PlusReportage

Veteranen weer terug op hun oude stek in Amsterdam-Noord

De Veldpost aan de Kometensingel werd vrijdag feestelijk geopend. Beeld Jean-Pierre Jans
De Veldpost aan de Kometensingel werd vrijdag feestelijk geopend.Beeld Jean-Pierre Jans

Het vernieuwde ontmoetingscentrum De Veldpost voor oud-militairen en oud-politiemensen is vrijdag door burgemeester Halsema officieel geopend. Praten met lotgenoten helpt veteranen met trauma’s hun leven weer op de rails te krijgen.

Dat een ontmoetingscentrum voor veteranen nodig is, weten de vrijwilligers van Stichting Veteranen Amsterdam al jaren. De stichting, opgericht in 2010, ziet in haar inloophuis jaarlijks zo’n 1500 bezoekers: twee tot tien mensen per dag.

Het centrum zat aanvankelijk in de voormalige pastorie aan de Kometensingel in Noord, maar moest wijken vanwege de verkoop van het pand aan een nieuwe eigenaar. “We verhuisden naar een andere plek in Noord. Het was er veel te klein,” zegt Eugene Sandel, oud-militair en vrijwilliger bij De Veldpost.

Nu zijn ze teruggekeerd op hun oude stek nadat de gemeente een miljoen euro vrijmaakte voor de aankoop en grondige opknapbeurt van de oude pastorie.

“Veteranen hebben zich, vaak onder moeilijke omstandigheden, ingezet voor de internationale rechtsorde en de vrijheid en veiligheid van ons land. Zij verdienen naast waardering en erkenning ook een prettige, vaste ontmoetingsplek in de stad,” aldus Halsema.

Amsterdam heeft zo’n 1400 veteranen. Vijf tot acht procent heeft een posttraumatische stress stoornis. “Aan lotgenoten hoef je niet veel uit te leggen. Die snappen al wat het betekent in het dagelijkse leven: een kort lontje, schreeuwen, snel boos zijn, vluchten in drank en drugs. Je kunt beter praten met een lotgenoot dan met familie,” zegt Sandel.

PTSS

Aan de wand in de huiskamer hangen foto’s van uitzendingen naar Libanon en Afghanistan en in een boekenkast staan boeken als Srebrenica van het Niod en Op missie van Jaus Müller. In de centrale hal staat een etalagepop in militair uniform en een checkpointbord uit Libanon.

Veteraan Ismael Borucu (44) werd in 2001/2002 zes maanden naar Bosnië en in 2004 vijf maanden naar Irak uitgezonden. “Pas als je terug bent in Nederland dringt tot je door wat je hebt meegemaakt. In Irak kregen we mortieraanvallen ’s nachts op ons kamp. Buiten het kamp sneuvelden mensen. Je wist niet wie je vijanden waren. Het was eng en spookachtig.”

Borucu veranderde. “Ik was altijd boos, schreeuwde, had nachtmerries en werd ziek. Ik ging drinken en zat zwaar aan de medicijnen. Uiteindelijk zijn mijn vrouw en ik gescheiden.”

Hij kwam zijn huis niet meer uit, totdat een zorgcoördinator van de krijgsmacht hem bijna letterlijk over de drempel duwde van het veteranenhuis. Hij ging in behandeling voor zijn PTSS. Over wat hij heeft meegemaakt, wil hij niet veel kwijt. Hij zit nog midden in het herstelproces.

Luisterend oor

Maar één ding is zeker: de steun van zijn lotgenoten is groot. “Hier heb ik een vangnet en kon ik mijn ei kwijt. Je wordt door deze jongens beter begrepen dan thuis omdat zij hetzelfde hebben meegemaakt. De kameraadschap uit het leger vind je hier terug.”

Het bieden van een luisterend oor is belangrijk, zegt Sandel. “Veel veteranen denken dat ze de enige zijn met een trauma. Maar dat zijn ze niet. Hier krijgen ze lucht.”

Ismael: “Ik kom mijn huis weer uit. Ik ga van de ene veilige plek, mijn huis, naar deze veilige plek: De Veldpost.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden