Amsterdam Bewaar

Toch tweede leven voor iconisch glas-in-loodraam Wiegman

Het kleurige kunstwerk van Matthieu Wiegman in het trappenhuis van de Valeriuskliniek in 2010
Het kleurige kunstwerk van Matthieu Wiegman in het trappenhuis van de Valeriuskliniek in 2010 © Johannes Abeling

Het gesloopte glas-in-loodraam van Matthieu Wiegman wordt teruggeplaatst in het nieuwe gebouw op de plek van de oude Valeriuskliniek. De pandeigenaar zei eerder dat de glaskunst 'niet paste' in de nieuwbouw.

De eigenaar heeft na een lobby van een groep (oud-)directeuren van musea, het Cuypersgenootschap en erfgoedvereniging Heemschut besloten het bijzondere werk toch weer op te hangen.

Het kunstwerk uit 1938, dat in het trapportaal van de Valeriuskliniek hing, werd twee jaar geleden bij de sloop van de kliniek verwijderd. De eigenaar, vastgoedontwikkelaar Max de Jong, had een vergunning om het pand - dat geen monumentale status had - te slopen.

Twee derde van het raam is stuk. Alleen het bovenste deel is nog intact. Volgens De Jong is het kapotgegaan toen een bende uit Oost-Europa inbrak in het pand en behalve de bronzen trapleuningen ook de bronzen mechanismen van het glas-in-lood-raam stalen.

Waardige plek
"We hebben een deel van het raam gered en deze met de kapotte stukken in een glasatelier bewaard. In eerste instantie zei ik dat we er geen plek voor hadden, maar in ons nieuwe bouwplan hebben we er wel een waardige plek voor gevonden," aldus De Jong.

Het is een van de belangrijkste ramen uit de jaren dertig en staat ook in alle overzichtswerken vermeld. We hadden beter moeten opletten

Norman Vervat van Heemschut

Een derde deel van het grote kunstwerk wordt in de luifel voor het pand geplaatst. "We hebben achter het hout nog een raam van Matthieu Wiegman ontdekt. Dat komt na restauratie in het trappenhuis aan de kant van de Valeriusstraat te hangen. Het zal zelfs verlicht worden," zegt De Jong, die 29 seniorenwoningen op de plek van de Valeriuskliniek bouwt.

Norman Vervat van Heemschut is blij dat het kunstwerk terugkeert. "Tegelijkertijd is het zeer pijnlijk en een immens verlies voor de stad dat het voor een groot deel verloren is gegaan. Het is een van de belangrijkste ramen uit de jaren dertig en staat ook in alle overzichtswerken vermeld. We hadden beter moeten opletten. Iedereen wist dat het raam er zat."

Beschermd kunstwerk
Stadsdeelvoorzitter Sebastiaan Capel steekt de hand in eigen boezem. "Het is jammer dat we het raam destijds niet een beschermd kunstwerk hebben gemaakt en verzuimd hebben het als monument aan te wijzen. Ik ben de eigenaar dankbaar dat hij het nu toch terugplaatst. Hij is ons niets verplicht."

Matthieu Wiegman (1886-1971) wordt gezien als een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Bergense School. De kunstenaar heeft naast expressionistische schilderijen en wandschilderingen ook glas-in-loodramen gemaakt. Zijn ramen in de Obrechtkerk en de Valeriuskliniek behoren tot de hoogtepunten van zijn monumentale oeuvre.

Architect A. Ingwersen, die de ramen na oplevering van de door hem verbouwde kliniek beschreef, schetste de bedoeling van de kunstenaar: 'Er moest een vreugdevol raam komen. De patiënten, die de spreekuren van de dokters in deze kliniek bezoeken, verkeren uiteraard doorgaans in gedeprimeerde stemming. Wat konden wij voor hen beter doen dan hen bij het binnentreden te laten genieten van de kleur, die immers de muziek van het licht is.'