PlusAchtergrond

Tayfun Balcik: ‘Mensen ontmoeten elkaar niet in Nieuw-West. Links zitten ze in hun schimmelhuisjes, rechts de dure woningen’

Drukte, torenhoge prijzen, verruwing: klagen over Amsterdam is makkelijk. Maar wie onderneemt actie voor een betere stad? Tayfun Balcik bijvoorbeeld, die zich met de actiegroep Nieuw-West in Verzet inzet tegen de keerzijde van gentrificatie. Aflevering 1 van een zomerserie over Amsterdammers die voor hun buurt strijden.

Marc Kruyswijk
Tayfun Balcik: 'Als je een parkeerplaats wil, zit je hier zomaar op 1500 euro in de maand. Wie kan dat betalen? Ik niet. De inwoner van Nieuw-West niet.' Beeld Ivo van der Bent
Tayfun Balcik: 'Als je een parkeerplaats wil, zit je hier zomaar op 1500 euro in de maand. Wie kan dat betalen? Ik niet. De inwoner van Nieuw-West niet.'Beeld Ivo van der Bent

Hij haatte Nieuw-West. Hartgrondig. Nieuw-West voelde voor Tayfun Balcik (37) als een gevangenis. Hij kwam er niet weg, en had geen keuze: een andere plek dan bij zijn ouders op zolder was er niet. “Een volwassen man van 36 die gedwongen is nog bij zijn ouders in te wonen, het is vooral heel pijnlijk. Mijn gevoel daarover straalde af op de buurt.”

Maar zoals dat gaat: haat en liefde liggen dicht bij elkaar. Of in ieder geval kunnen ze beide kennelijk tegelijk bestaan, want de liefde voor Nieuw-West is er ook. Jarenlang overheerste echter de woede en de frustratie. En vergis je niet: Balcik voelt nog steeds ergernis over hoe hij jarenlang een leven moest leiden dat hij zelf niet bij een volwassen man vindt horen.

Eindelijk een eigen huis

Maar er is iets veranderd, zijn gemoedstoestand is verbeterd. Sinds hij – op 36-jarige leeftijd – eindelijk, ‘éíndelijk’, een woning voor zichzelf heeft weten te bemachtigen. Na vijftien jaar op een wachtlijst heeft Balcik niet meer alleen een baan en boekt hij maatschappelijke vooruitgang. Hij heeft een huis. Van zichzelf. Of tenminste, hij mag het huren van een woningcorporatie. Een dak boven zijn hoofd, een plek die hij thuis mag noemen.

“Ik hoef me niet meer steeds te verantwoorden. Ik kan mensen ontvangen. Als er bezoek is, kan ik het een biertje inschenken. Ik voel me niet meer beperkt.”

Enigszins betaalbaar

Het maakt alles uit voor Balciks persoonlijk welbevinden. Maar ook voor de manier waarop hij zijn omgeving beziet. Nieuw-West blijkt er ook anders uit te kunnen zien. Een mooie buurt, waar het fijn wonen kan zijn. Groen, weids. En, niet onbelangrijk: een deel van de stad waar de huizen nog enigszins betaalbaar zijn.

Nog. Want ook Nieuw-West verandert. De transformatie is al een tijdje aan de gang en het tempo wordt alleen maar opgevoerd. Binnenstedelingen die de Ring oversteken, met rasse schreden. Op zoek naar woonruimte die niet het overgrote deel van hun inkomsten opsoupeert. Maar wel op fietsafstand van het centrum ligt.

Eilandenrijk

Nieuw-West verandert en daar is op zichzelf niet zoveel mis mee, zegt Balcik. Het wordt gemengder en gemengder is goed, toch? “Dat zou het zeker zijn. Maar mengen is niet wat er gebeurt in Nieuw-West. Het mengt niet. Nieuw-West bestaat uit eilandjes.”

Balcik wijst om zich heen. Hier, op het August Allebéplein, is goed te zien wat er mis is, op welke manier het de verkeerde kant opgaat met de wijk, met de buurt. “Daar, oude woningen. Verwaarloosd, er is soms al tien, vijftien jaar geen onderhoud gepleegd. Terwijl aan de overkant een nieuw appartementencomlex uit de grond is gestampt. Je ziet het op de affiches: een huur vanaf 1225 per maand. Vanaf. Daar komt nog van alles bij. Als je een parkeerplaats wil, zit je zomaar op 1500 euro in de maand. Wie kan dat betalen? Ik niet. De inwoner van Nieuw-West niet.”

Gentrificatieporno

Het zijn allemaal eilandjes, zegt hij. “Mensen ontmoeten elkaar niet, ze komen elkaar niet tegen. Links zitten ze in hun schimmelhuisjes, rechts de dure, moderne woningen. De oude bewoners van Nieuw-West kijken uit hun raam en zien pracht en praal. In de wetenschap dat zij zich dat van hun leven niet kunnen veroorloven. Gentrificatieporno is het.”

Het is de belangrijkste reden dat Balcik zich vorig jaar met een heel stel anderen heeft verenigd in Nieuw-West in Verzet, een groep mensen van diverse politieke achtergronden en levensovertuigingen die in actie wil komen tegen gentrificatie in het stadsdeel. “Dit is een mensenrechtenprobleem. Op veel meer plekken liggen huurders in de clinch met corporaties en huiseigenaren. En voor jongeren en toekomstige generaties wordt het vrijwel onmogelijk om een betaalbare woning te vinden in de buurten waar ze zijn opgegroeid. Daarom moeten we ons verenigen en onze krachten bundelen.”

Splitten om te cashen

Het is ook de reden dat Balcik zich heeft gemeld op het Allebéplein: er is een actie aan de gang waarbij buurtbewoners worden aangespoord elkaar wel te ontmoeten. Er wordt Afrikaans gekookt, kinderen kunnen tegeltjes kapotslaan en die verwerken tot een mozaïek. Ernaast zitten buurtbewoners te dammen.

Wat de organisatoren ermee duidelijk willen maken: het is een buurt en het moet een buurt blijven. “Voor mensen, voor bewoners,” zegt Balcik. Want om die bewoners draait het hoe langer hoe meer niet in Nieuw-West, vindt hij. “Ze splitten woningen om te cashen. Er wordt hier zuiver en alleen voor winst gebouwd. Projectontwikkelaars die dure huizen neerzetten, de gemeente die het toestaat omdat ze er dan veel meer geld aan overhouden. Bedrijven als Blackstone die sociale huurwoningen opkopen en ze onbetaalbaar maken. Woningen worden beleggingsobjecten. Dat zuigt en vreet aan onze toekomst.”

Turken werden hier gedumpt

Het is verdringing, zegt Balcik. “Eerst woonden hier de ouwe Amsterdammers, maar in de jaren tachtig werden de Turken en de Marokkanen naar Nieuw-West gestuurd. Gedumpt kan je beter zeggen. Ik ben daar zelf een product van: geboren in Westerpark, maar dat is allang niet meer betaalbaar. En nu komen hier de mensen wonen die veel meer verdienen. Witte Nederlanders. Het is regelrechte bevolkingspolitiek, er wordt segregatie in de hand gewerkt.”

Corporaties verkopen woningen voor een half miljoen. “Van dat geld kunnen ze drie, vier nieuwe huizen neerzetten, zeggen ze. Ik denk dan: dóé het dan. Bóúw er nieuwe betaalbare woningen voor terug. Maar dat doen ze niet. Ik ben hier grotendeels opgegroeid, ik heb geschiedenis gestudeerd in Leiden, heb een verantwoordelijke baan, werk ook nog als journalist bij de Kanttekening. Maar ik heb vijftien jaar moeten wachten tot er een huis langskwam dat ik me kon permitteren.”

Het moet stoppen, zegt Balcik. “Omdat deze buurt deze buurt moet blijven. Ik heb nu een huis, maar in dit stadsdeel wonen nog zoveel mensen die er niet aan te pas komen. Mijn broertje is 34, die woont ook nog bij onze ouders thuis. We moeten opkomen voor hem, voor mijn buurjongen, voor een generatie Nieuw-Westbewoners die ook een dak boven het hoofd moeten hebben.”

Woongemeenschap

Dus voert hij met een groep medestanders actie. Hij is aanwezig op avonden, voert het woord namens buurtbewoners, hij spreekt in op politieke bijeenkomsten. “Ik breng mensen die op verschillende plekken dezelfde problemen hebben met elkaar in contact.”

En hij komt ook echt in actie. Naast het Allebéplein moet, als het aan Balcik ligt, De Bundel verrijzen: een woongemeenschap voor huurders die nu uit Nieuw-West worden verdreven door sloop en hoge huurprijzen. “De gemeente stelt het open voor inschrijvingen van wooncoöperaties.”

Probleem: de bouw van sociale huurwoningen is er niet toegestaan. “Dat levert de gemeente kennelijk niet genoeg op. Middenhuur, zeggen ze. Maar dat is in de praktijk altijd veel meer dan 800 euro. Ook weer een voorbeeld van structurele segregatie. Ik heb nu dan wel een woning, maar mijn woede is er nog steeds.”

Volgende keer in Buurtstrijders: De Damesbende van Buiksloot

Nieuw-West op z’n best volgens Tayfun Balcik

Voor Tayfun Balcik is het Mondriaanplein de mooiste plek van Nieuw-West. Niet zozeer vanwege het plein zelf, maar vooral om wat hij daar beleefde tijdens de ongeregeldheden van 1998. Bij die rellen op 23 april waren ongeveer 200 jongeren betrokken en voerde de politie charges. Uit een reconstructie erna door het Crisis Onderzoeksteam van de Universiteit Leiden bleek dat de slechte relatie tussen politie en jongeren met een migratie-achtergrond aan de basis lag van de rellen. Balcik, hij was toen een jonge tiener, herinnert zich dat het begon met een jongen die midden op de rotonde bedolven werd onder politieagenten. “Hij was helemaal paars en werd afgevoerd in een arrestantenbus. De buurt kwam toen in opstand en blokkeerde urenlang de straat. We pikken het politiegeweld niet meer, riepen we. Het was grimmig, iemand werd meegesleurd door een rijdende auto. Er werd gevochten. Het was een onderscheidend moment, die dag zette de buurt op de kaart. Het gaf me het gevoel dat ik onderdeel was van iets groters. Ik ging op een gegeven moment naar huis, ik had de volgende dag een geschiedenisproefwerk. Een vriendje bleef hangen, die zei: híér wordt geschiedenis gemaakt. Ik haalde een acht, hij een één. Maar hij had gelijk; het was het inhaleren van de geschiedenis.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden