Nieuws

Stort na zijn winkelvloer, ook Jama’s onderneming in?

Als Saud Jama (32) na jaren solliciteren nog steeds geen werk heeft, start hij zijn eigen onderneming: een kledingwinkel in de Javastraat. Anderhalf jaar na de opening stort de winkelvloer en daarmee ook zijn zaak in. Dinsdagmiddag stond hij tegenover zijn verhuurder in de rechtbank. 

Kledingwinkel The Other Guys in de Javastraat in 2016. Beeld Eva Plevier

“Ik ben deze winkel begonnen, omdat ik door mijn beperking nergens aan de bak kom”, zegt Saud Jama in de kleinste zittingszaal van de rechtbank in Amsterdam. De 32-jarige die uit Somalië vluchtte toen hij 6 jaar oud was, kreeg twee dagen nadat hij slaagde voor zijn havodiploma een hersenbloeding. Hij raakte halfzijdig verlamd en door zijn lichamelijke beperking werd hij keer op keer afgewezen bij sollicitaties. Daarop besloot hij voor zichzelf te beginnen.

Het gebeurde plotseling, volgens Jama. In december, ruim anderhalf jaar na de opening van zijn zaak The Other Guys in de Javastraat, stortte tijdens de openingsborrel van een nieuwe collectie de vloer van zijn winkel in. De stijgende omzet die zich volgens hem tot dan toe voordeed, zakte toen eveneens in.

De winkel bleef vier maanden noodgedwongen gesloten. Vorig jaar werd via een kort geding bepaald dat Mark Witte, eigenaar van het pand, moest opdraaien voor de kosten van een nieuwe vloer. Daarmee is Jama echter niet geholpen: hij eist een winst- en omzetderving van 90.000 euro van de verhuurder. Uit de twee onderzoeken die zijn raadsheer liet uitvoeren, blijkt dat de verhuurder al langere tijd wist dat de vloer rot was.

Boete

Witte eist op zijn beurt meer dan 170.000 euro van Jama. “Hij heeft bijna geen enkele maand op tijd zijn huur betaald en de borg staat nog open.” Voor elke dag dat Jama te laat was met de huur heeft de verhuurder nu 300 euro boete gerekend. “Dat loopt op, inderdaad.”

De verhuurder gelooft wel dat Jama wíl betalen, maar denkt dat hij dat niet kan. Nu de winkel alweer ruim een jaar open is, loopt het immers nog steeds niet goed en wordt er niet eens quitte gedraaid. De wens van Witte is dan ook om het huurcontract te beëindigen.

De rechter draait er niet omheen: als er een vonnis komt in het nadeel van Jama, betekent dat een faillissement voor de ondernemer. “Als je puur naar de feiten kijkt, zijn er ook redenen om te denken: misschien moet ik mijn heil elders zoeken.”

Dat is voor de 32-jarige geen optie. “Ik moet verder, dit is mijn onderneming. Ik vecht voor mijn bedrijf. Als ik stop, wat moet ik dan? Dan sta ik op straat met torenhoge schulden.”

Nachtje over slapen

Witte geeft nogmaals toe dat hij liever van zijn huurder af wil. Jama ziet dat anders: “Meneer wil mij eruit zetten zodat hij de huur omhoog kan gooien. De buurt is immers verbeterd sinds ik erin zit en mijn contract loopt nog zeven jaar.” Maar dat is niet aan de orde volgens de verhuurder.

Jama’s raadsman wil er graag nog een nachtje over slapen. De rechter doet over vier weken uitspraak, tenzij de partijen voor 6 juni anders besluiten. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden