Amsterdam Bewaar

Verzetsvrouw Mirjam Ohringer (91) overleden

Mirjam bleef tot op hoge leeftijd voorlichting geven over de Tweede Wereldoorlog, omdat zij zich daartoe verplicht voelde als overlevende.
Mirjam bleef tot op hoge leeftijd voorlichting geven over de Tweede Wereldoorlog, omdat zij zich daartoe verplicht voelde als overlevende. © Katrien Mulder

De Joodse Mirjam Ohringer, die als verzetsvrouw de hele oorlog actief was, is zondag 29 mei overleden op 91-jarige leeftijd. Na 1945 bleef ze haar leven in dienst stellen van de slachtoffers.

Al in haar tienerjaren voelde de geboren Amsterdamse zich geroepen om Duits-Joodse vluchtelingen te helpen, die na de machtsovername van Hitler naar Nederland waren gekomen. Zij verbleven hier illegaal en moesten in leven gehouden worden. Mirjam raakte betrokken bij het inzamelen van geld voor deze mensen. 

Toen de oorlog uitbrak, veranderde er veel voor de jonge vrouw, die met haar Joodse vader Herman in Amsterdam woonde. Haar moeder was in de jaren dertig naar Frankrijk vertrokken, na de scheiding.

De eerste jaren kon Mirjam zich vol overgave inzetten voor onderduikers. Zo verspreidde ze onder andere verzetskrant De Waarheid en was ze contactpersoon van een communistisch stel dat ondergedoken zat op verschillende adressen in Amsterdam en Amstelveen.

Toen de massadeportaties in de zomer van 1942 begonnen, moesten Mirjam en haar vader voor hun eigen leven vrezen. Toch weigerde de Amsterdamse om te vluchten naar Zwitserland, waar haar vader op aandrong. Ze wilde het verzet niet in de steek laten en bleef op verschillende onderduikadressen in Amsterdam en Oudkarspel. 

Moeder in het Franse verzet
Na de oorlog kwam het grote verdriet: vrijwel alle familie van Mirjams vader en moeder was omgekomen in vernietigingskampen. Moeder, die nog altijd in Frankrijk verbleef, had het gelukkig wel overleefd. Zij had gedurende de oorlog in het Franse verzet gezeten.

Na de oorlog voelde Mirjam zich als overlevende verplicht om voorlichting te geven over de Tweede Wereldoorlog. Ze was onder andere bestuurslid van het Sachsenhausencomité, van het Verenigd Verzet en van het 4 en 5 mei Comité. Ook gaf ze rondleidingen in het Verzetsmuseum.

De Amsterdamse bleef tot het einde toe strijdbaar: "Wanneer het slecht gaat, geeft men graag anderen de schuld, zoals tijdens het naziregime gebeurde met Joden, zigeuners en communisten. Laat je niet misleiden door de huidige politici die minderheden beschuldigen. Blijf hun uitspraken weerleggen."