Achtergrond

Tropenmuseum toont onze koloniale erfenis in nieuwe expositie, met digitaal namenmonument

Met een nieuwe tentoonstelling over de doorwerking van de koloniale geschiedenis rekent het Tropenmuseum ook af met het eigen verleden als koloniaal instituut.

Patrick Meershoek
Werk dat te zien is tijdens de tentoonstelling Onze koloniale erfenis. Beeld Courtesy of the artist and Yavuz Gallery, Tropenmuseum
Werk dat te zien is tijdens de tentoonstelling Onze koloniale erfenis.Beeld Courtesy of the artist and Yavuz Gallery, Tropenmuseum

In de schatkamers van het Tropenmuseum liggen honderdduizenden voorwerpen uit voormalig Nederlands-Indië opgeslagen. En vrijwel geen van die objecten houdt verband met het onderwerp slavernij, vertelt Rik Herder, een van de samenstellers die voor de aanstaande tentoonstelling Onze koloniale erfenis een duik nam in het depot. “We weten inmiddels dat slavenhandel en slavernij in Indonesië ook wijdverspreid was. Maar er was binnen het Tropeninstituut duidelijk geen belangstelling voor het onderwerp. Er zijn hier in huis nauwelijks sporen van terug te vinden.”

De nieuwe tentoonstelling over het koloniaal verleden, vanaf juni zeven jaar te zien, moet daar verandering in brengen. Er werd meer dan drie jaar aan de expositie gewerkt, meer dan tweehonderd mensen leverden een bijdrage aan het eindresultaat. Herder: “Van meet af aan was duidelijk dat we dit niet alleen konden. We hebben de hulp ingeroepen van wetenschappers, onderzoekers, filmmakers, schrijvers, muzikanten en dichters om het onderwerp van alle kanten goed te kunnen belichten.”

Monument

De tentoonstelling toont het kolonialisme als economisch, ideologisch en cultureel systeem. De blikvanger wordt ongetwijfeld het digitaal monument met de namen van 200.000 tot slaaf gemaakten uit de voormalige koloniën. Het monument is een uitbreiding van de slavenregisters van Suriname en Curaçao die de afgelopen jaren onder aanvoering van Nijmeegse wetenschapper Coen van Galen door vrijwilligers in Suriname en Nederland werden gedigitaliseerd. Nieuw is de mogelijkheid om met één druk op de knop de sociale omgeving van de tot slaaf gemaakten terug te vinden. Waar werden zij verkocht? Wie waren hun kinderen? Met wie werkten zij op een plantage?

Deze zoekfunctie werkt met een algoritme dat in een duizelingwekkende hoeveelheid archieven razendsnel aanknopingspunten vindt. Opmerkelijk genoeg helpt een computer zo om van tot slaaf gemaakten weer mensen te maken. Herder: “Als het gaat om de trans-Atlantische slavernij, kennen we de namen van de tot slaaf gemaakten uit onder meer de administratie van de West-Indische Compagnie. Zij werden ingeboekt als eigendom met een economische waarde. Dankzij de verzamelde data kunnen we nu ook hun familiebanden laten zien, en hun verbondenheid met anderen op de plantage.”

De tot slaaf gemaakten in Nederlands-Indië laten zich moeilijker in kaart brengen. “In Suriname werd de afschaffing van de slavernij in 1863 in één keer geregeld,” legt Herder uit. “De eigenaren kregen een vergoeding, de tot slaaf gemaakten moesten nog tien jaar doorwerken. Ook dat werd administratief allemaal nauwkeurig bijgehouden. In het enorm uitgestrekte Nederlands-Indië verliep de afschaffing van de slavernij slepend, op sommige eilanden zelfs tot in het begin van de twintigste eeuw. Mede daarom weten we inmiddels veel over slavernij in het Caraïbisch gebied, en nog relatief weinig over slavernij in Azië.”

Slavernij in het huishouden

Een ander belangrijk verschil is het karakter van de slavernij. In Suriname werden de tot slaaf gemaakten voornamelijk ingezet op de plantages, in Nederlands-Indië kwamen zij in de dienstensector terecht, of in het huishouden van Nederlandse gezinnen. Herder: “Maar ook die mensen kwamen wel degelijk terecht in een koloniaal systeem waarin zij niets hadden in te brengen. Met name in de huizen was sprake van geweld en straffeloosheid. Vrouwen waren overgeleverd aan de grillen van hun eigenaar. Het is een deel van de koloniale geschiedenis dat pas in de laatste jaren meer bekendheid krijgt.”

Over het aantal tot slaaf gemaakten onder drie eeuwen Nederlands bewind lopen de schattingen uiteen: van 600.000 tot zelfs 1,1 miljoen mensen. Dat zijn er aanzienlijk meer dan de 600.000 namen die bekend zijn uit de trans-Atlantische administratie. Herder: “Er moet nog heel veel onderzoek worden gedaan. We willen contact met onderzoekers in Indonesië om ons verder te helpen. In het namenmonument zijn vooralsnog 4000 namen uit Nederlands-Indië opgenomen. Onderzoekers van de Universiteit Leiden hebben ons daarbij geholpen. Maar de lijst is nog verre van compleet. Het namenmonument is een groeiend monument.”

10.000 familienamen

Het namenmonument in het Tropenmuseum is ook een eerbetoon aan de mensen die in het denken van het vroegere Tropeninstituut geen rol speelden. Herder vertelt over de wand met 10.000 familienamen van tot slaaf gemaakten in Suriname en de Antillen, die het museum enkele jaren geleden tijdens Keti Koti in het Oosterpark plaatste. “Toen merkten we hoeveel emoties dat opriep. Bezoekers van het festival gingen op zoek naar namen en lieten zich fotograferen voor de wand. Het was aanleiding voor gesprekken en heftige discussies. We hopen dat de digitale namenwand een vergelijkbare rol kan vervullen.”

Voor het museum is de tentoonstelling een belangrijke nieuwe stap in een metamorfose die in 2014 werd ingezet. Toen ging het Tropenmuseum met het Afrika Museum in Berg en Dal, het Museum Volkenkunde in Leiden en het Wereldmuseum in Rotterdam op in het Nationaal Museum van Wereldculturen. Kenmerkend voor de nieuwe koers: het museum wil een bijdrage leveren aan de bewustwording van de doorwerking van koloniale structuren en verhoudingen. Herder: “Veel ongelijkheid die we vandaag zien, vindt zijn oorsprong in de koloniale tijd. Daar hebben we zelf als instituut ook een aandeel in gehad.”

Onze koloniale erfenis, vanaf 23 juni te zien in het Tropenmuseum

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden