Plus

'Tweelingen hebben eigenschappen die goed passen bij een politieagent'

Advocatenduo Hans en Wim Anker, voetballers Ronald en Frank de Boer: eeneiige tweelingen kiezen vaak hetzelfde beroep. De Amsterdamse politie heeft er zelfs vijf. 'Het zit in de genen.'

Manuel (links) en Danny, 36 jaar Beeld Dingena Mol

Ellie en Marja Lust waren ooit de bekendste eeneiige tweeling van de Amsterdamse politie. Maar zij blijken lang niet de enige. De eenheid Amsterdam-Amstelland telt vijf eeneiige tweelingen, ooit waren het er zelfs acht.

Helemaal toevallig is dat niet. Kijk naar voetballers als Frank en Ronald de Boer en René en Willy van de Kerkhof, schaatsers Ronald en Michel Mulder, zwemsters Marianne en Mildred Muis en het advocatenduo Hans en Wim Anker.

Dat tweelingen voor hetzelfde beroep kiezen is volgens Coks Feenstra, ontwikkelingspsycholoog, tweelingdeskundige en auteur van Het grote tweelingenboek, niet zo vreemd. "Genen spelen voor 50 procent een rol bij de beroepskeuze. Als je bedenkt dat tweelingen hetzelfde dna hebben, is het verklaarbaar dat ze voor hetzelfde vak kiezen. Hun IQ is vrijwel identiek, eigenschappen en talenten komen overeen. Vaak hebben ze ook dezelfde hobby's en smaak."

Empathisch vermogen
Er zijn wel verschillen tussen tweelingen, maar geen contrasten. "Het gaat om nuances. De een is bijvoorbeeld iets extraverter dan de ander. Dat komt ook doordat ze zich aan elkaar aanpassen en op elkaar reageren. Als ze los van elkaar zijn, valt dat verschil vaak weg."

Of er juist bij de politie relatief veel tweelingen werken is nooit onderzocht. Feenstra kan zonder wetenschappelijke onderbouwing wel een hypothese doen. "Tweelingen beschermen elkaar van jongs af aan. Ze hebben hetzelfde dna, dus in feite bescherm je iets van jezelf."

"Dat beschermende ligt al van kinds af aan besloten in hun relatie. Ze ontwikkelen daardoor meer empathisch vermogen. Als de een huilt, haalt de ander gauw de moeder of reikt een knuffeltje aan."

"Onderwijzers geven ook vaak aan dat tweelingen in de klas voor elkaar opkomen, beschermend, empathisch en zorgzaam zijn. Dat zijn eigenschappen die goed van pas komen bij een politieagent."

Manuel (links) is hoofdagent in Noord, met als taakaccent Wet wapens en munitie, Danny in Zuid, met als taak­accent hennep. Daarnaast zijn ze allebei motoragent en werkzaam bij de Mobiele Eenheid (ME)

Manuel: "Zo lang ik me kan herinneren wilde ik al bij de politie."

Danny: "Ik ook. Het zag er zo stoer uit."

Manuel: "Toen we negentien waren, hebben we gesolliciteerd in Amsterdam. We verhuisden van onze geboorteplaats Enschede hiernaartoe. Totdat we relaties kregen, woonden we ook samen."

Danny: "We zijn altijd onafscheidelijk geweest. Elke dag bellen we met elkaar. Dan delen we eerst wat we hebben meegemaakt op het werk. Daarna gaat het over koetjes en kalfjes."

Manuel: "Ik ben wat introverter dan Danny, maar onze levensloop en interesses zijn exact hetzelfde. We hebben dezelfde bijbaantjes gehad, in hetzelfde team gevoetbald."

Danny: "De eerste tijd bij de politie werkten we vaak samen op straat. Dat ging perfect; we hebben aan een half woord genoeg. De mensen waren steeds met stomheid geslagen, omdat we zo op elkaar lijken."

Manuel: "Nu werken we alleen nog samen tijdens pleindiensten van de ME. Ik maakte mee dat een beschonken man op het Leidseplein iets aan me wilde vragen. Vervolgens keek hij naar Danny. Hij liep met een wegwerpgebaar door. Laat ook maar, ik ben te dronken, moet hij hebben gedacht."

Danny: "Op het werk worden we ook vaak verwisseld. Ik heb me zelfs een keer moeten legitimeren bij een collega omdat hij niet geloofde dat ik niet Manuel was."

Manuel: "Soms vinden mensen me arrogant om dat ik niet groet. Dan hebben ze niet door dat het mijn broer was."

Danny: "Ik denk dat het geen toeval is dat we allebei voor de politie kozen. We hebben eigenschappen die erbij passen. We weten allebei van aanpakken. Onze drijfveer is boeven vangen. Als kind speelden we dat al. Het is mooi als je iemand op heterdaad kunt pakken."

Manuel: "Het geeft veel voldoening als je mensen kunt helpen."

Danny: "Het liefst zouden we altijd samen werken. Wie weet gebeurt dat nog eens op onze oude dag."

Manuel: "Dat zou leuk zijn! Met z'n tweeën als wijkagent in Noord."

Manuel (links) en Danny, 36 jaar Beeld Dingena Mol

Editha werkt op de meldkamer en stuurt politiemensen aan bij een 112-melding. Janine is medewerker van het Real Time Intelligence Center en ondersteunt de noodhulp met actuele informatie over een melding.

Editha: "Toen we bij de politie begonnen, zei mijn vader dat we dat nooit lang zouden volhouden met onze grote mond. Nou, we hebben de 25 jaar in dienst al gehaald."

Janine: "Uit een beroepstest bij het uitzendbureau bleek 27 jaar geleden dat de politie iets voor ons was. Toen we solliciteerden, werden we aangenomen op verschillende afdelingen. Editha werkt op de meldkamer en ik zit meer aan de recherchekant. Ik geef collega's real-time informatie over de melding waar ze heengaan: hoe iemand eruit-ziet, of hij vuurwapengevaarlijk is, een geschiedenis van geweldpleging heeft."

Editha: "Ik vind het niet vreemd dat we hetzelfde beroep hebben. We zijn vrolijk, hebben doorzettingsvermogen, zijn stressbestendig en behulpzaam. Dat maakt ons geschikt voor de politie. Janine kijkt wat meer de kat uit de boom, terwijl ik brutaler ben. Als kind waren we bang voor zand en water. Dan ging ik het eerst proberen en kwam Janine erachteraan."

Janine: "Onze moeder kreeg het advies ons in verschillende klassen te plaatsen en ons vooral niet dezelfde kleding aan te trekken. Tot de vierde klas hielden we dat vol. Daarna wilden we toch graag bij elkaar in de klas en trokken we hetzelfde aan. In onze vrije tijd dragen we nog steeds hetzelfde. Ook ons haar en onze sieraden komen overeen."

Editha: "In de meldkamer hebben we allebei onze vaste plek, waardoor collega's ons uit elkaar kunnen houden. Maar zodra ze ons ergens anders zien, kan het misgaan. Ik heb mijn zus er weleens bij moeten halen om te bewijzen wie wie is."

Editha: "We waarschuwen elkaar ook. Ik heb als agent bij de Vreemdelingendienst gewerkt en kreeg te maken met een heel agressieve man. Toen heb ik mijn zus gebeld om te zeggen dat ze voorzichtig moest zijn voor het geval ze ons verwisselen."

Janine: "Andersom heb ik meegemaakt dat een man me aanviel, omdat hij dacht dat ik Editha was."

Editha: "Als we iets naars op het werk meemaken, delen we dat. Na een schietpartij zit je vol adrenaline. Dan is het fijn om mijn zus te kunnen bellen. Ik weet dat zij het begrijpt."

"Onze broer en tante zijn overleden na een reanimatie. De melding van de reanimatie van mijn tante kreeg ik op de noodhulp binnen. Ik wist nog niet dat het om haar ging, omdat er nog geen naam bekend was. Dan is het extra zwaar als je vervolgens in je werk weer met reanimaties te maken krijgt."

Janine: "Soms ben ik thuis en voel ik me onrustig of verdrietig. Dan weet ik dat er bij Editha iets aan de hand is en bel ik of alles wel in orde is. Daarna laat ik het ook weer los."

Editha: "Ik heb dat ook. Het geeft aan hoe diep onze band is."

Editha (links) en Janine, 50 jaar Beeld Dingena Mol

Willemijn is allround politiemedewerker bij bureau Buitenveldert, Wieteke (rechts) is politiekundige in opleiding en werkt bij bureau Bijlmermeer

Wieteke, bij de politie sinds 2005: "We waren als kind al stoere meisjes. Altijd one of the guys. Soms dachten ze zelfs dat we jongens waren. 'Dag knul,' zeiden ze dan bij de snackbar."

Willemijn, werkt er sinds 2004: "Wieteke wilde van jongs af aan al bij de politie werken, ik vanaf mijn zestiende."

Wieteke: "Een buurman van ons was politieagent. Dat uniform vond ik interessant. Het leek me stoer, spannend werk."

Willemijn: "In de omgeving van Meppel, waar wij zijn opgegroeid, waren weinig vacatures. We hebben daarom gesolliciteerd bij de politie in Amsterdam."

Willemijn: "In uniform zien we er precies hetzelfde uit. Daarbij hebben we dezelfde stem, mimiek en intonatie en dezelfde zwarte, grove humor. Vooral bij collega's die ons nog niet zo goed kennen, leidt dat vaak tot verwarring."

"We maken er graag grapjes over. Dan denken ze dat ze mij hebben gezien, terwijl het Wieteke was en zeg ik: 'Ik zag er gisteren écht niet uit, ik had een slechte dag.'"

Wieteke: "En dan vraag ik aan een collega of zij tegen Willemijn wil zeggen dat ze er zo slecht uitziet, of het wel goed gaat."

Wieteke: "Dat we een tweeling zijn, speelt volgens mij zeker mee in onze beroepskeuze. We zijn samen opgegroeid, maakten dezelfde dingen mee. Onze moeder gaf ons mee dat we geen ruzie moesten maken en voor de zwakkeren moesten opkomen."

Willemijn: "Ik denk dat het ook in de genen zit. We hebben veel dezelfde karaktertrekken die je geschikt maken voor politiewerk. We zijn maatschappelijk betrokken, hebben geen 9-tot-5-mentaliteit en houden van de spanning, van het groepsgevoel."

Wieteke: "Het enige verschil tussen ons is dat ik twee jaar geleden moeder ben geworden. Ik ben nu wat rustiger dan Willemijn, die geen kinderen heeft."

Willemijn: "In ons werk houden we er ook rekening mee dat we op elkaar lijken. Als ik een conflict heb gehad met een verdachte, bijvoorbeeld na een aanhouding, waarschuw ik mijn zus dat ze alert moet zijn. Het kan vervelend uitpakken als zij buiten loopt en hij haar voor mij aan ziet."

Wieteke (rechts) en Willemijn, 34 jaar Beeld Dingena Mol

Crimineel en eeneiig

Amerikaanse wetenschappers vonden een manier om eeneiige tweelingen uit elkaar te houden. De methode kan worden gebruikt om een crimineel te onderscheiden van zijn onschuldige tweelingbroer.

Soms komt het voor dat de politie genoeg dna-materiaal heeft van een dader. Een nieuwe methode kan dan subtiele mutaties uit het dna filteren, door invloeden van buitenaf. Rookt de ene tweelingbroer wel en de ander niet of werkt de een buiten en de ander binnen. De ideale oplossing is het nog niet.

Als de tweelingen geen verschillende levens hebben geleid, zal het verschil in dna niet doorslaggevend zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden