Plus

The Food Department moet Magna Plaza nieuw leven inblazen

Zestien restaurantjes en drie bars op de tweede verdieping van Magna Plaza moeten het Amsterdamse winkelcentrum nieuw leven inblazen. Zijn horeca en vermaak de remedie tegen de winkelmalaise?

The Food Department op de bovenste verdieping van Magna Plaza moet een miljoen bezoekers per jaar trekken en ook de winkels beneden meer aanloop geven Beeld Eva Plevier

'The Food Department is cruciaal voor heel Magna Plaza," zegt Etienne van Unen. Een miljoen bezoekers per jaar worden verwacht in het nieuwe foodcourt boven in het oude Hoofdpostkantoor in Amsterdam. Zo moeten ook de winkels op de verdiepingen eronder nieuw leven worden ingeblazen.

"Het is een beetje het Ikea-effect; om bij de eetgelegenheid te komen, moet je eerst naar langs de winkels," zegt de directeur retail (winkels) bij vastgoedadviseur Colliers, die door eigenaar Lianeo is aangezocht voor de herrijzenis van het wankele winkelcentrum.

"Met eten en drinken maak je een rustpunt, een anker waar mensen heen gaan. Als dan bij je winkels de mix goed is, met het juiste aanbod, worden mensen aan alle kanten verleid iets te kopen."

De aanpak heeft al succes. "Sinds bekend is dat we vandaag openen, worden we platgebeld door winkels die ook willen huren. Er is serieuze animo van nieuwe hippe retail en formules die de stad nog niet kent." Zo strijkt het Haagse Hop & Stork, 'een 'belevingswereld voor koffie en chocola', neer op de parterre van Magna Plaza, ook al een voorbeeld van het huwelijk tussen horeca en winkel.

Dertien restaurantjes op de tweede verdieping van Magna Plaza moeten het Amsterdamse winkelcentrum nieuw leven inblazen Beeld Eva Plevier

Volgens Kitty Koelemeijer, hoogleraar retail aan Nyenrode University, is het onvermijdelijk dat winkelcentra en winkelstraten veranderen. "Als niemand naar je winkelcentrum komt, kopen ze ook niets. Meer beleving, meer integratie van recreatieve zaken in winkelgebieden is alleen maar goed, dat vergroot de aantrekkingskracht van een gebied. En een langere verblijfsduur leidt tot meer aankopen."

Maar lang niet alle winkels zullen daar volgens haar van profiteren. Recente faillissementen als die van Intertoys, CoolCat of Men at Work en de problemen deze week bij Sissy-Boy of Blokker worden er niet mee voorkomen. "Het werkt misschien voor winkels met leuke hebbedingetjes en impulsartikelen. Maar kleding, witgoed of elektronica ga je niet even kopen als je uit eten gaat."

Volgens Van Unen werkt de horecaremedie echter op veel meer plekken, aangepast aan de locatie. "Kijk naar het Gelderlandplein, daar zijn nu net weer twee winkels verplaatst om plek te maken voor een visrestaurant."

Persoonlijk en menselijk
"In een winkelcentrum als de Amsterdamse Poort moet je dat weer anders doen. Ik denk dat je in de Poort naar een heel gave foodmarkt moet, waar alle culturen uit Zuidoost vertegenwoordigd zijn. Kijk naar de Borough Market in London of de Markthal in Rotterdam.

Het blijft niet bij winkels alleen. Zowel in Amstelveen als in Amsterdam-Noord moeten bioscopen en zelfs musea nieuw leven in winkel­gebieden blazen. "Maar mensen die naar de film gaan, gaan naar de film," zegt winkeldeskundige Cor Molenaar. "Er is geen enkele relatie met winkelen."

"Het is naïef om te denken dat horeca en amusement de problemen in de winkelstraat wel eventjes gaan oplossen. Mensen die winkelen willen best wel ergens een hapje eten. Maar wie uit eten gaat, zal niet tussendoor eventjes winkelen."

Volgens Molenaar is er maar één remedie voor de malaise in de winkelstraat en die ligt bij winkels zelf. "Winkels moeten nadenken hoe ze zich daarvan onderscheiden en dan gaat het echt niet om lage prijzen. Winkels moeten zich richten op persoonlijke, menselijke service om zich te onderscheiden van internet. Er zijn nu veel te veel formulewinkels vol apathisch personeel die niet inspelen op de veranderende behoefte van de klant. Kijk naar Hudson's Bay."

Volgens Koelemeijer zijn er ook simpelweg te veel winkels. "De nieuwe realiteit is dat er behoefte is aan minder winkelmeters. Ook al kopen mensen nog steeds voor het overgrote deel in de winkelstraat, een omzetdaling van 10, 15 procent omdat die aankopen nu via internet wegvloeien, is voor veel ondernemers al te veel."

Beeld Eva Plevier

Met toevoeging van horeca zullen meer mensen komen, maar of ze meer gaan kopen is de vraag. "La Place in V&D deed het fantastisch, maar mensen kochten toch niks bij V&D. Meer eten en drinken in winkels en de winkelstraat lost het fundamentele probleem niet op. Voor sommige winkels is geen toekomst meer."

Een modezaak die tijdens het passen een wijntje schenkt, of een speelgoedwinkel die game-evenementen organiseert: het strikte Amsterdamse verbod om winkels en horeca te mengen, is achterhaald. zegt Etienne van Unen. "Ik denk dat het voor non-foodwinkels belangrijk is dat ze meer aan klantenbinding kunnen doen. Retail heeft het zwaar en moet de mogelijkheden krijgen om klanten te trekken. Je moet als overheid goed nadenken hoe je winkeliers kunt helpen."

Ook Koelemeijer vindt dat Amsterdam het beleid moet bijstellen. "Gemeenten moeten kijken naar een mooie evenwichtige balans in hun winkelstraten en daar passen tegenwoordig mengvormen van winkels en horeca gewoon bij. Je kunt niet als overheid krampachtig tegenhouden waar de consument naar op zoek is. Dat is ouderwets."

Geen toverstaf
"Je zou denken dat je als gemeente er alles aan doet om ervoor te zorgen dat de winkelervaring verrijkt wordt. Ik snap dat verbod nog vanuit de wil de belangen van de bestaande horeca te beschermen, maar het is niet meer van deze tijd. Toeristen of bezoekers van buiten voorkom je sowieso niet met zo'n verbod."

Beeld Eva Plevier

Maar het is volgens haar geen toverstaf voor alle winkelproblemen. "Een koffiecorner in een speelgoedzaak gaat niet werken. Je kunt ook zonder succesvol zijn. Bij Action kan je geen koffie drinken; die trekt op zijn eigen manier klanten."

Van Unen: "Natuurlijk moet je grenzen stellen, een winkel moet geen café worden. Maar kijk per geval wat het oplevert. Is het van toegevoegde waarde of niet? Gewoon puur verbieden dat er een broodje wordt gegeten, dat is te kort door de bocht. Neem die Seafood Shop in de Leidsestraat. Van de gemeente mag je er alleen vis verkopen en niet laten opeten. Maar eigenlijk is het een geweldig concept, dat moet je niet willen tegen­houden."

Domein van toeristen

Magna Plaza, gevestigd in het voormalige Hoofdpostkantoor (1899), werd in 1992 na een fikse verbouwing heropend als winkelcentrum voor Amsterdam door de Zweedse vastgoedmagnaat Lars Magnusson - die het maar meteen naar zichzelf vernoemde. Een groot succes werd het nooit. Bezoekers waren er genoeg, maar vooral op de bovenste verdiepingen hadden winkeliers het moeilijk.

Nadat grote trekkers, zoals muziekzaak Virgin, waren weggetrokken, werd Magna Plaza meer en meer het domein van toeristen. Magnusson - die er vanwege vastgoedverliezen al in 1999 uitstapte - betaalde in 1991 nog 7,5 miljoen gulden voor het pand. Drie jaar geleden kwam het voor 63,5 miljoen euro in handen van het Duitse Intown, inmiddels Lianeo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden