Analyse

Versplinterde oppositie van Amsterdam moet samen strijden voor eigen belangen

Een versplinterde en grotendeels onervaren oppositie debatteert vanaf woensdag over de Amsterdamse begroting van 6,7 miljard euro. Lukt het ze een vuist te maken tegen de coalitie?

Tim Wagemakers
null Beeld Siebe Swart luchtfotografie/ANP
Beeld Siebe Swart luchtfotografie/ANP

Het is een van de belangrijkste momenten van het jaar voor de Amsterdamse oppositie: de algemene beschouwingen. Dat is hét moment om, naar aanleiding van de begroting van 6,7 miljard euro, de coalitie van PvdA, GroenLinks en D66 te controleren op de eigen ambities en beloften en eigen ideeën in te dienen. Want ambities zijn leuk, maar pas in een begroting wordt duidelijk of daar ook echt geld voor is vrijgemaakt.

Alleen, de oppositie is versplinterd en onervaren. Na de afsplitsing van Carla Kabamba uit Bij1 zijn de 45 raadszetels verdeeld over dertien partijen. VVD is de grootste oppositiepartij met vijf zetels, de overige negen partijen (inclusief de nieuwe fractie Kabamba) verdelen de resterende zestien oppositiezetels.

Van die oppositiepartijen staat Anke Bakker (Partij voor de Dieren, drie zetels) na het vertrek van oudgediende Johnas van Lammeren voor haar eerste grote debat. Bij Bij1 (twee zetels) is Dinah Bons twee weken raadslid. CDA-fractievoorzitter Diederik Boomsma is dan qua ervaring wel iemand waar de hele oppositie naar kijkt, maar als eenmansfractie heeft hij samen met Forum voor Democratie en Carla Kabamba de minste spreektijd.

Wegwuiven

Bij oppositiepartijen leven dan ook zorgen dat de coalitie de begroting er té makkelijk doorheen zal loodsen. Maakt de gemeente nu gezonde financiële keuzes, met een flink stijgende schuldenlast de komende jaren en een begroting die op termijn niet meer sluitend is? En waar leggen ze de rekening?

Veel kritiek op bijvoorbeeld lastenverzwaringen zal worden weggewuifd onder het mom van financiële krapte, net als wensen voor meer geld op andere terreinen. “Toen ik begon in 2016 was er zoveel geld dat je voor een leuk idee best wat kon binnenhalen,” zegt Boomsma. “Dat is nu veel moeilijker.”

Daarnaast is rond grote investeringen in bijvoorbeeld onderhoud van de stad, eventuele bruggen over het IJ en de ontwikkeling van Haven-Stad nog veel onduidelijkheid. Het komend jaar wordt er 1 miljard euro in de stad geïnvesteerd, maar het college heeft de beslissing welke investeringen op lange termijn wel en niet kunnen doorgaan naar het voorjaar geschoven. Het risico is dat dan onder stoom en kokend water belangrijke beslissingen rond de toekomst van de stad worden genomen.

Boomsma hoopt dan ook dat de versplinterde oppositie elkaar steunt. “Inhoudelijk kan je het oneens zijn, nog steeds kun je het college dwingen zich duidelijk uit te spreken. Bijvoorbeeld of ze de verhuizing van de Meervaart door willen laten gaan. En er wordt bezuinigd op subsidies: waar hebben ze het dan over?”

De politieke beschouwingen vormen ook een belangrijk moment om coalitiepartijen aan hun beloftes te houden, bijvoorbeeld rond woningbouw. Vorige week werd duidelijk dat te weinig geld uit de grondexploitatie komt om bouwprojecten in de huidige vorm door te laten gaan. Wat doet dat met de ambitie om 7500 woningen per jaar te bouwen en de belofte dat daarvan 40 procent sociale huur zal zijn?

Constructieve oppositie

Zoveel onderwerpen, beperkte spreektijd en een echte oppositieleider is er nog niet. De VVD is de grootste, maar fractievoorzitter Claire Martens is net terug van zwangerschapsverlof en de vraag is wat haar naar eigen zeggen constructieve oppositie gaat inhouden. Denk en Ja21 voeren hardere oppositie, maar staan met hun twee zetels vaak alleen.

De bal ligt niet alleen bij de oppositie, vindt Martens. “De coalitie houdt de rijen gesloten, tot nu toe wordt er nog weinig gegund aan de oppositie.” VVD komt met een tegenbegroting, waarmee ze ‘redelijke alternatieven’ hopen te bieden.” Juliet Broersen (Volt) en Anke Bakker zijn optimistischer. Bakker: “Ik denk dat er ruimte is, omdat er nog niet echt grote keuzes worden gemaakt en er volgens de coalitie geen taboes zijn.”

Die ruimte zou kunnen liggen bij de positie van de middeninkomens. Van links tot rechts maken partijen zich zorgen over de groep die nu amper bereikt wordt, maar wel in toenemende mate financiële zorgen heeft. De kans lijkt klein dat coalitiepartijen nog willen tornen aan bijvoorbeeld de geplande verhoging van de ozb voor huizenbezitters, maar ideeën die op een andere manier steun bieden aan deze groep kunnen kansrijk zijn.

Het begrotingsdebat is dan ook een lakmoesproef voor de oppositie om binnen de kleine marges ruimte te vinden. Dat vraagt om politiek vakwerk. Aan de oppositie om te laten zien dat ze dat beheersen.

Begroting 2023

Wethouder Hester van Buren (Financiën) publiceerde namens de coalitiepartijen PvdA, GroenLinks en D66 de begroting voor 2023, waar in totaal 6,7 miljard euro mee gemoeid is. De inkomensgrens voor armoederegelingen wordt per 1 januari structureel opgehoogd, van 120 procent naar 130 procent van het sociaal minimum.

Daarnaast komt er nog dit jaar een noodfonds voor mkb’ers en sociaal-maatschappelijke voorzieningen, waar twintig miljoen euro in gaat. Ook wordt er 3,5 miljoen euro uitgetrokken om snel steun te kunnen bieden. Zo krijgen onder meer gezinnen met een stadspas en kinderen onder de veertien jaar extra geld voor kleding en schoolspullen.

De parkeertarieven stijgen volgend jaar en de ozb gaat omhoog, gemiddeld zo’n 60 euro per jaar. Opvallend is dat de afvalstoffenheffing iets stijgt. Een eenpersoonshuishouden gaat 13 euro meer betalen per jaar, meerpersoonshuishoudens 18 euro.

De gemeenteschuld stijgt van 7 miljard euro naar 9,1 miljard euro in 2026.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden