indonesië. Op de Noordzee raakte het tijdens een storm een zandbank. Schipper Klump besloot het stuurloze schip – het roer was afgebroken – te laten stranden op de Engelse zuidkust, waar de restanten nog steeds liggen. Een groot deel van de lading en 28 kisten zilverwaar werden gered.

Na archeologisch onderzoek door Britse en Nederlandse archeologen is in 1985 besloten het 48 meter lange en 11,5 meter brede schip na te bouwen. Sinds 1991 ligt het aan de steiger bij het Scheepvaartmuseum.

Routekaart wegslepen voc-schip naar het dok voor opknapbeurt.Beeld Scheepvaartmuseum
Het schip Amsterdam, met op de achtergrond Het Scheepvaartmuseum. Beeld Twycer

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden