PlusTen slotte

Verzetsvrouw Gisela Wieberdink-Söhnlein (1921-2021) hielp mee honderden Joodse kinderen te redden

Het gehuil van de opgepakte Joden ging haar door merg en been. De toen 21-jarige studente Gisela Söhnlein, later Wieberdink, zag de ontreddering en hielp mee honderden Joodse kinderen te redden. ‘Ze trok een streep: tot hier en niet verder,’ aldus haar dochter Suzanne.

Hanneloes Pen
Verzetsvrouw Gisela Wieberdink-Söhnlein, rond 1946. Beeld Collectie Nationaal Monument Kamp Vught.
Verzetsvrouw Gisela Wieberdink-Söhnlein, rond 1946.Beeld Collectie Nationaal Monument Kamp Vught.

Wieberdink-Söhnlein, dochter van een mijningenieur in Bolivia, werd op 3 oktober 1921 in Chili geboren. Na de onverwachte dood van haar deels Duitse vader verhuisde het gezin naar Nederland. In 1940 ging Gisela rechtsgeleerdheid studeren in Amsterdam. Ze sloot zich aan bij het Amsterdamse studentencorps AVSV en kwam in het dispuutshuis EOOS te wonen, tegenover het hoofdbureau van de Sicherheitsdienst aan de Gerrit van der Veenstraat. Vanuit haar kamer hoorde ze het gehuil van de Joden en het geblaf van de honden. Ze deed geen oog meer dicht.

Dispuutgenoot Hansje van Loghem, de verloofde van verzetsman Piet Meerburg, vroeg haar in september 1942 mee te helpen Joodse kinderen te redden die in de crèche tegenover de Hollandsche Schouwburg zaten te wachten op deportatie. Wieberdink-Söhnlein, die gratis kon reizen omdat haar stiefvader bij het spoor werkte, bracht de kinderen naar Utrecht om ze over te geven aan verzetsgroep het Utrechts Kindercomité.

Voor haar kwam de vraag om mee te helpen ‘als een bevrijding’, vertelde ze in het boek Onder de klok van historicus Bert Jan Flim.

Verzetsduo

Wieberdink-Söhnlein werkte nauw samen met de Utrechtse studente Hetty Voûte. Een standbeeld in station Utrecht was de ontmoetingsplek voor de groepsleden. Ze maakten zich kenbaar met een herkenningsfluitje. Het tweetal bracht de kinderen ook zelf naar schuiladressen in Friesland en Limburg.

Na acht maanden ging het fout. In juni 1943 werden ze verraden door een echtpaar naar wie ze een aantal kinderen hadden gebracht. Wieberdink-Söhnlein en Voûte kwamen via kamp Vught in Ravensbrück terecht. “Ze hadden onderschat hoe serieus de Duitsers hun verzet namen. Ze dachten zelf: ‘Ach, dit zijn kinderen,” zegt dochter Suzanne Wieberdink (67).

In Ravensbrück hielp het duo kampgenoten de moed erin te houden door onder de namen Pooh & Piglet zelfgeschreven liedjes met de nodige galgenhumor te zingen: ‘In Ravensbruck bij strafappèl/Daar zeg je met een zucht/Ach was ik toch maar eindelijk weer/In ’t mooie plaatsje Vught.’

Weer zo’n rotpet

Na de bevrijding wist Wieberdink-Söhnlein haar studie rechtsgeleerdheid af te maken. Ze trouwde, kreeg drie dochters en ging jaren later bij het Instituut voor Psychologisch Marktonderzoek werken.

Later vertelde ze haar kinderen over haar verzetswerk. “Ze was nuchter en deelde het ons mede. Ze zei: ‘De kinderen leken goed te begrijpen wat er gaande was en hielden hun mond dicht,” zegt dochter Suzanne.

Een van de Joodse kinderen die zij naar een onderduikadres had gebracht, Anita Meijer, heeft de Yad Vashem-onderscheiding voor Wieberdink-Söhnlein aangevraagd, die ze in 1988 ontving. “Ze was na de oorlog mild tegenover de Duitsers. Ze ging al snel weer op vakantie in het buurland. Maar ze kon niet meer tegen petten. Als ze er eentje tegenkwam, zei ze: ‘Weer zo’n rotpet.’”

Tekst gaat verder onder de foto.

Gisela Wieberdink-Söhnlein (r) met verzetsmakker Hetty Voûte (l) in de jaren tachtig. Beeld Collectie Nationaal Monument Kamp Vught.
Gisela Wieberdink-Söhnlein (r) met verzetsmakker Hetty Voûte (l) in de jaren tachtig.Beeld Collectie Nationaal Monument Kamp Vught.

Bevriend tot het einde

Met Voûte bleef ze tot het einde bevriend. De dood van haar verzetsmakker in 1999 was voor Wieberdink-Söhnlein een groot verlies. “De vrouwen leunden op elkaar. Mijn moeder had het, zelfs toen ze de laatste jaren aan het dementeren was, veel over Hetty.”

Wieberdink-Söhnlein is op 16 november op 100-jarige leeftijd overleden. Ze wordt dinsdag gecremeerd.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden